Charles Aznavour viert vandaag zijn 80ste verjaardag op het podium van het Parijse Palais des Congrès.

Alle groten van het chanson zijn dood: Brel, Brassens, Montand, Barbara, Ferré, Bécaud. Maar Aznavour, die in 1924 ter wereld kwam als zoon van Armeense vluchtelingen (hij heette aanvankelijk Chanour Veranagh Aznavourian) weet van geen ophouden. Na een recital kan hij nog altijd in grote woede ontsteken over een te harde gitaar of een lamp die niet goed stond afgesteld. En hij blijft aan zijn teksten schaven, tot ze helemaal opgaan in de melodie.

PAUL-KLEIS JAGER

Zijn kroonverjaardag wordt gevierd met een Bon anniversaire Charles-serie, een reeks van vijf cd's en dvd's en een compilatie van vier cd's met tachtig successen. Het voor de gelegenheid uitgebrachte reusachtige integrale werk slaat alles op dit gebied met stukken: de complete Aznavour, 799 chansons, 40 cd's, zit in een verpakking in de vorm van de Arc de Triomphe.

,,Ik heb het niet gek gedaan” constateert de zanger, die ook uitgroeide tot een veelgeprezen acteur, de laatste jaren vaak in interviews. Meestal wordt ook herinnerd aan het moeizame begin van zijn carrière: men vond hem klein, lelijk en zijn 'klaaglijke, duistere' stemgeluid voldeed niet aan de heersende conventies. Aznavour was voor altijd gedoemd te schrijven voor anderen, voor Piaf onder anderen met wie hij lange - naar eigen zeggen niet seksuele - relatie had.

De ommekeer kwam op een avond in 1959 toen hij in het Alhambra-theater het sterk autobiografische Je m'voyais déjà inzette, over een gefrustreerde artiest die zijn carrière maar niet van de grond kreeg. Aan het eind, zo wil het verhaal, zat niemand nog op zijn stoel.

Met Aznavour brak een nieuw tijdperk aan: hij introduceerde bitterheid, melancholie en hoop in een genre waarin onnozel optimisme en lolbroekerij van artiesten met strooien hoedjes de boventoon voerden. Hij was voorts de eerste die het woord 'ik' gebruikte, de eerste die over de eenzaamheid van homoseksuelen schreef (Comme ils disent), en lang voor Serge Gainsbourg ontketende hij een rel met een lied over seks: in Après l'amour was sprake van verkreukelde lakens en zware ledematen.

Het oeuvre bevat zeker niet alleen juweeltjes en hoogtepunten zoals het jazzy Au creux de mon épaule en het onvergetelijke She, dat Elvis Costello een tijdje geleden nog voor de film Notting Hill opnam. Aznavour begaf zich ook geregeld gevaarlijk dicht in de buurt van de kitsch. La Mama bezwijkt bijvoorbeeld aan het sentiment en Aznavours tremolo dat in dit lied over een stervende mediterrane matriarch larmoyanter dan ooit klinkt: ,,Van heinde en verre zijn haar kinderen gekomen,zelfs Giorgio het zwarte schaap, met zijn armen vol cadeaus. Ze gaat dood, lââââaaa Mâââmaaah...”

Maar wat geeft het? Liefhebbers van Aznavour bevinden zich in goed gezelschap: Ray Charles en Frank Sinatra koesterden een diepe bewondering voor hem. En Bob Dylan vertelde het muziekblad Rolling Stone dat Aznavour wat hem betrof een van de allergrootsten aller tijden was. Dylan werd in 'sixty-something' door iemand meegenomen naar een concert van de chansonnier in Carnegie Hall, en hij wist niet wat hij zag: ,,He blew my brains out, man.”

'Sixty-something' moet 1963 zijn geweest, toen Aznavour de States definitief veroverde. Montand was hem voorgegaan, maar de populariteit van deze French lover aan de andere kant van de oceaan bleek niet blijvend. Aznavour bond de nieuwe markt aan zich met Engelstalige nummers voorzien van een romantisch Franse touch, zoals For me, for me, formidable. En natuurlijk Dance in the old fashioned way: waarbij hij zich op het podium met een denkbeeldige partner tot zijn publiek richt: ,,It's nice to be like thies, dancing chiek to chiek...”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden