Opinie

Charade van Delpeut is knap lastig voor zijn toeschouwers

Het Nationale Toneel met ’Naar Schotland’ van Thibaud Delpeut. 5-8 en 12-16/3 in het Nationale Toneel Gebouw in Den Haag, 4-6/4 in Bellevue, Amsterdam en 18 en 19/4 in de Toneelschuur, Haarlem. Info www.nationaletoneel.nl

„Love me, love me, let me fly away with you”, zingt zij zachtjes voor zich uit. Het is een regel uit een lied van Nina Simone. Jean en Christine lijken een gelukkig echtpaar: ze hebben een mooi huis dat decorontwerper Roel Huisman in de kleine zaal van het nieuwe Nationale Toneelgebouw heeft gebouwd, inclusief een fraaie designkeuken en een open toilet.

Ze hebben geld, een kind, hij een goede baan in de financiële wereld en bovenal houden ze veel van elkaar. Bovendien hebben ze een idyllisch ideaal: ze willen verhuizen naar Schotland, naar een ongerepte natuur, naar een huis bij een meer.

In een onthutsende handeling die stijf staat van de vloeken en de drank, stort schrijver Thibaud Delpeut, die ook de regie voert, in ’Naar Schotland’ zijn personages in een baaierd van ellende. Jean (Jappe Claes) blijkt zijn leven op een taai en onontwarbaar web van leugens te baseren, Christine (Saskia Temmink) vlucht in een wereld van doodsfantasieën.

Hun kind is een doodgeboren baby, en hun liefde is vooral een harde strijd om zelf overeind te blijven. Zij worden voortdurend begeleid door ’stemmen’ die hun gezichten met de videocamera opnemen, en die vaak de gestalten aannemen van het bevriende echtpaar Marcel en Anne (Anne Prakke en Sarah Marie Eweg). Zij zijn de ontmaskeraars van een wanhopige relatie die alleen maar tot een zelfgekozen dood kan voeren.

Het is duidelijk dat Delpeut tal van verwijzingen geeft naar ’Wie is bang voor Virginia Woolf’ van Edward Albee, hoewel ook een flinke dosis Lars Norén door de aderen van dit drama vloeit.

Maar het opvallendst is toch wel dat de schrijver van zijn stuk één charade heeft gemaakt, het spel waarbij iemand door mime iets uitbeeldt wat de anderen moeten raden. Dat spel spelen de vier ook inderdaad, waarbij Christine ’De dood en het meisje’ (tevergeefs) probeert uit te beelden. De muziek van Schubert zet wat dat betreft aan het begin van het stuk de toon.

Maar Delpeut maakt van het hele stuk een soort van charade.

„Als we in de hoofden van Jean en Christine zijn beland, zien wij als publiek paradoxaal genoeg ook de wereld en onszelf. Terwijl we kijken. En denken te weten”, schrijft Joris van der Meer, de dramaturg van Delpeut.

Wel, dat is bij deze toeschouwer althans niet gelukt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden