CDA wordt onvervalst conservatieve partij

Tijdens de achtjarige tocht door de woestijn hebben de christen-democraten hun nieuwe ideologische bronnen gevonden. Ze willen de verantwoordelijkheid van de overheid nu wegnemen en teruggeven aan de burger.

Als we de verhalen mogen geloven is de formatie van een kabinet van CDA en PvdA misgelopen door onenigheid over cijfers, cijfertjes, koppeling of ontkoppeling, cao, WAO, hier een beetje meer en daar een beetje minder. Maar dat is slechts schijn. In de Nederlandse politiek gaat het dezer dagen opnieuw om het vaststellen van regels. Vandaar dat de breuk tussen CDA en PvdA niet primair een kwestie was van een gebrek aan vertrouwen of van fundamentele verschillen van mening over het financieel-economisch beleid. Een enigszins aan het oog onttrokken ideologische breuklijn was beslissend. Het CDA ontwikkelt zich onvermijdelijk tot een conservatieve, centrum-rechtse partij.

Hoe komt het toch, vroeg de Amerikaanse criticus Lionel Trilling zich in 1950 af, dat de liberal (ofwel: progressieve) traditie zulke waardeloze literatuur heeft opgeleverd?

De oorzaak daarvan was volgens Trilling dat het leven in deze traditie enorm gesimplificeerd wordt -en het progressieve denken kan niet anders, want dat streeft naar een rationele ordening van het leven. Het progressieve denken is daarmee hopeloos naïef. Door al te optimistisch uit te gaan van de goedheid van de mens en de kneedbaarheid van de samenleving maakt het geen scheiding tussen illusie en realiteit. Het heeft daarom geen oog voor de tragische dimensies en dilemma's van het leven.

'Liberals' vatten het leven niet. Zij denken materialistisch en vanuit een versimpeling van ethische kwesties. Zij worden beheerst door optimisme en nobele sentimenten. Valse vroomheid en morele zelfbevrediging, neerbuigend medelijden als al te gemakkelijke oplossing voor bepaalde schuldgevoelens, zijn het gevolg. Hun boeken zijn daarom stomvervelend.

Trilling was geen conservatief. Hij wilde de liberale traditie die hij zo ongenadig hekelde, juist helpen en toerusten, omdat hij een zorgwekkend gevaar zag opdoemen: de conservatieve reactie. Niet dat het conservatisme (toen) een intellectuele traditie vormde, maar dat was juist zo riskant. Trilling benadrukte dat een bankroet aan ideeën leidt tot een vlucht in de macht. Laat de conservatieven ideeën vormen en formuleren, laat het tot een intellectueel debat komen tussen de twee culturen die de ene natie bevolken, zodat beide stromingen hun zwakke punten en zelfgenoegzaamheid kritisch zouden evalueren, aldus Trilling.

Wie Trilling dezer dagen herleest, kan zich bijna niet aan de indruk onttrekken dat hij het over 'de PvdA van Wouter Bos' had. Die partij is ideologisch klinisch dood, omdat zij de kloof tussen vooruitstrevende sociaal-liberalen en de traditionele sociaal-democraten binnen haar partij niet durft te benoemen, laat staan intern de discussie over de te volgen koers durft aan te gaan. Nadat de PvdA zich -geholpen door opiniepeiler Maurice de Hond- had hersteld van haar zware verlies in mei 2002, streefde de partij verbeten naar een plek in het bolwerk van de macht. Het nodige opportunisme werd daarbij niet vermeden.

Bij het CDA is het heel anders gegaan. De christen-democraten zijn in 1994 ruw van het pluche gedrukt, maar hebben de lange jaren van oppositie gebruikt voor een overtuigende ideologische herbronning. En wie terugkeert naar zijn wortels, komt tot radicale keuzes. Bij het CDA heeft dat geresulteerd in een politiek profiel dat zich in een enkele zin laat samenvatten ('meer verantwoordelijkheid voor de burgers, de invloed van de overheid terugdringen') maar dat in tal van rapporten voor evenzovele beleidsterreinen concreet is uitgewerkt.

Belangrijker nog is dat binnen het CDA het besef levend is dat het dezer dagen in de Nederlandse politiek helemaal niet primair gaat om cijfertjes. Het gaat niet om het uitvoeren van de regels, maar om het opnieuw benoemen en vastleggen van de regels voor de politieke en publieke ruimte.

Hoezeer de grote vragen van de politiek het CDA momenteel bezighouden, blijkt bijvoorbeeld uit het rapport over de multiculturele samenleving dat Ab Klink, directeur van het wetenschappelijk bureau van het CDA, onlangs heeft gepubliceerd. Het is een gewaagde en moedige studie omdat de christen-democraten in feite een lang gekoesterd ideaal bijstellen. Dat ideaal bestond in een maatschappelijke ordening waarin alle ruimte was voor diversiteit. Zo hadden ze het van Abraham Kuyper geleerd.

Maar de confrontatie met de islam heeft het CDA nu doen inzien dat de rechten en vrijheden voor alle maatschappelijke groeperingen die een integraal onderdeel van dat oude ideaal van de pluriforme samenleving vormen, niet onbeperkt kunnen zijn. Moslims verwerpen immers de grondslagen van onze westerse, liberaal-democratische samenleving. En dus moeten we nu die 'lege' pluriforme samenleving een inhoudelijk fundament geven door een aantal kernwaarden te benoemen en van alle nieuwkomers onvoorwaardelijke integratie in die ideeën te eisen.

Vanuit een doordenking van de spanning tussen zijn eigen politiek-filosofische traditie en de actualiteit maakt het CDA dus duidelijke keuzes. En die keuzes voeren naar de VVD als natuurlijke coalitiepartner. Klink heeft dat onlangs zelf gezegd: het CDA staat met 'zijn concepten' dichter bij de VVD dan bij de PvdA. Beide partijen bepleiten, aldus nog altijd Klink, het terugdringen van de rol van de overheid en het teruggeven van verantwoordelijkheid aan de burgers. PvdAers daarentegen willen de overheid een te grote greep op het leven van de burgers geven.

De ideologische kloof met D66 blijft ondertussen levensgroot en zal tijdens de komende besprekingen tot de nodige complicaties leiden. De keuze voor de LPF ligt meer in de rede.

Het CDA is hiermee uitgegroeid tot een onvervalst conservatieve partij. Niet alleen de herontdekking van de eigen traditie tijdens de achtjarige tocht door de woestijn hebben daaraan bijgedragen, maar ongetwijfeld ook de ervaring die de partij in Europa heeft opgedaan. In Straatsburg maakt het CDA deel uit van de conservatieve EVP, met fractiegenoten afkomstig uit de Duitse CDU/CSU en de Engelse Tory's. Alleen in de Benelux bestaat er christen-democratie. En het christen-democratische denken is historisch gezien niet meer dan een verbijzondering van het conservatieve.

De kans is dus allesbehalve denkbeeldig dat het CDA -net als conservatieve partijen elders in Europa of in de Verenigde Staten- uitgroeit tot een brede kerk, samengesteld uit traditionele christen-democraten, christelijk rechts, klassiek-liberalen en (neo-)conservatieven. Het nieuwe kabinet is in feite een voorproefje van dit hoopvolle experiment.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden