CDA-senatoren stemmen tegen 'CDA-wet'

INTERVIEW 'Het is te kort dag voor de overheveling van zorg naar gemeenten'

Met een nipte meerderheid keurde de Eerste Kamer gisteren de overheveling van zorgtaken uit de AWBZ naar de gemeenten goed, net als eerder de Tweede Kamer. Het was nog spannend of de CDA-fractie in de senaat voor of tegen zou stemmen. Het werd tegen. CDA-senator Anne Flierman legt uit waarom.

Was die tegenstem een opdracht van hogerhand? De CDA-fractie in de Tweede Kamer had immers ook tegen gestemd.

"Nee. We maken een eigen politieke afweging. Natuurlijk speelt mee dat het wetsvoorstel aansluit bij het gedachtengoed van het CDA. Maar wij maken ons zorgen over de uitvoerbaarheid. Dat heeft Mona Keijzer in de Tweede Kamer ook verwoord. Daar zit geen licht tussen. Maar in ons stemgedrag zijn wij echt niet gebonden aan de Tweede Kamer. Dat hebben wij bijvoorbeeld bij de stemming over de kindregelingen laten zien. We maken telkens een eigen afweging."

Staatssecretaris Van Rijn noemt zijn wet zelfs een CDA-wet. Hij probeerde u nog te verleiden voor te stemmen door te citeren uit het verkiezingsprogramma van uw partij.

"Ja. De staatssecretaris was kennelijk door mij geïnspireerd, want in mijn bijdrage had ik ons program ook al uitvoerig geciteerd."

Wat was uw grootste bezwaar?

"Dat je de uitvoering niet meer redt in de vijf, zes maanden tot 1 januari 2015, de ingangsdatum van de wet. Een half jaar hebben de gemeenten daarvoor. Dat is te kort dag. Voor 1 oktober moeten gemeenten contracten hebben afgesloten met de aanbieders van zorg. Uiterlijk 1 november moeten ze allemaal een beleidsplan hebben opgesteld. Die volgorde is ook al niet logisch. Logisch zou zijn dat de gemeenten eerst informatie verzamelen, nadat de wet is aangenomen. Dat ze daarna een beleidsplan opstellen en dat ze tot slot aanbieders van zorg contracteren."

U heeft voorgesteld de wet nu wel aan te nemen, maar een paar maanden voor het einde van het jaar nog een 'go/no go'-moment in te lassen, om op basis van de stand van zaken op dat moment de invoeringsdatum van de wet eventueel uit te stellen tot 1 januari 2016.

"Ja, maar het antwoord dat ik kreeg was dat dít het moment van go of no go was. Had de staatssecretaris ingestemd met mijn voorstel dan was het nog een knap lastige afweging voor ons geworden."

Bizarre stemming

De stemming over het wetsvoorstel van Van Rijn had een bizar verloop. Op verzoek van de PVV-fractie (tegen de wet) zou er hoofdelijk gestemd worden. Maar GroenLinks-senator Tof Thissen (ook tegen het voorstel) zei dat hij door de zieke SGP-senator Gerrit Holdijk (voor de wet) was gebeld met het verzoek niet mee te stemmen. Daarmee ging hij akkoord. Dat heet pairen, een goed parlementair gebruik om te voorkomen dat het lot van een wetsvoorstel bij een hoofdelijke stemming door het toeval van een afwezige zieke wordt bepaald. Zonder de stem van de SGP'er zou het wetsvoorstel geen meerderheid halen. Nu Thissenook niet mee zou stemmen, was die meerderheid er weer wel. Daarop trok de PVV het verzoek om een hoofdelijke stemming weer in. Stemmen per fractie was nu voordeliger, omdat het wetsvoorstel zonder aanwezigheid van de SGP-fractie (bestaand uit één man, Holdijk) zou sneuvelen. Op voorstel van D66-fractieleider Roger van Boxtel kwam er uiteindelijk toch een hoofdelijke stemming. Uitslag: 37 voor, 36 tegen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden