Interview

CDA oneens met Europese collega's over aanpak 'dieselgate'

Onderzoek naar de uitstoot van een Volkswagen Beeld epa
Onderzoek naar de uitstoot van een VolkswagenBeeld epa

De machtige christen-democraten in het Europees Parlement zijn verdeeld over de aanpak van de autoindustrie in het parlementaire onderzoek naar het Volkswagen-schandaal. "Er is verschil van inzicht tussen het CDA en de rest van de christen-democratische EVP-fractie", zegt Europarlementariër Wim van de Camp. Een debat-interview met Van de Camp en de andere twee Nederlanders in de onderzoekscommissie, Bas Eickhout (GroenLinks) en Gerben-Jan Gerbrandy (D66).

Het Volkswagen-schandaal over de 'sjoemelsoftware', blootgelegd in de Verenigde Staten, is alweer ruim een half jaar oud. Eind vorig jaar besloot het Europees Parlement het zware middel in te zetten van een 'onderzoekscommissie naar de metingen van emissies in de automobielsector', in de volksmond de commissie-dieselgate. Het onderzoek duurt zeker tot begin volgend jaar.

In de commissie zitten 45 Europarlementariërs, onder wie drie Nederlanders. Gerben-Jan Gerbrandy (D66) heeft de prominentste rol: hij schrijft het eindrapport. Bas Eickhout (GroenLinks) is coördinator van de Groenen, de initiatiefnemers van de onderzoekscommissie. Wim van de Camp (CDA) is 'gewoon' lid.

De christen-democratische Europese Volkspartij (EVP) waarvan het CDA deel uitmaakt, en waarvan veel leden uit grote autolanden gelden als politieke belangenbehartigers van de autoindustrie, was grotendeels tegen dit parlementaire onderzoek. Ook Van de Camp stemde tegen.

Het onderzoek richt zijn pijlen niet zozeer op de autoindustrie, maar op de besluitvorming en de naleving van afspraken op zowel Europees als nationaal niveau.

Vandaag is in Brussel de eerste van een lange reeks hoorzittingen. In de beginfase komen technische experts aan het woord. In juli neemt de spanning toe: dan wordt zowel de vroegere als de huidige Volkswagen-top gegrild door de parlementscommissie. Bovendien gaan de politiek verantwoordelijken van zowel de vorige als de huidige Europese Commissie deze zomer te biecht.

Wat wil de commissie bereiken en wat is jullie persoonlijke inzet daarbij?
Gerben-Jan Gerbrandy (GJG): "Ik wil opgehelderd krijgen hoe we een systeem hebben opgetuigd dat in de praktijk lastig toepasbaar bleek te zijn, en waarbij we de Amerikanen nodig hadden om erachter te komen dat we werden bedrogen. Dat is terugkijkend. Vooruitkijkend moeten we bezien of deze diffuse taakverdeling tussen het Europese en het nationale niveau niet vaker geldt in Europa. We zouden lessen kunnen trekken die verder gaan dan de autoindustrie."

Wim van de Camp (WvdC): "Daar ben ik het grotendeels mee eens. Gerben-Jan gebruikt het woord 'bedrogen'... bij Volkswagen mag je dat zeggen. Andere automerken bedriegen niet, voor zover we nu weten. De bedoeling is dat we een les leren voor de toekomst. We moeten de waarheid boven tafel krijgen, zonder de autoindustrie te beschadigen. Dat is voor onze EVP een belangrijk criterium. We willen grondig onderzoek maar geen heksenjacht."

Bas Eickhout (BE): "Het is juist in het belang van de Europese autoindustrie dat hier onderzoek naar wordt gedaan, om de geloofwaardigheid te herstellen. Dus ben ik niet zo bang voor heksenjachten. De vraag is: hoe kunnen we een einde maken aan de verstrengeling van industrie en politiek, zowel Europees als nationaal. Dat we dat beter uit elkaar kunnen trekken, is voor mij het belangrijkste."

WvdC: "Cruciaal is de vraag: was er laksheid in het spel of boze opzet? In het systeem van de Europese Commissie zitten laksheid-bevorderende werkwijzen. Maar op bepaalde punten is ook sprake van boze opzet. Dat onderscheid - en dan heb ik het over boze opzet versus heksenjacht - moeten we helder krijgen, anders gaan we nat."

GJG: "Ik ben niet bang voor 'nat gaan'. We moeten ook goed kijken naar de kwaliteit van de wetgeving die we zelf hebben gemaakt. Je hoort nu dat er uitzonderingen zijn gemaakt op het verbod uit 2007 op sjoemelsoftware, zodat die via omwegen toch weer was toegestaan. Waarom is dat gebeurd? Hoeveel juristen, betaald door de industrie, hebben dat voor elkaar gekregen? Ik heb verhalen gehoord van ambtelijke werkgroepen waar twee vertegenwoordigers van de Europese Commissie in zitten, twee vertegenwoordigers van de lidstaten en zestig vertegenwoordigers van de industrie.

"Iets anders is die nieuwe, meer realistische testmethode die we nu hebben ontwikkeld, met grote invloed van de autoindustrie zelf. Terwijl de Amerikaanse autoriteiten zeggen: hoe wij testen, is geheim. In de handhaving zijn de Amerikanen vele malen harder dan de Europeanen. Het blijft raar dat wij in de rechtsstaat Europa zo losjes met de handhaving omgaan."

Dus jullie gaan ook naar eventuele wetgevingsfouten van jullie eigen parlement kijken?
BE: "Als wij zelf niet opletten, en zeggen: de uitwerking van een wet is te technisch, dat moet je aan experts overlaten, dan kun je zeker concluderen dat wij het als parlement hebben laten lopen. Dan moet je ook niet achteraf zeggen dat je bent gepakt door de autoindustrie. Wat pijnlijk gaat worden, en exemplarisch voor het Europese beleid, is dat er een groot, georganiseerd onderling wantrouwen is tussen lidstaten. Dat is ook een fundamenteel verschil tussen de Verenigde Staten en de EU. Hier zeggen de landen: als wij niet duidelijk afspreken hoe een test eruit gaat zien, biedt een land een makkelijkere test aan. Dan gaat de autoindustrie shoppen tot ze de makkelijkste vinden."

WvdC: "Dan komen ze in Luxemburg uit."

BE: "Klopt. Maar Malta heeft ook een aantal leuke auto's toegelaten. Door dat wantrouwen willen de landen een zo gedetailleerd mogelijke test afspreken. Dat is heerlijk voor de industrie, want die zit dan aan tafel vanwege de technische kennis. Dat is ook een groot verschil met de VS. Daar kunnen ze zeggen: we gaan jullie testen maar zeggen niet hoe. In Europa is dat onmogelijk omdat we elkaar niet vertrouwen."

WvdC: "Dat brengt mij terug op dat 'leren voor de toekomst'. Als ik zie wat we allemaal gaan doen als commissie, wordt het wel heel veel terugkijken."

Jullie nemen het op tegen grootmachten, zowel in de politiek als in de industrie. Hoe zorgen jullie ervoor dat de autoindustrie schrik krijgt van jullie werk?
WvdC: "Professionaliteit. Dat is het enige waar ze naar luisteren. Als we het professioneel doen, zonder al te veel emoties, kunnen we ver komen. Het moet gebaseerd zijn op feiten, en dat mis ik weleens. Wat wij misschien te veel doen aan werkgelegenheidsbescherming, doen anderen te veel met emoties."

BE: "Als je het hebt over 'op feiten gebaseerd': de normen in Europa zijn veel slapper dan in de Verenigde Staten, minder ambitieus dan de Wereldgezondheidsorganisatie adviseert, op stikstofoxiden en op fijnstof."

WvdC: "Het gaat mij niet alleen om de normen, maar hoe je ermee omgaat."

BE: "Maar dit is nog maar deel één. Deel twee is dat de huidige auto's veel meer mogen uitstoten dan zelfs die slappe normen toelaten, omdat wij die tests in laboratoria doen. Feit drie is dat Volkswagen, en misschien ook anderen, de boel heeft bedrogen. Dat zijn drie keiharde feiten. Dan kun je toch moeilijk zeggen dat er op emotie wordt gespeeld."

GJG: "Even terug naar de oorspronkelijke vraag: het is niet mijn doel om de autoindustrie bang te krijgen. Maar ze moeten ons wel serieus nemen. Ik vraag me af of ze dat nu doen. Ik was onlangs bij een bijeenkomst van de Rai (Nederlandse belangenvereniging van de automobielsector, red.) en heb daar iets gezegd over deze onderzoekscommissie. Ik voelde, maar hoorde ook gewoon allemaal zuchten door de zaal gaan, zo van: 'wat een onzin'.

"Ik geloof best in het Nederlandse poldermodel van overleg met alle betrokken partijen. In feite is Europa een groot Nederlands poldermodel. Iedereen mag aanschuiven. Maar als blijkt dat te veel vanuit de industrie wordt voorgeschreven, is dat uit het lood geslagen."

BE: "Het is in Europa wel een scheefgetrokken polder."

WvdC: "Ik vind de vergelijking ook niet zo gelukkig, want de polder in Nederland is supergereguleerd. Uiteindelijk komen we allemaal bij Mariëtte Hamer terecht (voorzitter van de Sociaal-Economische Raad, red.) Maar hier speelt: grote landen versus kleine landen, grote industrieën en macht."

Blikken we even vooruit naar jullie eindrapport. Hoe groot is de kans dat straks de Europese Commissie een beetje schuldig is, en de lidstaten het een beetje fout hebben gedaan, en de auto-industrie ook... Wordt de schuldvraag niet zó verwaterd dat er uiteindelijk niets verandert?
BE: "Dat iedereen schuldig is en daardoor niemand? Dat risico is er."

WvdC: "De vraag is wat je wil. Je kunt zeggen: het rapport moet schuldigen opleveren. Je kunt ook zeggen: de commissie komt met tien aanbevelingen voor de toekomst. Het aanwijzen van schuldigen moet wel onderdeel zijn van het eindrapport, maar is wat mij betreft niet het laatste hoofdstuk."

GJG: "Ik vind dit een typisch Nederlandse journalistieke vraag. In Nederland draait het alleen om het poppetje. De vraag bij enquêtecommissies is altijd: kan de minister blijven zitten of moet die opstappen. Wat er allemaal nog achter zit aan technische of juridische zaken, doet er niet toe. Het gaat om de kop van de minister die al dan niet moet rollen. Veel belangrijker vind ik of wij kunnen blootleggen dat dit een falend Europees systeem was, waarbij de taakverdeling tussen Europees en nationaal niveau niet goed was geregeld. Of waarbij lidstaten een soort niet-aanvalsverdrag naar elkaar hebben."

BE: "Het wordt wel belangrijk dat je bij onze aanbevelingen een beetje uit elkaar kunt trekken wie nou verantwoordelijk was voor wat. Uiteindelijk, en dat blijft mijn grootste zorg voor Europa, heeft dat georganiseerde onderlinge wantrouwen ons in deze situatie gebracht."

WvdC: "Is het wantrouwen? Of is het vooral: laat maar waaien?"

GJG: "Ik denk ook dat wantrouwen niet het juiste woord is. Als dat het was, kun je besluiten om dit te laten regelen door de Europese Commissie als onafhankelijke instantie."

BE: "Die wantrouwen we helemáál."

GJG: "Het gaat ook om het wanhopig vasthouden aan nationale soevereiniteit en controle. Als je zaken regelt in Europese wetgeving, moet je ook bereid zijn taken over te dragen aan het Europees niveau."

BE: "Ik ruil wantrouwen graag in voor een ander woord, maar het is toch echt wantrouwen van de nationale instanties naar de Europese. Iedereen ziet: dit is niet goed, maar ja, gaan we het dan Brussels maken? Dat willen we dan ook weer niet."

WvdC: "Dat is nog wel een nuttige boodschap voor het eurosceptische Nederland. Want dit dossier vergt wel meer Europa hè."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden