CDA houdt zijn geboortepapieren bij het vuur

Is het CDA bezig zijn geboortepapieren te verbranden om de politieke samenwerking met de PVV te kunnen voortzetten? Als het gespin uit het Catshuis klopt, wordt het budget voor ontwikkelingssamenwerking met een kwart gekort en zal Nederland voor het eerst onder de internationale norm (0,7 procent van het nationaal inkomen) zakken. In ruil voor deze schotel linzenmoes zou de PVV bereid zijn het taboe op veranderingen in de WW en de hypotheekrenteaftrek op te heffen.

Bij zijn aantreden in het najaar van 2010 typeerde ik het kabinet onder aanvoering van de liberaal Rutte als 'een kabinet van stilstand en verschansing'. De politieke basis was te smal om de fricties op tal van terreinen (wonen, arbeid, pensioen, zorg) voortvarend aan te pakken. Voor zover CDA en VVD bereid waren tot hervormingen, werd dat geblokkeerd door een PVV die zich niet alleen opwierp als hoeder van de christelijke cultuur maar, aangestoken door het electorale succes van de SP, ook als verdediger van de nationale verzorgingsstaat.

De gedoogconstructie die tot stand kwam oogde als een gammel voertuig, aangedreven door een ferme machtswil van Rutte, Verhagen en Wilders. Rutte poogde zijn regeerprogram nog wel van een zekere bezieling te voorzien door er het beeld van de 'Nederlandse Droom' aan te verbinden, de belofte van een energieke kansenmaatschappij, maar daar is weinig van overgekomen. Nederland is de afgelopen anderhalf jaar steeds meer in de nationale schulp gekropen, waarbij het materiële egoïsme de boventoon voerde en nieuwe internationale ontwikkelingen en realiteiten, zoals de betekenis van een dubbele nationaliteit in een kleiner wordende wereld, de rug werden toegekeerd.

De onevenredig grote aanslag op het budget voor ontwikkelingssamenwerking die dreigt, past volledig in die trend. In 1980, toen het CDA werd gevormd, zat Nederland met een budget van 1,5 procent van het nationaal inkomen ver boven de internationale norm. Het leek lange tijd een ernstig streven die norm overeind te houden. In de grote bezuinigingsslagen van de eerste twee kabinetten-Lubbers, de grote bloeiperiode van het CDA, bleef het budget onaangetast. Begin jaren negentig legde de partij, die daar erg trots op was, de norm van 1,5 procent zelfs als minimumgrens in haar herziene beginselprogram vast. Maar zoals zo vaak als je iets vastlegt omdat je kennelijk jezelf niet vertrouwt, is het budget sedertdien onder verscheidene kabinetten gedaald tot de internationale norm.

Alle grote partijen hebben aan die verlaging meer of minder meegewerkt. Dat geldt zelfs voor Jan Pronk, de PvdA-politicus die als minister van ontwikkelingssamenwerking in verscheidene kabinetten de verpersoonlijking is geworden van de internationaal betrokken houding van Nederland, samen met zijn partijgenoot Max van de Stoel en de christen-democraten Van den Broek, Kooijmans en Bot. Maar nu is er iets anders aan de hand. In de eerste plaats gaat het om een onevenredig grote bezuiniging, in de tweede plaats is het een politiek feit van de eerste orde, zowel in de nationale politiek als op het wereldtoneel, dat Nederland de internationale norm loslaat. Ook als het om de helft van het bedrag gaat dat nu naar buiten is gebracht, zou dat al het geval zijn.

Het was nog iets anders geweest als aan een ingreep in het ontwikkelingsbudget een ernstig politiek debat over nut, noodzaak en doelmatigheid was voorafgegaan. Nu laat de bezuiniging zich aanzien als de sluitpost van onderhandelingen, die het mogelijk maakt de politieke overlevingstocht te rekken. Wilders had, weten we uit zijn tweets, nog veel rigoureuzer in het budget van staatssecretaris Knapen (CDA) willen kappen, maar hij kan gerust zijn, met deze uitkomst zal hij het CDA al recht in de ziel treffen en beschikt hij, tenzij Knapen zijn conclusies trekt, over een tweede bewindsman in het kabinet, naast Leers, die als minister van immigratie trouwhartig de marsorders van de PVV-aanvoerder uitvoert.

Twee kanttekeningen bij het voorgaande. De eerste is dat er nog geen akkoord is, al lijkt de weg daarvoor vrij na de 'moeizame fase' in het midden van de afgelopen week. Maar een akkoord is pas een akkoord als de laatste punt is gezet. In de tweede plaats zal dit akkoord, dat vanwege de ingrijpende bezuinigingen zeer verstrekkend is, niet alleen de goedkeuring van de bewindslieden moeten verwerven, maar ook dat van de coalitiefracties. In het Catshuis overleggen niet de ministers, maar de politieke toppen van de drie samenwerkende partijen. Het is monisme ten top. Toch komt zowel de bewindslieden als de Kamerleden de soevereiniteit toe de eigen knopen te tellen en af te wegen: neem ik dit voor mijn verantwoordelijkheid of niet.

Vanwege het verreikende karakter, inhoudelijk zowel als politiek, is er voor het CDA alle reden bij wijze van tussenstap het akkoord ook aan de partijleden voor te leggen. Hoewel niet gebruikelijk in een partij die vertrouwen delegeert aan de gekozen vertegenwoordigers, zou dat na het formatiecongres in het najaar van 2010 niet meer dan logisch zijn. Zo er al niet sprake is van een tussenformatie, komt de stap die nu zal worden gezet neer op een krachtige herbevestiging van een samenwerking die binnen de partij omstreden is. Belangrijker is nog dat met een monsterbezuiniging op het ontwikkelingsbudget de geboortepapieren van het CDA in het geding komen, waarin internationale publieke gerechtigheid met hoofdletters is geschreven.

Als Verhagen en Van Haersma Buma met een rigoureuze bezuiniging instemmen, nemen zij een groot risico op nieuwe verdeeldheid, net nu partijvoorzitter Ruth Peetoom de scherven en brokstukken van de formatie had opgeruimd en een nieuwe lente daagde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden