CD-recensies

CD's op vrijdag: De gesmoorde melancholie van Lykke Li

Deze week is de afscheidsweek van dirigent Yannick Nézet-Séguin van het Rotterdams Philharmonisch, en Deutsche Grammophon zet dat luister bij met een fraaie box die de vruchtbare band van de Canadees met het Rotterdamse orkest viert. 

Verder luisterde de muziekredactie naar de gesmoorde melancholie van Lykke Li, de zomerse retropop van Tami Neilson, de jonge jaren van Arvo Pärt en het minimalisme van de Zuid-Koreaanse jazzmuzikante Jiha Park.  

De Rotterdamse erfenis van Yannick 

KLASSIEK 


Yannick Nézet-Séguin
The Rotterdam Philharmonic
Orchestra Collection (DG)
★★★

Afgelopen zaterdag, op de dag dat Yannick Nézet-Séguin afscheid nam als chef-dirigent van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, presenteerde Deutsche Grammophon een box met zes cd’s onder de titel ‘The Rotterdam Philharmonic Orchestra Collection’. Live-opnamen, allemaal gemaakt in de Doelen, die een soort van gestolde erfenis vormen van de vruchtbare band die het Rotterdamse orkest en de Canadese dirigent het voorbije decennium hadden. Het is nu aan opvolger Lahav Shani om die fraaie erfenis van Yannick hoog te houden. Toevallig maakt Shani vanavond zijn debuut bij het Concertgebouworkest. Zeer waarschijnlijk zijn laatste optreden daar voorlopig, want een ongeschreven wet leert dat Rotterdamse chefs niet voor het Amsterdamse orkest staan – en omgekeerd.

De Canadese dirigent Yannick Nezet Seguin op de bok bij het Rotterdamse Philharmonisch in september 2017.Beeld Werry Crone

De opnamen in de fraaie collectie werden gemaakt in 2011 (Bartók), 2012 (Haydn), 2013 (Turnage), 2014 (Debussy), 2015 (Tsjaikovski) en 2016 (Bruckner, Mahler, Beethoven, Dvorák en Sjostakovitsj). Die opsomming van componisten geeft aan dat Yannick niet eenkennig was in die tien jaar. Het repertoire in de box is veelzijdig en geeft een mooie dwarsdoorsnede van wat Nézet-Séguin als chef allemaal voor elkaar heeft gekregen.

De opnamen van de grote symfonieën (Bruckners Achtste, Mahlers Tiende, Beethovens Achtste, Sjostakovitsj’ Vierde en Dvoráks Achtste) stammen allemaal uit 2016. Best jammer dat het kennelijk niet mogelijk was om de uitvoering van Mahlers Achtste van dit voorjaar in de box op te nemen. Een opname van die overweldigende uitvoering was een mooie opvolger geweest voor de historische Rotterdamse uitvoering in Ahoy onder leiding van Eduard Flipse in 1954.

Dat men hier voor Mahlers Tiende koos, is overigens verre van een straf, want Yannicks ferme geloof in dit door anderen voltooide symfonische torso is al net zo overduidelijk als dat van Riccardo Chailly of Simon Rattle. Een machtige, ontroerende uitvoering is het.

In 2011 valt overigens al op hoeveel ritmische precisie, scherpte en variëteit in kleuren Nézet-Séguin uit het orkest wist te halen. Bartóks Concert voor orkest spettert werkelijk de speakers uit. Messcherp gefileerd is ook Sjostakovitsj’ Vierde. Uitgebeende muziek, bleek uitgeslagen – als een stomp van ruim een uur in je maag. Schitterend hoe de dirigent hier de opbouw realiseert en de spanning geen seconde laat wegebben. De roemruchte koperblazers van het Rotterdams bewijzen zich hier geweldig, net als in Bruckners uitmuntende Achtste –dat laatste deel!

En wat heerlijk dat deze combinatie de muziek van Haydn zo goed en fris van de lever kan laten sprankelen. Zijn ‘Trauer’-symfonie flitst met een minimum aan vibrato en een maximum aan frasering voorbij. Het Pianoconcert van Mark-Anthony Turnage was een opdracht van het Rotterdamse orkest dat er in 2013 met Marc-André Hamelin als solist de wereldpremière van verzorgde. Jazzy met een twist, klassiekerig met een draai, lekker uitgevoerd. En dat Yannick Beethoven kon dirigeren, weten we sinds zijn debuut als Rotterdamse chef in 2008, toen hij met een meesterlijke ‘Eroica’ zijn visitekaartje afgaf. Beethovens Achtste hier is van hetzelfde kaliber. (Peter van der Lint)

De gesmoorde melancholie van Lykke Li

POP 

Lykke Li

So sad so sexy (RCA / LL Recordings) 

★★★☆☆

In de vier jaar tussen haar veelgeprezen ‘I Never Learn’ en haar nieuwe album, verhuisde de Zweedse Lykke Li naar Los Angeles, kreeg ze een kind en verloor ze haar moeder. De twintiger werd een dertiger. En toch is deze vierde langspeler ‘So sad so sexy’ wederom vooral een aloude zwelgplaat over gebroken harten en gesmoorde liefdes.

Wel is vooral die verhuizing naar Amerika te horen in de verklanking daarvan. Haar indiepop schuurt opeens flink tegen hiphop en r&b aan, dankzij een keur aan hippe producers als Malay (Frank Ocean, Lorde) en Jeff Bhasker (Kanye West). Met wisselend resultaat: van heerlijk verleidelijke altpop-tracks zoals ‘Deep end’ en ‘Two nights’ tot het hipdoenerige ‘Sex money feelings die’ dat in productie net wat te overdreven refereert aan Kanye West. Daarbij klinkt de welbekende melancholie van Lykke Li door de nevelige productie wel heel erg verdoofd. Neem ‘Last piece’, waarin ze zingt hoe ze het laatste stukje van haar hart zelf wil houden voordat hij het aan het stukken scheurt. De mistige synths, galmende toms en zwevende gitaar persen elke emotie uit deze toch niet onaardige strofe. En zo is er meer dat niet bepaald wint aan overtuigingskracht of urgentie, door die volle laag plamuur die eroverheen zit gesmeerd. Het moois daaronder schijnt maar af en toe door de kieren.  (Joris Belgers)  

Jiha Park zoekt de balans in haar minimalisme 

JAZZ/WERELD
Jiha Park
Communion (Tak:til)
★★★

Minimalisme is in. De drukke tijd waarin we leven, vraagt voor velen om een tegenwicht en daarmee is ongetwijfeld het hernieuwde succes van rustbrengende muziek verklaard. Precies daar zit ook vaak het probleem bij de verse hausse aan minimalistische muziek. Musici in het genre willen de overprikkelde luisteraar namelijk meestal niet opzadelen met extra prikkels, maar vergeten daarbij dat muziek zonder spanning op zijn best saai en op zijn ergst bloedirritant is. 

De Koreaanse multi-instrumentalist Park Jiha maakt muziek die goeddeels sober is. Elke noot die ze niet per se nodig heeft, is weggelaten, zoals ook de instrumentatie uiterst spaarzaam is. Daarnaast zijn er de voor minimal typerende herhalingen en subtiele variaties, naast de wiegende ritmes die ontspannend werken. Bij Park Jiha is dat allemaal maar een deel van het verhaal. Steeds doorbreekt ze wat ze heeft opgebouwd met heftige interventies of de toevoeging van een ongemakkelijke klankkleur zoals van de Koreaanse blaasinstrumenten de piri en de saenghwang. Wat comfortabel leek, wordt zo op slag onbehaaglijk. Jiha zoekt nog de perfecte balans, maar wat ze doet, is onalledaags en spannend. (Mischa Andriessen

Terug naar de jonge Arvo Pärt 

KLASSIEK 
NFM Wroclaw Philharmonic
Pärt Symfonieën (ECM)
★★★★☆

Even het geheugen opfrissen: hoe klonk de muziek van de jonge Arvo Pärt ook alweer? De Estse dirigent Tonu Kaljuste, fanatiek pleitbezorger van componisten uit eigen land, leidt de vier symfonieën van de inmiddels tweeëntachtigjarige Pärt – de eerste drie werden geschreven tussen in 1964 en 1971, de vierde in 2008.

De algemeen bekende Pärtstijl – mysterieus, sacraal, troostend – is ontstaan in de loop der tijd en is terug te horen in de Vierde symfonie, en de Derde wijst al lichtjes in die richting. Pärt vond zijn muzikale taal tijdens periodes van bezinning, waarin hij zich onder meer verdiepte in gregoriaanse muziek en meerstemmigheid uit de renaissance.

In de eerste twee symfonieën klinkt een grillige, tamelijk scherpe taal: boeiend en krachtig, althans, in deze uitvoering. Hoewel er best wat aan te merken valt op de blazersafdeling en de hoge strijkers, tonen Kaljuste en het NFM Wroclaw Philharmonic affiniteit met de muziek van Pärt. Ze leggen eerlijke bezieling in hun klank. Goed idee, vier op een rij, voor het begrip van een interessant stukje muziekgeschiedenis. (Frederike Berntsen

Zomerplaat met #MeToo-addertje 

POP
Tami Neilson
Sassafrass! (Outside/V2)
★★★★☆

De sfeer zit er meteen goed in op het openingsnummer ‘Stay Outta My Business’ van Tami Neilsons nieuwe album ‘Sassafrass!’. Het is een uiterst aanstekelijk rockabilly-nummer waarbij stilzitten onmogelijk is. Bovendien laat de song ook horen dat de in Canada geboren, in Nieuw-Zeeland woonachtige zangeres over uitstekende vocalen beschikt. Het is een krachtig stemgeluid, waarmee Neilson vele stijlen blijkt aan te kunnen. Ze klinkt ermee even overtuigend in up tempo-nummers als gevoelige ballads. Dat is maar goed ook, want op ‘Sassafrass!’ bedient Neilson zich van een veelheid aan genres. Ze vermengt rockabilly en rock&roll met soul, tropicana en blues. Wel worden alle songs overgoten met een flink retro-sausje. 

Te midden van alle muzikale vrolijkheid heeft Neilson echter ook nog een boodschap voor de luisteraar. Want in de songs werpt ze zich op als een gepassioneerd verdedigster van vrouwenrechten. Zo is ‘Smoking Gun’ een aanval op het seksueel misbruik in de filmindustrie, benadrukt Neilson in ‘Kitty Cat’ nog maar eens dat mannen geen recht hebben op seks en is ‘Bananas’ een oproep tot gelijke betaling voor vrouwen. Zo wordt ‘Sassafrass!’ een heerlijk zomerse plaat met een #MeToo-addertje onder het gras. (Saskia Bosch)

Tami Neilson treedt eind augustus op in Leiden en Deventer en op 2 september in Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden