Carmen verdient een mooiere dood

Terwijl Carmen de monniksgier nu opgezet en wel in Naturalis in Leidenstaat, moeten we ons afvragen of we niet te bang zijn voor dode dieren inde natuur.

Na vier maanden is een abrupt einde gekomen aan het leven van Carmen,de monniksgier in de Oostvaardersplassen. Carmen is onder de treinAlmere-Lelystad terechtgekomen. Aangenomen wordt dat het geen bewuste keuzewas. Carmen is de rest van haar dood te bewonderen in Naturalis, waar zijafgelopen weekend ten overstaande van belangstellenden is geprepareerd.

Een gier die de trein niet mist, dat met de dood moet bekopen en na eenleven van lijden nu het eeuwige leven heeft in Leiden. Het lijkt stof vooreen opera waarin we Carmen een hoofdrol geven en die we zelfs naar haarzouden kunnen noemen. Want ze verdient het! Carmen had in 2003 in Spanjeimmers al een vergiftiging overleefd. Maar boven alles was zij de eerstevan haar soort die uit het zuiden naar het noorden trok om hier teoverwinteren en daarmee als indicator gold voor de toenemende rijkdom vande Oostvaardersplassen.

Een rijkdom die samenhangt met de aanwezigheid van dode dieren terplaatse. Vooral dit jaar was de tafel rijkelijk gedekt met groot wild. Datzal overigens volgend jaar wel anders zijn. We kennen immers allemaal decycli van moeder natuur. Wie een beetje oog voor de natuur heeft, weet datdit een goed muizenjaar is. Het hele bos ritselt van het kleine leven.Helaas zal dat deze winter bij gebrek aan voedsel leiden tot grootschaligesterfte onder de muizen, waardoor de populatie zich volgend jaar op eenuiterst laag niveau bevindt. De uilen vieren dit jaar feest, maar zullendaarentegen volgend jaar een zware tijd tegemoet gaan.

Deze cyclus van voor- en tegenspoed leidde deze winter tot een grotecorrectie in de Oostvaardersplassen, waar een grootschalige sterfte onderpaarden, runderen en herten plaatsvond. Maar de komst van de monniksgierwas hét bewijs dat er in de natuur leven na de dood is.

Daarmee werd Carmen ongevraagd ook een ster in een politieke soapera,want het werk van moeder natuur leidde direct tot kamervragen. Dode enstervende dieren zijn namelijk nog vaak taboe.

Carmen zou zich omdraaien in haar graf bij het horen van pleidooien voorbijvoeren en jagen. Immers, dode dieren vormden de basis voor haar bestaan.En dat geldt niet alleen voor gieren. Grote grazers die sterven, vormen eenbron van voedsel voor rovertjes als de vos en de wezel, voor opportunistenals wilde zwijnen, voor gevleugelde soorten als raaf en zeearend en voorvele hoofdrolspelers uit 'Erics klein insectenboek'.

Sterker nog, in de winter vormen dode dieren voor veel soorten eenbelangrijke bron van voedsel om de winter door te komen. Ontbreekt dezevoedselrijkdom, dan sterven zij. Je haalt immers zomaar een keten uit decircle of life. Bijvoeren van runderen, paarden en ander wild lijkt lijktdus een vorm van dierenliefde, maar is killing voor duizenden anderedieren.

Wat zijn de redenen voor de kritisch geluiden? Gaat het om angst voorziekten? Het zou kunnen. Terecht is dat niet, want onderzoek heeftaangetoond dat dode dieren binnen de kortste keren (en dan praten we eenpaar dagen tot twee weken) tot op het bot zijn afgekloven.

Dan is er natuurlijk het morele bezwaar dat het 'gehouden dieren'betreft, zeker als het om koeien en paarden gaat. Hierbij wordt vaak devergelijking getrokken dat een boer zijn vee wel goed moet verzorgen en datStaatsbosbeheer en Natuurmonumenten er maar een potje van maken. Nu kan jeje afvragen of een dier binnen de intensieve veehouderij een goed levenheeft. Je zou zeggen dat als runderen mochten kiezen tussen vrij leven ensterven in een van onze grote natuurgebieden, of als stiertje binnen eenhalfjaar naar de slacht te gaan dan wel als koe je hele leven in een stalmelk leveren, ze voor het eerste zouden kiezen.

Dat boeren binnen de kaders die de wet stelt goed zorgen voor hun vee,is duidelijk. Maar dat moet ook wel, want alles staat hier in dienst vande voedselproductie. De paarden en runderen in de Oostvaardersplassen, deVeluwezoom en andere grote natuurgebieden zijn echter geen vee; zij zijnte beschouwen als wild. Ze zijn geen deel van onze voedselvoorziening, zezijn een onderdeel van de natuurwetten die hier gelden. Dat onzeveterinaire en natuurbeschermingswetten in deze misschien anders zeggen isminder relevant - dan moeten deze op basis van voortschrijdend inzichtworden aangepast.

Dood doet leven. Maar toch, het blijft natuurlijk tragisch dat onzeeerste monniksgier Carmen, na vier maanden celibatair leven, deOostvaardersplassen heeft verruild voor de eeuwig zingende bossen.Misschien het meest tragische van deze opera is wel dat een gier in onsland niet kan sterven in de natuur en haar lichaam kan geven aan hen diehet het hardst nodig hebben. Doe je als gier immers nog eens wat terug!Carmen heeft haar lichaam echter gegeven aan de wetenschap. Maar wat zijvooral heeft meegegeven, is dat wij moeten moeten leven met de wetenschapdat de natuur niet alleen sterft van het leven, maar ook leeft van hetsterven. De dood van Carmen is daarvan het levende bewijs.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden