Camus' ongelijk

Afgelopen zondag was ik op inspectietocht in Den Haag. Een vriendin van me, de schrijfster Jannah Loontjens, ging daar in het kader van het literatuurfestival 'Verhaal halen' voorlezen in een huiskamer, en ik begeleidde haar daarnaartoe in mijn antieke Rover. Zo kwam die grijze schoonheid ook nog eens onder de mensen.

Het machtscentrum lag er vredig bij. De btw was nog negentien procent en van Rutte en Samsom geen spoor. Haar voorleesadres was bij de ex-burgemeester van Den Haag en zijn vrouw, de familie Havermans, en die wonen in Scheveningen, netjes zal ik maar zeggen.

We waren te vroeg, parkeerden de auto en liepen door een rozentuin met rare namen maar mooie bloemen naar een restaurantje aan het water voor de lunch. Een man die aan de kant stond te vissen, wees de weg. Onvervalst Haags accent. Daar, bij het gat in dat bos, daar moet je wezen. Jannah liep vanwege de feestelijke gelegenheid op hoge hakken, die hier in het gras niets uithaalden. We werden er lacherig van. Het restaurantje zat dicht, dus strompelden we weer terug naar waar Jannahs voorlezen kon beginnen.

Ik ging in de tussentijd een vriend bezoeken die me een nieuw speelgoedje wilde laten zien, een soort digitale opslagbox voor zijn 3300 cd's. Hij hoefde nu maar op zijn iPad een naam in te toetsen en dan kon het muziekfestijn beginnen. Het ding had zevenduizend euro gekost, meldde hij, en voor die prijs had de verkoper ook nog al zijn cd's in het systeem ingevoerd. Ik vroeg of hij iets van Schubert kon laten horen. Hij is van de popmuziek maar om zijn geweten te sussen bezit hij ook een klein hoekje klassiek, wist ik. Hoe heette Schubert van voren? vroeg hij, want het ding zette de componisten op voornaam. Dat was wel lastig, gaf hij toe, maar in de popmuziek zei je 'Bill Wyman', 'David Bowie'. 'Franz,' antwoordde ik maar dat moet je dan wel weten: Ludwig, Modest. Daar klonk een trio door het Beaux Arts-trio. Mooi. Ik vertrok weer. Op naar Scheveningen. Onderweg raakte ik door een afslag te missen in een file, maar geen nood, files betekenen bekijks voor mijn Rover. Alsof ik de hele dag niets anders deed, liet ik me bewonderen. Vaders die hun zoontjes wezen: kijk, wat een mooie auto, gearmde stelletjes die omkeken.

Aan het eind van mijn catwalk meldde ik me weer bij de voorleesfamilie waar Jannah aan haar laatste sessie begonnen was. Pas toen schoot haar bij de naam van haar gastheren iets in. Had ze niet ooit bij hun zoon in de klas gezeten? Jazeker, zo was het. Die zoon had nu een strandtent en daar gingen we even later eten. Met een beetje moeite herkenden de ex-klasgenoten elkaar, vroeger gingen ze niet met elkaar om. Terwijl ze drie herinneringen ophaalden bestudeerde ik alvast de kaart. Een visje zou lekker zijn. Buiten golfde de zee af en aan. In de verte zagen we de pier van Scheveningen.

Albert Camus had ooit geschreven 'De mensen sterven en ze zijn niet gelukkig'. Vaak was dat zo, maar soms ook niet. Afgelopen zondag in Den Haag was het niet zo. Dat moest ik onthouden voor als Camus weer eens gelijk dreigde te krijgen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden