Cameron, nieuwe banen voor een uitgekleed land

Met de Britse verkiezingen in zicht beleeft David Cameron mogelijk zijn laatste dagen als premier. Wat is na vijf jaar zijn politieke erfenis? Banengroei, zegt hij zelf. Maar ook snoeiharde bezuinigingen. En de marginalisering van Groot-Brittannië binnen Europa en op het wereldtoneel.

De Lagerhuisverkiezingen van 7 mei lijken uit te draaien op een nek-aan-nekrace. De Conservatieve premier David Cameron schommelt rond de 34 procent van de stemmen, net als zijn linkse rivaal Ed Miliband van de Labourpartij. Voor wie kiezen de Britten als het er straks op aankomt? Vinden ze de balans van Camerons beleid uiteindelijk positief?

Wie naar de statistieken kijkt, kan maar één conclusie trekken. Cameron stond niet voor niets te glunderen toen hij vorige week het jongste werkloosheidspercentage uit zijn land bekendmaakte: 5,6 procent. Dat is een stuk lager dan de 8 procent waar hij zijn ambtstermijn in mei 2010 mee begon. Met de opmerkelijke economische groei van 2,8 procent kan de premier ook prima voor de dag komen.

Het waren vijf zware jaren, maar desondanks wist Groot-Brittannië twee miljoen nieuwe banen te creëren. "Dat zijn er duizend voor elke dag dat wij in regering zaten", sprak de premier. Zoveel arbeidsplaatsen hebben de andere 27 EU-landen samen niet eens gehaald. "Groot-Brittannië is nu officieel de banenfabriek van Europa", jubelde Cameron.

Maar niet iedereen jubelt mee. Polly Toynbee, politiek commentator bij de Britse krant The Guardian, wijst op de keerzijde van de medaille. "Die nieuwe banen zijn voor het grootste deel laagbetaald en onzeker", zegt ze. "Er zitten veel flexwerkers en zzp'ers tussen. Mensen die van hun karige loon niet eens hun studieschuld kunnen afbetalen, laat staan een huis kopen." Achter Camerons glanzende cijfers gaat kortom een wrange realiteit schuil, waarschuwt Toynbee. De premier heeft volgens haar een cultuur geschapen waarin werkgevers kosten mogen besparen door werknemers op te zadelen met de onzekerheid van een hap-snap-inkomen.

Deze aanklacht vormt een kernpunt uit het boek 'Cameron's Coup', dat Toynbee begin dit jaar samen met haar Guardian-collega David Walker uitbracht. De journalisten maken een zeer negatieve balans op van vijf jaar conservatief premierschap. Ze schetsen hoe Cameron in 2010 de verkiezingen won met mooie beloftes over groen en sociaal beleid. Maar daarna greep hij de crisis aan om radicaal te snoeien in de sociale voorzieningen. Volgens het duo pleegde de premier, na de linkse regeringen van Tony Blair en Gordon Brown, een conservatieve coup waar zijn ijzeren voorgangster Margaret Thatcher een puntje aan had kunnen zuigen.

"We hebben echt geprobeerd om lichtpuntjes in Camerons beleid te vinden", zegt Toynbee met een verontschuldigend lachje. Die waren er wel, maar heel beperkt. "Zo heeft het Verenigd Koninkrijk onder Cameron voor het eerst de VN-norm gehaald die zegt dat 0,7 procent van de begroting moet gaan naar ontwikkelingshulp. Een knappe prestatie, want binnen Camerons partij ligt dit moeilijk, en ook de rechts-populistische Ukip gruwt ervan." Verder voerde de premier in 2013 het homohuwelijk in, een staaltje progressief liberalisme dat Toynbee waardeert. "Maar veel meer positiefs zagen we helaas niet."

Camerons beleid werd gekenmerkt door bezuinigingen. Aanvankelijk had de premier daar ook alle reden toe. Groot-Brittannië, sterk afhankelijk van de bankensector, was door de financiële crisis van 2008 extreem hard getroffen. Het begrotingstekort schoot in 2009 omhoog naar 10,8 procent, ver boven de Europese drempel van 3 procent. Er moest dringend iets gebeuren. Maar in 2013 was het begrotingstekort al weer gehalveerd, naar 5,7 procent. Toen had de premier de teugels moeten laten vieren, vindt Toynbee.

Cameron ging evenwel door op de ingeslagen weg: strenge bezuinigingen plus wat lastenverhoging, in een verhouding vier op één. Zulk beleid móest wel pijn gaan doen, vooral bij de zwakkeren in de samenleving.

Verwoesting

De maatschappelijke gevolgen worden nu inderdaad overal voelbaar, vertelt Toynbee. Van de zes miljoen mensen die in de publieke sector werkten, zijn er onder Cameron één miljoen ontslagen: onderwijzers, politieagenten, zorgverleners, ambtenaren, enzovoort. Op uitkeringen en toeslagen is met tientallen procenten bezuinigd. Veel kinderen zijn onder de armoedegrens gezakt. Het aantal mensen dat aanklopt bij de voedselbank, is geëxplodeerd: van 61.000 tussen maart 2010 en maart 2011, naar ruim een miljoen tussen maart 2014 en maart 2015. Maar de hardste klappen lijken gevallen bij de publieke gezondheidszorg, de NHS. "Ziekenhuizen kampen met gigantische tekorten", vertelt Toynbee. "Cameron heeft er een verwoesting aangericht, terwijl de verouderende bevolking juist steeds meer zorg nodig heeft. Zelfs Thatcher zou zoiets niet hebben aangedurfd."

Maar Groot-Brittannië is een overwegend rechts land, en voor Camerons bezuinigingen zijn genoeg liefhebbers te vinden. Zoals Iain Dale. De politiek commentator en voormalig conservatief politicus ergert zich aan de kritiek van de 'veel te linkse' Toynbee. "Gezien de massale toestroom van immigranten is het hier zo slecht nog niet", sneert hij. Wat hem betreft had Cameron juist veel harder moeten snoeien. "De premier heeft het begrotingstekort gehalveerd, terwijl hij beloofd had om het weg te werken. Nu kost het nog drie jaar extra." Toch is Dale allang blij dat Cameron íets heeft gedaan om de uitgaven te beperken. Daardoor hebben de Britten nu een aardige economische groei, zegt hij. "Met Labour aan het roer hadden we hier waarschijnlijk Franse toestanden gehad."

De schade door Camerons diepe snijwerk valt volgens Dale reuze mee. "Natuurlijk zijn sommige mensen financieel slechter af", beaamt hij. Maar mensen die van de steun leven, kunnen volgens hem via allerlei overheidspotjes nog steeds een redelijk inkomen vergaren. En voedselbanken, ach, die vind je ook in andere landen.

Dale krijgt gedeeltelijk bijval van Gillian Peele, politicologe aan de universiteit van Oxford. Ook zij gelooft dat het leed van Camerons bezuinigingen meevalt. "Minder ambtenaren, dat is niet zo erg", begint ze. "De scholen verkeren ook nog niet in nood. Alleen in de gezondheidszorg zal Cameron het nodige moeten corrigeren. Zes uur wachten op de eerste hulp is gewoon te veel. En wat betreft de voedselbanken... Dat is natuurlijk niet fraai, al denk ik dat de groei minder sterk is dan soms wordt gesuggereerd."

De politicologe vindt dat je het Britse beleid van de afgelopen vijf jaar niet uitsluitend kunt toerekenen aan Cameron en zijn Conservatieve partij. De premier leidde een coalitie van zestien Conservatieve en vijf Liberaal-Democratische ministers, dus het beleid was niet puur conservatief. Maar volgens journaliste Toynbee telden de zogeheten 'LibDems' in de praktijk nauwelijks mee. Cameron zou hen slechts hebben gebruikt om zijn bezuinigingen de 'schijn van redelijkheid' te geven. Zonder de D66-achtige LibDems als schaamlap had de premier nooit zo drastisch kunnen snijden, vermoedt Toynbee.

Terwijl de opvattingen over Camerons binnenlandse erfenis flink uiteenlopen, zijn commentatoren vrij eensgezind over zijn buitenlandbeleid. Daar schort veel aan, is de teneur. Onder de huidige premier verloor Groot-Brittannië niet alleen invloed in Europa. Ook op het wereldtoneel werd de vroegere grootmacht onzichtbaarder.

Eerst maar eens de EU, waar Cameron tijdens zijn ambtsperiode steeds feller tegen van leer is gaan trekken. Tekenend is dat hij liever niet gezien wil worden met andere Europese leiders, want dat zou schadelijk zijn voor zijn imago. De premier klaagt op tv voortdurend over de hoge afdrachten aan de EU, en hij geeft Brussel de schuld van de vele immigranten die vanuit de EU naar Groot-Brittannië komen.

Om dit 'continentale gevaar' in te dammen eist de premier aanpassingen in EU-verdragen, onder andere in het vrije verkeer van personen, een pijler onder de Europese samenwerking. Maar de kans dat hij iets voor elkaar krijgt, is klein, schatten deskundigen. Cameron heeft zijn positie binnen de EU namelijk eigenhandig gemarginaliseerd. Zo trok hij zijn partij weg uit het samenwerkingsverband van Conservatieve Europese partijen, waardoor hij veel invloed verloor.

Zijn mislukte verzet tegen de komst van Claude Juncker als voorzitter van de Europese Commissie zette bovendien veel kwaad bloed. "Cameron heeft geen enkel krediet meer om Europese hervormingen af te dwingen", vat Toynbee samen. "Niemand luistert nog naar hem. Mensen denken dat hij toch al op weg is naar de uitgang."

Door de tanende Britse invloed in Brussel wordt de dreiging van een 'Brexit', een Brits vertrek uit de EU, alleen maar groter. De premier heeft zijn landgenoten voor 2017 immers een referendum over de Brexit beloofd als hij de komende verkiezingen wint. En mocht hij er na zijn herverkiezing niet in slagen om substantiële hervormingen af te dwingen in Brussel, dan zullen de Britten volgens peilingen massaal stemmen voor een afscheid van de EU - al zullen ze daarmee vanzelfsprekend nog meer invloed kwijtraken.

Ook op de wereldtoneel verdwijnt het Verenigd Koninkrijk steeds schuchterder tussen de coulissen. Cameron voerde bewust een afwachtend buitenlandbeleid, mede ingegeven door de ergernis die de vroegere premier Tony Blair opriep toen hij zijn land in 2003 de Irakoorlog inrommelde. Cameron deed nog wel mee aan de korte interventie in Libië, in 2011, maar dat smaakte niet naar meer. Toen hij twee jaar later toch ook nog in Syrië wilde ingrijpen, werd hij teruggefloten door het parlement. Sindsdien hoeft het van hem niet meer. Groot-Brittannië stapte onlangs wel in de internationale coalitie die luchtaanvallen uitvoert op terreurgroep Islamitische Staat, maar slechts met een zeer beperkte bijdrage.

Afglijden

Bij dit internationale afglijden hoort ook dat Cameron fors heeft bezuinigd op defensie, tegen de nadrukkelijke wil van de Verenigde Staten. Hij schroefde het budget terug van 2,6 naar 1,95 procent van de rijksbegroting. Het leger kromp hij van 102.000 naar 82.000 man. En er liggen plannen klaar om nog drastischer te snijden, wat de Britse slagkracht in de wereld uiteraard niet ten goede zou komen. Onder deze premier trekt Groot-Brittannië zich steeds verder terug op het eiland, luidt dan ook de kritiek in internationale kringen.

Wat is nu het eindoordeel over vijf jaar Cameron? Is het Verenigd Koninkrijk er beter of slechter op geworden? Voor Guardian-journaliste Toynbee is het overduidelijk. Zij hekelt Camerons radicale bezuinigingen en de Britse marginalisering in de wereld. Oxford-politicologe Peele is positiever: de premier heeft het land in deze turbulente tijden toch maar mooi drijvende gehouden, vindt zij, al acht ze zijn invloed op de lange termijn zeer beperkt. De conservatieve commentator Dale gaat daarin mee. "Cameron heeft het land niet blijvend veranderd", zegt hij na enig peinzen. "Hij heeft het bekwaam bestuurd, maar eerlijk gezegd was het allemaal nogal saai. Cameron is nu eenmaal geen Thatcher of Blair." Ga maar na, zegt Dale. Voor de ideologische nalatenschap van die twee illustere voorgangers zijn speciale woorden geïntroduceerd: thatcherisme en blairisme. "Maar heb je ooit gehoord van 'cameronisme'?"

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden