Buste voor wrede gouverneur leidt tot woede op Curaçao

Borstbeeld van Albert Kikkert (1761-1819)Beeld Elly Baltus

Op Curaçao zorgt een standbeeld van de eerste gouverneur voor ophef, vanwege diens rol bij een slavenopstand. Bij de onthulling van het beeld werd daarover niks bekendgemaakt.

De minister van de Antillen, de opperbevelhebber der strijdkrachten en de gouverneur van de Antillen hebben in 2006 bij de plaatsing van een borstbeeld voor Albert Kikkert (1761-1819) gezwegen over de rol die hij speelde in de slavenopstand van 1795 op Curaçao. Ze zeggen tegen Trouw dat ze niets van diens foute verleden wisten.

Voor Kikkert gouverneur werd, was hij kapitein-ter-zee en plantagehouder. Twee van zijn slaven leidden in 1795 de strijd die eindigde in een bloedbad. Kikkert was daar actief bij betrokken en schreef in zijn logboek over de executie van opstandige slaven: “(…) twee negers levendig geradbraakt, en geblaakert, vervolgens onthoofd en de koppen op de galg gezet, een neger de handen afgekapt, en met een moker de kop ingeslagen en toen 5 opgehangen.”

Deze feiten waren in 2006 bekend, maar bleven ongenoemd bij de feestelijke onthulling van Kikkerts buste. Die was georganiseerd door de opdrachtgever van het kunstwerk, de gevolmachtigde minister van de Antillen, Paul Comenencia. Hij was blij met het ‘eerbetoon’ aan Kikkert en noemde in de uitnodiging alleen Kikkerts ‘heldendaden’ (zo was hij drager van de Militaire Willemsorde). Volgens de betrokkenen wisten ze niets van Kikkerts aandeel in het neerslaan van de grootste slavenopstand die Nederland gekend heeft.

Gilbert Bacilio, sinds 1986 voorzitter van de Curaçaose organisatie APKI (‘Bevordering Historisch besef’) die de jaarlijkse ‘Tulaherdenking’ van de vrijheidsstrijd van 1795 organiseert, is woedend. Hun is niets gevraagd, zegt Bacilio. “Wij willen dit beeld helemaal niet.” Hij is ervan overtuigd dat betrokkenen wel van Kikkerts aandeel in het neerslaan van de opstand wisten. ”Ik eis dat ze ter verantwoording worden geroepen, zeker onze gouverneur, onze gevolmachtigde minister Comenencia en de opperbevelhebber Berlijn. Ze hebben bewust gezwegen over de gruweldaden van de barbaar Kikkert. Ze zijn medeplichtig aan het wegmoffelen van een belangrijke episode uit onze geschiedenis.”

Van Bacilio moet meteen op de sokkel van het borstbeeld komen te staan dat Albert Kikkert heeft ‘bijgedragen aan de godsgruwelijke foltering en executie van vele strijders’. “Anders dient de omstreden buste onverwijld verwijderd te worden en naar Nederland teruggestuurd. Daar hoort het thuis.”

In 2006 noemde minister Comenencia het beeld een terecht ‘eerbetoon’ voor ‘heldendaden’. Nu vindt hij dat op de sokkel moet worden vermeld dat hij een ‘grote slavenhouder’ was, en betrokken bij de opstand van 1795. Daar sluit de directeur van het Nationaal Archief Curaçao in Willemstad, Max Scriwanek, zich bij aan. “Context is nodig. Zo kun je je een volledig beeld vormen over de persoon Kikkert.”

Gilbert Bacilio vindt het lange zwijgen passen bij het “uitblijven van officiële excuses door Nederland voor slavernij en slavernijverleden”. Ook zegt hij dat deze kwestie de toch al ‘broze banden’ en moeizame dialoog tussen Curaçao en Nederland schaadt. Bacilio vindt het een koloniale misser. “Op 30 mei, vijftig jaar na de opstand van 1969, wil ik dat we stilstaan bij de rol die Albert Kikkert in 1795 heeft gespeeld.”

Lees ook: 

De verzwegen schaduwkant van de gouverneur. 

Chef van Letter en Geest Lodewijk Dros schreef een boek over bestuurder Pieter Kikker. Lees hier het stuk over zijn rol bij de slavenopstand van 1795 op Curaçao.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden