Bush junior: hoe macht en idealisme samensmolten en voor onheil zorgden

Nu we afscheid nemen van Bush is het goed nog eens stil te staan bij het gedachtengoed dat hij vertegenwoordigde. Ten onrechte wordt op hem vaak een links/rechts-schema toegepast, waarbij zijn gedachtengoed als rechts en zijn critici als links worden gezien. In werkelijkheid heeft in de periode dat Bush junior president was het neoconservatieve gedachtengoed met name het buitenlands beleid gekleurd, en dat is, anders dan de naam suggereert, niet conservatief.

Conservatisme betekent gematigdheid, voorzichtigheid en een diepgewortelde achterdocht jegens hoogdravende wereldverbeteraars. In slechte zin kan conservatisme tot verstarring leiden, in goede zin kan het mensen helpen om zich te hoeden voor fouten. De neoconservatieven daarentegen zijn bij uitstek idealistische wereldverbeteraars, die de twijfel aan het eigen gelijk opzij hebben willen zetten en de westerse waarden, voorop de democratie, hebben willen uitdragen.

Met die waarden op zich stemmen we van harte in. Burgers kunnen de westerse waarden uitdragen, bijvoorbeeld door actief te worden voor Amnesty International, dat strijdt voor mensenrechten en tegen marteling. Ook regeringen kunnen de westerse waarden uitdragen door via diplomatieke druk te strijden voor democratie. Iets anders is wat de neoconservatieven deden toen ze, in de afgelopen acht jaren, invloed kregen op president Bush, de man die op zijn beurt als opperbevelhebber de sterkste militaire macht op aarde bestuurde. Want prompt trok Amerika er gewapenderhand op uit om de democratie te verbreiden.

Dat uitte zich vooral in Irak. Om de ten val gebrachte massamoordenaar Saddam Hoessein laten we geen traan, maar de wijze waarop de regering-Bush Irak heeft pogen te democratiseren was roekeloos en is tot nog toe onvoldoende effectief.

Ook elders is het buitenlands beleid van de regering-Bush gekenmerkt geweest door een typisch neoconservatieve mengeling van hoogmoed, bereidheid de eigen macht in te zetten, minachting van bondgenoten en gebrek aan twijfel. Het beleid van Bush was daardoor niet conservatief, dat wil zeggen behoedzaam, maar integendeel riskant, revolutionair en uiteindelijk contraproductief.

Op de valreep toont George Bush zelf overigens mild stemmende momenten van zelfkritiek. Misschien heeft hij daarmee wel de werkelijk fundamentele westerse waarde te pakken: het voortdurende zoeken naar verbetering door jezelf, juist ook jezelf, te kritiseren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden