Burgerlijk ongehoorzaam omwille van democratie

Tegen de wet ingaan mag, maar er zijn regels. Femke Halsema weet er alles van.

In de jaren tachtig had ik het voorrecht om in een Utrechtse IKV-kern te zitten waarin ook Joke Roos zat. Joke was nog bij de oprichtingsvergadering van de PSP geweest en had voor die partij in de gemeenteraad van Groningen gezeten. Inmiddels was zij ruim 80 jaar oud en dwong bij mij als jonge student groot respect af, doordat zij burgerlijk ongehoorzaam was.

Joke Roos hield 5 gulden 72 in op haar energierekening uit protest tegen de plaatsing van 572 kruisraketten. Dat kwam haar dan op een bezoek van de deurwaarder te staan. Die ontving zij vriendelijk op de koffie, legde de man de reden van haar actie uit en liet hem dan ongehinderd zijn werk doen.

Deze pacifistische vrouw leerde ons daarmee het grote onderscheid tussen ’tegen de wet ingaan’ en ’tegen de democratie ingaan’. Burgerlijke ongehoorzaamheid is tegen de wet ingaan, juist omwille van de democratie. Misdadigers gaan ook tegen de wet in, maar om het onderscheid met hen te markeren moet burgerlijke ongehoorzaamheid aan drie voorwaarden voldoen. Ze is geweldloos, openlijk en ze accepteert de sancties die de democratische meerderheid op het overtreden van de wet heeft gesteld.

Femke Halsema heeft deze theorie kraakhelder gehanteerd bij het beoordelen van de vraag of Wijnand Duyvendak kon worden gehandhaafd. Zijn inbraak in het ministerie van economische zaken zou je namelijk nog met enige moeite onder het begrip burgerlijke ongehoorzaamheid kunnen scharen: hij deed het omwille van de democratie.

Het was juist de toenmalige overheid die ondemocratisch handelde door het achterhouden van belangrijke informatie. Duyvendak heeft het weliswaar niet openlijk gedaan, maar met enige goede wil zou je de bekentenis in zijn boek nu met terugwerkende kracht als zodanig kunnen aanmerken.

Het noemen van namen en adressen van ambtenaren valt echter op geen enkele wijze als burgerlijke ongehoorzaamheid te typeren. Deze daad diende geen enkel democratisch doel, gebeurde niet openlijk en heeft bedoeld of onbedoeld aanleiding gegeven tot het plegen van geweld tegen betrokkenen.

Kortom: alle lof voor een fractieleider die Duyvendak bij het bekend worden van de eerste actie bleef steunen, maar bij het openbaar worden van de tweede actie hem niet heeft weerhouden af te treden.

Het is jammer dat Leo Platvoet en Joost Lagendijk haar afgelopen zaterdag in Trouw hierin afvallen en een rookgordijn opwerpen door de begrippen ’buiten de wet’ en ’ondemocratisch’ door elkaar te halen. Wij hebben geen beter systeem dan de democratie, maar ook de meerderheid kan dwalen. Gij zult de meerderheid in het kwaad niet volgen, zegt de Bijbel al.

Sinds de Amerikaan Henry David Thoreau, die voor het eerst de term burgerlijke ongehoorzaamheid gebruikte, weigerde belasting te betalen omdat hij de slavernij niet wilde steunen, en Rosa Parks niet opstond voor een blanke in een bus, weten wij dat het soms een democratische plicht kan zijn om je tegen een meerderheidsbesluit te verzetten.

Alle protestacties die Platvoet en Lagendijk noemen, vallen binnen het scala van instrumenten die burgers in een democratie bezitten om die democratie te corrigeren. Maar dat laat dus onverlet dat een democratische partij zich altijd zal moeten verzetten tegen acties die de democratie niet corrigeren, maar ondermijnen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden