Burger heeft niets aan openbaar tuchtregister

Het openbaar maken van medische tuchtmaatregelen, helpt patiënten niet om een verstandiger keuze te maken.

Alle medische tuchtmaatregelen zouden openbaar moeten worden, ook 'lichtere' maatregelen als de waarschuwing en de berisping. Dat stelt SP-Kamerlid Van Gerven voor in een amendement op de tuchtwet. Het initiatiefwetsvoorstel kan rekenen op een flinke meerderheid in de Kamer, maar de burgers hebben er als gebruikers van zorg niets aan.

De medische beroepsgroep reageerde ontstemd op de voorstellen. Men vreest dat artsen zonder pardon aan de schandpaal worden genageld. Ook vindt men de openbaarmaking onevenredig belastend. De tuchtmaatregelen zouden het hele beroepsmatige leven van de arts in het register aangetekend moeten blijven.

De voorstellen zijn inderdaad ondoordacht, niet omdat openbaarmaking van opgelegde tuchtmaatregelen artsen zou brandmerken, maar omdat medische tuchtprocedures domweg geen bruikbare keuze-informatie genereren.

Een tuchtrechtelijk vonnis is een uitspraak van beroepsgenoten over het handelen van een collega. Zij beoordelen of dat in overeenstemming was met de beroepsnormen, tezamen de professionele standaard genoemd: de kwaliteit van zorg waarop een gebruiker recht heeft. De medische tuchtcolleges volgen een heel eigen logica, die voor de buitenwacht moeilijk te doorgronden is. Indien zij vaststellen dat conform de standaard is gehandeld, wordt een klacht ongegrond verklaard.

Was het handelen niet volgens die standaard, dan heeft de tuchtrechter de beroepsbeoefenaar een verwijt te maken en volgt oplegging van een maatregel. Bepalend voor de zwaarte van die maatregel is dan niet alleen de discrepantie tussen het feitelijke handelen en de geschonden norm, maar ook het belang dat de beroepsgroep aan de norm toekent.

De dokter die een wezenlijke beroepsnorm schendt, heeft een serieus probleem, ook als het handelen geen ernstig lichamelijk letsel (of erger) tot gevolg had. De buitenwacht begrijpt vaak niet waarom zo'n arts de zwaarste maatregel opgelegd krijgt, zijn titel kwijtraakt en beroep niet meer mag uitoefenen. Net zomin wordt doorgaans begrepen waarom de dokter door wiens fout iemand is overleden, 'wegkomt' met 'maar' een waarschuwing. Maar de arts die zo'n maatregel opgelegd krijgt, begrijpt het signaal dat zijn beroepsgenoten afgeven maar al te goed. De disciplinerende werking van tuchtmaatregelen is enorm.

Het vergt dus nogal wat van de buitenstaander om een tuchtmaatregel die is opgelegd aan een zorgverlener te kunnen duiden in termen van kwaliteit. De normatieve context van de beroepsuitoefening moet werkelijk begrepen worden. Zelfs wanneer de beslissing en overwegingen van het tuchtcollege in de registers opgenomen worden, zoals Van Gerven wil, zullen patiënten op basis hiervan geen verstandige keuzes kunnen maken.

Sterker nog: het gebruik van tuchtrechtelijke uitspraken als keuze-informatie zou het tegendeel kunnen bewerkstelligen. Dat een dokter in zijn loopbaan tegen een of meer tuchtmaatregelen aanloopt, is helemaal zo vreemd niet. Moet de burger een onervaren beginnende specialist met een schone lei nu prefereren boven de arts die al 25 jaar in hetzelfde specialisme werkzaam is maar ooit een waarschuwing kreeg?

Moderne gezondheidszorg wordt bovendien in groepsverband beoefend. Aan medische fouten liggen vaak organisatorische gebreken ten grondslag. De meeste fouten zijn systeemfouten. Maar maatschappen, vakgroepen, afdelingen, instellingen krijgen geen tuchtmaatregelen opgelegd. In dit soort zaken blijven de werkelijk verantwoordelijken vaak buiten de greep van de tuchtrechter. Met andere woorden: een ooit gewaarschuwde of berispte arts kan een uitstekende hulpverlener zijn, en de hulpverlener die nooit een maatregel opgelegd heeft gekregen, een heel beroerde.

Met het verstrekken van keuze-informatie is niets mis. Maar hoe serieus neemt een wetgever die patiënt wanneer hij hem het recht geeft op toegang tot non-informatie?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden