Burgemeesters aan de macht

Problemen die de hele aarde raken kun je niet oplossen op wereldschaal, vindt Benjamin Barber. De politicoloog, die behoort tot de G8 van invloedrijkste denkers, heeft een origineel idee: laat burgemeesters die problemen aanpakken.

Benjamin Barber heeft een extra kaartje voor de opera, mailt zijn assistente. "Hij zou het zeer op prijs stellen als u hem vergezelt." De opera blijkt de première van Vortex Temporum, een moderne dansvoorstelling, op even moderne muziek, van choreografe en danseres Anne Teresa De Keersmaeker - tout cultureel Brussel is aanwezig die zondagnamiddag in de Munt. "Dit is het echte hart van de stad", zegt Barber. "Dat hart ligt niet in de bureaucratische EU-burelen."

Na de voorstelling heeft de 74-jarige Barber een onderonsje met zijn dear friend Anne Teresa, en ja, het zou wel prettig zijn als we zijn zware koffers vast naar de auto dragen die ons naar Amsterdam brengt. Die stad doet hij deze keer niet aan voor een bezoek aan zijn vriend Ivo van Hove, directeur van Toneelgroep Amsterdam, maar aan burgemeester Eberhard van der Laan.

Barber groeide zo ongeveer op in theater, vertelt hij als we in de auto zitten. Zijn ouders waren theatermensen, hij schreef zelf theaterstukken, een operalibretto en op verzoek van president Clinton een essay over politiek en kunst. Jarenlang was Barber Clintons politiek adviseur. Het is ook in die rol dat hij bekend werd, als raadsman van politici, en vooral als commentator en politiek denker.

Barber reist nu de wereld rond, met een missie: burgemeesters moeten het voor het zeggen krijgen. Landen (of een continent als Europa) zijn niet langer in staat de grote problemen van deze tijd - broeikaseffect, terrorisme, financiële crises - op te lossen. Maar de steden - alleen, en vooral samen - kunnen wel veel voor elkaar krijgen. "Ze hébben al veel bereikt", zegt Barber, die zich liever niet als idealist presenteert, maar als realist, als de man van de pragmatische oplossingen. Hij schreef er een boek over, 'If Mayors Ruled the World'. Aan de Nederlandse versie is een hoofdstukje toegevoegd, over burgervaders Van der Laan en Aboutaleb.

Waarom zoveel vertrouwen in steden?
"Ik ben in New York geboren en heb mijn hele leven in steden gewoond. Ik trouwde er, mijn vrouw is een choreograaf en danser, mijn dochters groeiden er op. De stad vormt een vanzelfsprekend deel van mijn leven, mijn eerste natuurlijke omgeving die de basis werd om democratie te begrijpen. Steden zijn de enige plaatsen op de wereld waar democratie nog steeds werkt. Waar samenwerking mogelijk is en waar politiek niet is verkrampt door ideologie - zoals in Amerika, maar ook daarbuiten, zo zichtbaar is. In de stad draait het om het oplossen van dagelijkse problemen: gezondheid, onderwijs, banen, immigratie - het échte leven. Een burgemeester laat vuilnis ophalen, die heeft geen tijd voor ideologische haarkloverijen. Steden kunnen problemen ook veel beter aan. We hebben te kampen met kwesties die zich niets van landsgrenzen aantrekken: klimaatverandering, immigratie, globale markten, technologie, terrorisme, ziekten. Maar we laten het over aan de oude en vermoeide natiestaten - de Verenigde Staten, België, Frankrijk en Engeland - om voor die kwesties een antwoord te bedenken. Dat is niet erg effectief. Natiestaten kenmerken zich door onafhankelijkheid, vaak ook door strijd, door het onvermogen om tot gemeenschappelijke beslissingen te komen zoals in Europa, terwijl de huidige problemen juist om samenwerking vragen."

Wat kunnen steden doen aan, zeg, het broeikaseffect?
"Ruwweg tachtig procent van de CO2-uitstoot komt niet van boerderijen, maar uit de steden. Dus dáár moet je beginnen. De steden zijn trouwens al begonnen - alleen, en ook samen. Neem Los Angeles, waar de haven veel CO2 uitstootte. De smog was enorm, het leek Peking wel. Je zou denken dat de snelwegen die luchtvervuiling veroorzaakten, maar het waren vooral de havens, met hun duizenden schepen die hun dieselmotoren stationair lieten draaien tijdens het laden en lossen, drie, vier dagen per schip, en elke dag 12.000 vrachtwagens die af en aan reden. Loop je door de leuke buurten van Amsterdam, dan zie je geen jachten en schepen die hun motoren laten draaien terwijl ze aangemeerd liggen. De burgemeester verplichtte de kapiteins in Los Angeles om hetzelfde te doen: ze konden stroom krijgen in de haven en hun motoren uitschakelen. Samen met een klein bedrijf zorgde hij voor hybride motors in de vrachtwagens. Door deze twee maatregelen is de helft van de uitstoot uit de havens verdwenen. Daar had de burgemeester de staat van Californië niet bij nodig."

En nee, betoogt Barber, dat is geen druppel op de gloeiende plaat.

Steden hebben samen meer voor elkaar gekregen dan de staten die het Kyoto-protocol ondertekenden. Moeiteloos somt hij de successen op van New York en Bogotá (Colombia). "De afgesloten busbanen in Bogotá hebben niet alleen de uitstoot van het verkeer teruggedrongen, er staan nu ook veel minder files, waardoor arme mensen uit de buitenwijken niet meer acht uur per dag hoeven te reizen om te werken in het stadscentrum. Daardoor zijn veel banen voor hen toegankelijker geworden."

Prachtig. Maar dit is toch niet genoeg om een eind te maken aan het broeikaseffect, dat vraagt toch om een wereldomspannende aanpak?
"Juist de stad kan de twee politieke problemen van deze tijd oplossen: steden zijn klein genoeg voor participatie en solidariteit, maar samen groot genoeg om globale kwesties aan te kunnen. Staten zijn juist te groot voor participatie en te klein voor wereldmacht.

Veel mensen weten niet dat steden nu al intensief samenwerken, en zo een wereldwijde impact hebben. In allerlei organisaties, zoals C40 voor het milieu, of United Cities and Local Governments: de belangrijkste internationale organisatie waar nog nooit iemand van heeft gehoord.

Steden kunnen samenwerken omdat ze gemeenschappelijke problemen hebben, zelfs in verschillende culturen. Burgemeesters leren van elkaar, ze informeren elkaar, ze delen best practices: het fietsdelen begon in Latijns-Amerika, maar nu zie je het in drieduizend steden: Londen, Los Angeles, Parijs, New York.

Wie had ooit gedacht dat die plaatsen fietsvriendelijk konden worden? Die burgemeesters nemen de initiatieven, die komen niet van onderop, ze leren van elkaar. We zijn al flink op weg naar het globale burgemeestersparlement dat ik voorsta."

Dat klinkt mooi. Maar is dit niet te vrijblijvend, hebben we niet meer aan een internationaal verdrag?
"Je moet goed bedenken waar je de resultaten van de steden mee vergelijkt: met een wereld van staten, en die hebben al vijf of tien jaar niets gedaan aan het bestrijden van klimaatverandering. We wijken af van het Kyoto-protocol, we nemen het er niet zo nauw mee, terwijl het al een heel zwak protocol is. Steden hebben in die tijd veel meer gedaan."

Maar zijn steden wel in staat om een eigen koers te varen? Ze zijn toch gebonden aan wetten van de overheid?
"De staat heeft de macht en het geld, en als de staat iets wil kan een stad dat niet tegenhouden. Maar dat gebeurt lang niet altijd. Ten eerste: als staten de problemen niet kunnen oplossen die steden wel aankunnen, wat is dan de stimulans voor de stad om in te grijpen? Duitsland probeert illegale immigranten te weren, maar er zijn miljoenen illegale immigranten in het hele land. Die immigranten zie je ook in Amsterdam, in Rotterdam, in Den Haag. De staat heeft twee keuzes: binnenvallen met de politie, en proberen de mensen eruit te gooien, mensen die vaak vitale banen hebben. Of de staat kan eenvoudigweg de andere kant opkijken. En dat is wat de staat meestal doet: de andere kant opkijken. Zeker als steden erin slagen om de zaken goed te regelen: mensen worden geregistreerd, ze krijgen toegang tot onderwijs en zorg, ze kunnen deze mensen in de gaten houden - dan verdwijnt de stimulans voor de staat om in te grijpen.

Ten tweede hebben we te maken met een demografisch verschijnsel: in het Westen woont 75 tot 80 procent van de mensen al in steden. De stedelingen kunnen door hun stem uit te brengen een grote invloed uitoefenen. Nu is de nationale politiek nog te veel verdeeld in links en rechts, conservatief en vooruitstrevend, soms ook bevoordeelt het stemsysteem de stem van het platteland en niet het belang van de stad. Maar in een echte democratie moet de staat de stad representeren. En dat zal op termijn gebeuren. Er zal een globale stadspartij komen, dat is ook waar ik heen wil."

U doet of alles - zoals de opwarming van de aarde - op te lossen valt door de handen uit de mouwen te steken. Maar vaak vragen politieke vraagstukken toch om een fundamenteel debat - zoals over illegalen - over waarden en normen?
"Daar ben ik het niet mee eens. Je kunt principieel tegen illegaliteit zijn, maar in een stad zie je een illegaal toch vooral als mens. Dan verdampt het principiële debat snel. Je zoekt een zo goed en humaan mogelijke oplossing. Zoiets gebeurt ook in het abortusdebat. Daarin staan verdedigers van het recht op leven van de ongeboren vrucht tegenover hen die vinden dat de moeder mag beslissen over haar eigen lichaam. Dat zijn twee ideologische posities tegenover elkaar, zonder gedeelde grond. Tot een meisje zwanger raakt. Dan maakt dat hele abstracte debat geen donder meer uit. Als je twaalfjarige dochter zwanger raakt, zelfs als je een christen bent, dan wil je toch niet dat het kind geboren wordt? Of misschien wil je het wel, maar dan verdedig je die keuze op grond van wat je voor je ziet, je gaat uit van het leven en niet van een ideologie.

Dáárom geloof ik zo in de stad. Dat is de plaats waar het niet om abstracte en onwerkelijke keuzes gaat, maar om het echte leven."

Dit artikel is geschreven met steun van het Fonds voor bijzondere journalistieke projecten. Benjamin Barber is op 12 april een van de sprekers van de G8 van de filosofie in de Beurs van Berlage, Amsterdam.

Benjamin Barber Barber over burgemeester Aboutaleb van Rotterdam
"Nederland is het land van Geert Wilders: op nationaal niveau is het heel slecht gesteld met de democratische tolerantie en de openheid voor culturele diversiteit.

Rotterdam doet het niet beter, eerder slechter omdat het toch een minder liberale stad is met een armere bevolking. Maar wie is de burgemeester van Rotterdam? De stad die bevooroordeeld zou zijn, heeft een burgemees- ter uit Marokko. Ahmed Aboutaleb, een moslim, een gekleurde man. En ze houden van hem - niet omdat hij een moslim is, maar omdat hij een burgemeester is die wat gedaan krijgt. Was hij blank geweest en een slechte burgemeester, dan hadden ze hem niet willen houden. Dat bewijst mijn punt: landen raken snel verdeeld door ideologische debatten, over geloof en tolerantie bijvoorbeeld, terwijl stedelingen veel pragmatischer zijn en de oplossing omarmen die werkt."

Benjamin Barber
Politiek theoreticus Benjamin Barber (1939) is als onderzoeker verbonden aan de City University of New York. Hij was politiek adviseur van onder anderen president Bill Clinton. In zijn nieuwste boek betoogt hij dat ouderwetse natiestaten te verkrampt zijn om werkelijk iets te doen omdat ze vooral ideologische debatten voeren, en ze zijn onderling te verdeeld om oplossingen te bedenken voor de globale problemen van deze tijd, zoals het broeikaseffect, de financiële crisis en terrorisme.

Burgemeesters kunnen de problemen wel oplossen omdat ze minder geneigd zijn om te twisten over ideologische verschillen. Nu al werken burgemeesters intensief samen aan het oplossen van grote problemen. Uiteindelijk, zegt Barber, moet er een internationaal burgemeestersparlement komen, dat bestaande samenwerkingsverbanden overstijgt. "Mijn stelling is: alle burgemeesters bij elkaar vormen de wereld."

Wat vindt de burgemeester van Amsterdam ervan?
Benjamin Barber ziet het liefst burgemeesters aan de macht. Eberhard van der Laan, burgemeester van Amsterdam, reageert daar terughoudend op. "Je hebt nationale en internatio- nale wet- en regelgeving nodig. Die zullen nationale politici moeten verzorgen."

De ideeën van Barber, stelt Van der Laan, zijn 'makkelijker' te verwezenlijken in een land met gekozen burgemeesters. In Nederland bouwt de (benoemde) burgemeester zijn gezag in de gemeenteraad op. Niettemin noemt Van der Laan Barbers opvattingen 'inspirerend'. En hij is enthousiast over diens analyse van de schaal van de stad: groot genoeg voor daadkracht, klein genoeg om je er als burger mee te identificeren. "Dat voel ik ook zo. Maar de juistheid van deze stelling zou je terug moeten kunnen zien bij de opkomst van de verkiezingen. Daaruit blijkt dat zowel de gemeenteraadsverkiezingen als de Europese verkiezingen spijtig genoeg de laagste opkomst te zien geven."

Een burgemeestersparlement ziet Van der Laan niet zitten. Zolang je zelf uitkiest met wie je samenwerkt, zegt Van der Laan, gaat daar kracht vanuit 'omdat je er heil van verwacht'. "Wij werken samen met steden op terreinen waar we allemaal ons voordeel kunnen halen." Maar een 'wereldparlement van burgemeesters' loopt volgens Van der Laan het risico even traag en tandeloos te worden als andere internationale organisaties.

Benjamin Barber: Als burgemeesters zouden regeren (If Mayors Ruled The World)

Vertaling Jabik Veenbaas. Nieuw Amsterdam, Amsterdam; 480 blz. euro 24,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden