Burgemeester Kleemans: Wij tolereren drugshandel hier op geen enkele wijze

KAMPEN - De gemeente Kampen als eerste drugsvrije enclave van Nederland. Burgemeester Henk C. Kleemans (58) - synodaal gereformeerd en 'kritisch CDA-lid' - knokt er met hart en ziel voor, maar vreest dat zijn ideaal door in het verschiet liggende Haagse wetgeving een utopie zal blijken.

Kleemans waarschuwde twee maanden geleden op een congres over gemeentelijk drugsbeleid al dat 'Nederland blowend ten onder zal gaan'. In de zaal werd wat lacherig gereageerd op zijn jobstijding, maar de stroom van reacties die hem naderhand uit den lande bereikte, sterkt Kleemans in de mening dat hij 'de stem van de zwijgende meerderheid' vertolkt. De Kamper burgervader zet zijn kruistocht tegen drugs daarom onverdroten voort en heeft daarom nu ook houseparty's taboe verklaard.

Hoewel een kort geding van de organisatoren tegen de gemeente dreigt, blijven B & W van Kampen bij het standpunt niet langer toestemming te geven voor het houden van houseparty's. Eind juni werden tijdens een houseparty in een Kamper sporthal vijf handelaren in XTC-pillen aangehouden en 45 bezoekers betrapt op het bezit van drugs.

Voor burgemeester Kleemans was het toen makkelijk. “Wij tolereren in Kampen op geen enkele wijze drugshandel. Als dat op houseparty's dan toch blijkt te gebeuren, is het afgelopen. Anders zouden we als gemeentebestuur ongeloofwaardig worden.” De geharnaste taal die Kleemans bezigde op dat congres over gemeentelijk (soft)drugsbeleid en het recent afgekondigde verbod voor houseparty's, roepen het beeld op van een steile calvinist aan wie de maatschappelijk realiteit voorbij lijkt te gaan. Maar tegen die typering maakt burgemeester Kleemans ernstig bezwaar.

“Ik vertolk het standpunt van de meerderheid van de gemeenteraad. Wij zien hier in Kampen de ellende die door drugs wordt veroorzaakt. Deze gemeente is met 18 000 inwoners nog tamelijk overzichtelijk. Daardoor ken ik veel van de Kamper jongens en meisjes die door verdovende middelen de vernieling in zijn gegaan persoonlijk. En hun ouders ook. Dat is anders dan als de burgemeester van Amsterdam een anonieme buitenlandse junk in de goot ziet liggen. Hier komt het nog heel dichtbij.”

Kleemans noemt het door de procureurs-generaal geformuleerde gedoogbeleid ten aanzien van softdrugs - waarbij groothandel verboden is, maar detailhandel via coffeeshops oogluikend wordt toegestaan - 'een historische vergissing'.

Hij is overtuigd aanhanger van de 'stepping-stonetheorie', die zegt dat iedere harddrugsgebruiker ooit met het roken van een stickie is begonnen. “Controle of coffeeshops zich houden aan de door de procureurs-generaal geformuleerde voorwaarden, is welhaast onmogelijk. Zeker in de grote steden. En dan heb ik het nog niet eens over de sociale ellende die veel van de coffeeshops teweegbrengen in de buurten waar ze gevestigd zijn. Doorgaans zijn dat volkswijken waar mensen wonen die zich toch al onder aan de ladder bevinden. Een coffeeshop in de straat betekent voor de omwonenden doorgaans overlast in de vorm van geschreeuw, gejakker met auto's, gesmijt met portieren en noem maar op. Je kunt als burgemeester in je villa wel roepen 'een stickie moet kunnen', maar woon maar eens naast zo'n coffeeshop.”

Kleemans sloot anderhalf jaar geleden in Kampen een ontmoetingscentrum - De Fabriek - waar softdrugs werden verkocht onder het mom dat de openbare orde zou worden aangetast door het gedrag van de bezoekers. “Moeilijk te bewijzen, want de meeste omwonenden waren dermate geïntimideerd door die handelaren dat ze in het openbaar niets durfden te zeggen.” De rechter floot Kleeemans daarom later terug, maar De Fabriek bleef gesloten.

“En dus was ons doel bereikt”, grijnst Kleemans. In Kampen rest momenteel nog één lokaliteit - Het Keldertje - waarvan wordt verondersteld dat er softdrugs worden verhandeld. De exploitant wil dat zijn bedrijf als 'coffeeshop' wordt erkend, maar de rechtbank in Zwolle is na een politie-inval desondanks tot strafoplegging overgegaan. “Wordt dat vonnis in hoger beroep door het gerechtshof bevestigd, dan kan Het Keldertje in principe ook definitief dicht”, wrijft Kleemans zich alvast in de handen.

De Kamper burgervader wil er niet van horen dat de strijd tegen de drugs in Nederland verloren zou zijn, zoals een aantal chefs van politiekorpsen in de grote steden zonder gêne heeft verklaard.

“Die politiebazen zeggen dat, omdat ze zich geen raad weten met het halfzachte beleid van de procureurs-generaal. En ze vergeten dat de aandacht van criminelen zich gewoon zal verplaatsen naar nieuwe chemische drugs op het moment dat softdrugs en heroïne worden vrijgegeven. Daarom lost vrijgave niets op, de problemen zullen er alleen groter door worden.” Toch ziet hij de in de maak zijnde drugsnotitie van minister Sorgdrager met zorg tegemoet. Geruchten dat het huidige gedoogbeleid voor softdrugs niet verder zal worden versoepeld om andere Europese landen met een strenger drugsregime niet nog meer tegen de haren in te strijken, kunnen hem niet geruststellen. “Ik ben bang dat het huidige gedoogbeleid bij wet bevestigd gaat worden. Dat de groothandelaar in softdrugs een crimineel blijft en de coffeeshophouder een geëerd burger wordt. Als gemeenten met een vergunningenstelsel voor coffeeshops moeten gaan werken, zal ik me daar bij neer moeten leggen. Maar zolang het nog niet zover is, zal ik blijven knokken tegen die drugsrotzooi.” Kleemans hoopt dat zijn eigen CDA in de Tweede Kamer voor weerwerk zal zorgen. Maar gezien de houding die de christen-democraten altijd hebben ingenomen ten aanzien van softdrugs is dat volgens hem een illusie. Voor Kleemans aanleiding om als 'kritisch CDA-lid' nog eens flink van leer te trekken tegen zijn eigen club.

“Het CDA houdt de christelijke idealen niet meer hoog. De partij is vaag en grijs geworden. Van een partij die sociale rechtvaardigheid en rentmeesterschap hoog in het vaandel heeft, mag je verwachten dat ze zich stevig afzet tegen drugs. Het CDA doet dat niet, hoewel dat ook electoraal zeer aantrekkelijk zou zijn. Eerzame burgers voelen zich door het huidige slappe drugsbeleid in de kou gezet. Dat heb ik gemerkt aan de enorme stroom van reacties die ik van gewone mensen heb gekregen naar aanleiding van mijn spreekbeurt op dat congres.”

Voor Kleemans een bewijs van de stelling dat hij 'de stem van de zwijgende meerderheid' vertolkt. “Mensen hebben behoefte aan duidelijkheid”, verklaart hij het vrijwel ontbreken van nuance in zijn stellingname. “Als je als bestuurder gaat nuanceren, ben je voor de gewone man verloren. Alleen de kleine rechtse partijen hebben momenteel in Nederland een duidelijke mening en een adequaat antwoord op de drugsproblematiek. Helaas.”

Zijn eigen rol in het CDA beschouwt Kleemans als uitgespeeld. “Ik was fel tegenstander van het technocratisch denken van Lubbers. Het CDA heeft zijn no-nonsense politiek omarmd, dat had nooit mogen gebeuren. Een jaar of zeven geleden heb ik met een vijftiental medestanders geprobeerd de cultuur binnen de partij te veranderen. Dat werd een mislukking.”

“Toen onze groep van kritische partijleden uit elkaar begon te vallen, besefte ik dat we de strijd hadden verloren en dat mijn rol binnen de partij was uitgespeeld.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden