Bulgaren en Roemenen verdwijnen in de illegaliteit

Veel illegalen komen op woonboten als deze in de haven van Amsterdam terecht. Zes tot acht mannen verblijven op 25 m². De boot dient vooral om te slapen. Meestal zijn de mannen aan het werk. (FOTO MARIEKE VAN DER VELDEN,HH) Beeld Marieke van der Velden/Hollandse
Veel illegalen komen op woonboten als deze in de haven van Amsterdam terecht. Zes tot acht mannen verblijven op 25 m². De boot dient vooral om te slapen. Meestal zijn de mannen aan het werk. (FOTO MARIEKE VAN DER VELDEN,HH)Beeld Marieke van der Velden/Hollandse

amsterdam – - Het begint met een sporttas, een 06-nummer en de wil om te werken. Twee jonge mannen schuilen voor de regen onder een winkelluifel in Amsterdam West. Ze zijn die ochtend vroeg uit Roemenië aangekomen in Amsterdam en wachten op een kennis die hen hier zou ontmoeten. In een smoezelig zwart boekje staat zijn nummer gekrabbeld.

Met een mix van handen en Duits maken ze duidelijk waarom ze hier zijn. „In Rumänien kein Geld, kein Arbeit.” En wat als de kennis niet komt? Een van de mannen doet de handen in een driehoekje boven zijn hoofd, maakt eetgebaren en schudt zijn hoofd. Dan hebben ze geen dak en geen eten.

Sinds de toetreding van Roemenië en Bulgarije tot de Europese Unie in 2007 migreren jaarlijks zo’n zevenduizend Roemenen en Bulgaren naar Nederland. Met name de Bulgaarse gemeenschap groeit snel en is sinds de toetreding verdrievoudigd. Ze komen om te werken. Maar werken, legaal althans, is nou net het probleem. Voor inwoners uit de nieuwe lidstaten geldt namelijk nog tot eind 2012 geen vrij verkeer van werknemers.

Om in Nederland bij een werkgever aan de slag te kunnen, hebben Bulgaren en Roemenen een tewerkstellingsvergunning nodig: de werkgever moet aantonen dat er geen geschikte kandidaten te vinden zijn die geen vergunning nodig hebben. Daarnaast mogen ze als zelfstandig ondernemer aan de slag.

„De overgangsregeling werkt het in de hand dat mensen in de illegaliteit verdwijnen”, zegt Godfried Engbersen, hoogleraar sociologie aan de Erasmus Universiteit. Hij werkt met het Nicis Institute aan een onderzoek naar Oost-Europese migranten in negen Nederlandse gemeenten. Onlangs verscheen het eerste deel, over Rotterdam.

„Bij de Polen heeft de overgangsregeling destijds aardig gewerkt. Zij gingen massaal met werkvergunningen aan de slag”, zegt Engbersen. Maar nu gaat het om een ander type migrant, zo blijkt uit het onderzoek: vaak laag geschoold, in eigen land al werkloos en uit de Turks sprekende regio’s in Bulgarije (in Bulgarije leeft een minderheid van tien procent Turkse Bulgaren). Engbersen: „De overgangsregeling maakt hun positie, die al niet sterk is, nog kwetsbaarder, waardoor ze makkelijk uitgebuit kunnen worden.”

Op het Amsterdamse Mercatorplein zit bij lekker weer een groep mannen op een bank zonnebloempitjes te kauwen. Ze spreken Bulgaars en Turks. Een van hen is Ali Canueb. Met zijn benen over elkaar rookt hij een sigaretje, in zijn haar heeft hij een zonnebril geschoven. Als Canueb lacht, blinkt een gouden tand.

Vijf jaar geleden probeerde hij al eens in Griekenland werk te vinden. Zonder succes. Een jaar geleden raakte hij zijn baan kwijt in een bakkerij en kwam met een busje vol Bulgaren naar Nederland. De andere mannen kent hij van zijn dorp in Bulgarije. „Ze zeiden dat hier banen waren.” Over werkvergunningen wist hij niets. „Nu blijkt dat ze documenten willen, anders is het illegaal.”

Canueb vindt zijn werk zonder werkvergunning. Via vrienden. Net als de mannen naast hem op de bank, in de bouw. „Nederlanders geven het werk aan Turken, en de Turken geven het aan ons.” Ze krijgen er veertig à vijftig euro per dag voor. Een stuk minder dan de Nederlanders, beseffen ze. Maar nog altijd veel meer dan ze thuis verdienden. Daar kwamen ze op zo’n 75 euro per maand.

Nee, zij willen niet meer terug. „Alleen als ze ons dwingen. De mensen hier zijn aardig, het geld is goed.” Alleen hun familie missen ze. Waar ze slapen? De mannen lachen. In het park, bij vrienden, in lege huizen in de buurt. In de Gemeentelijke Basisadministratie zijn ze in ieder geval niet te vinden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden