Buitenbeentjein een land vol lopers

interview | Met een 'bijna perfecte worp' van 92,72 meter werd Keniaan Julius Yego wereldkampioen speerwerpen. Hij overwon het sportieve isolement in eigen land, evenals de vrieskou van Finland.

ROB VELTHUIS

Julius Yego is ervan overtuigd dat zijn curieuze wereldtitel speerwerpen in Kenia nooit uit de herinnering zal worden gewist. Waarop hij hoopt, is verandering van denken. "Mijn titel moet de ogen van de Kenianen openen. Ik heb ze laten zien dat atletiek meer is dan hardlopen, dat je ook op een technisch onderdeel een held kan zijn. Dat kon ik alleen bewijzen als wereldkampioen."

Met het behalen van goud, vorige maand in Peking met de derde verste worp uit de historie, 92,72 meter, presteerde Yego met improvisatie en doorzettingsvermogen het onmogelijke. Kenia is het land waar iedereen hardloopt, het land waar wordt gegrossierd in titels en records. Het land waar atletiekdisciplines buiten de hardloopbaan en weg niet tellen.

Op school liep Yego de 10 kilometer, maar kon daar met zijn kleine, gedrongen lichaam niet op uit de voeten. Al vroeg was duidelijk dat hij een buitenbeentje was: "Speerwerpen is waar ik altijd van heb gehouden, het zit me in het bloed. De wereldtitel is de beloning voor wat ik heb moeten doorstaan om goed te worden."

Op school wierp Yego met houten stokken. Daarmee moest hij zich staande houden tussen zijn langere klasgenoten. Ook toen hij was volgroeid, was het de vraag wat hem als werper bezielde. Met 1,75 meter is hij een kleintje tussen de grote internationale werpers. Trainingsfaciliteiten heeft hij in Kenia niet, net zomin als een coach. Beide zijn noodzaak voor een onderdeel waarop gevoel en techniek minstens zo belangrijk zijn als kracht en snelheid.

Toch wierp Yego als tiener tweemaal de limiet voor de WK junioren. Beide malen werd hij niet in de ploeg opgenomen, hij kreeg het gevoel dat een atleet die niet hardloopt in Kenia niet van waarde kan zijn.

"Toen ik voor de tweede maal was geweigerd, had ik het bijna opgegeven. Na een vakantie ging ik toch nóg serieuzer trainen. Nog altijd zonder coach, tussen 2009 en 2011 was ik afhankelijk van YouTube video's. Ik keek naar goede werpers als Jan Zelezny, Andreas Thorkildsen en Tero Pitkämäki. Nee, niet naar hun techniek, dat is een misverstand. Je kunt geen techniek van een ander overnemen. Ik keek naar hun trainingmethodes, naar de oefeningen die ze in de gym deden.

"In 2011 werd ik populair toen ik de All African Games won. Niemand zag me staan, ineens stond ik in de schijnwerpers." Die prestatie kan als keerpunt in zijn carrière worden beschouwd. Yego kreeg een beurs van de internationale atletiekfederatie IAAF om tweeënhalve maand te trainen in Finland, het walhalla van de speerwerpers.

De hel, zoals de 26-jarige Nandi het zelf noemt.

"Het was de eerste keer dat ik in Europa kwam, uitgerekend in de Finse winter. Ik kwam aan bij 27 graden onder nul, in Nairobi was het 20 boven nul. Het was als de hel, ik moest kleren lenen van mijn coach (Petteri Piironen, red). Maar ik hield vertrouwen en moed, ik was vastbesloten me te verbeteren."

Voor het eerst trainde Yego samen met collega's, deed hij serieus krachttraining en kreeg hij technische aanwijzingen. De progressie die hij daarmee boekte, bracht hem in de olympische finale van Londen, waarin hij als twaalfde eindigde. Zonder begeleiding, Yego was de enige niet-loper binnen een team van 44 Kenianen.

Een jaar later werd hij tijdens de WK in Moskou in derde positie in de laatste beurt net van het podium gegooid. Vorige maand was hij superieur in een hoogstaande finale, waarin hij met 92,72 meter "een bijna perfecte worp" produceerde. Daarmee was Yego, na de Zuid-Afrikaan Marius Corbett in 1997, de tweede Afrikaanse wereldkampioen met de speer.

Ondanks dat succes zegt hij dat zijn techniek beter moet om zijn olympische ambities te kunnen waarmaken. "Mijn kracht ligt in mijn snelle aanloop en snelle arm. Ik heb niet de beste techniek van de elitewerpers, maar in de loop der jaren is die langzaam verbeterd. Mijn bovenlichaam is nog altijd sneller dan mijn benen, waardoor ik bij de worp dubbelklap."

Buiten Kenia had Yego verder kunnen zijn. Hij accepteert zijn beperkingen. "Ik zeg altijd: God geeft je datgene wat overeenkomt met je kwaliteiten. Over wat je niet hebt, moet je niet klagen. Dat kan je toch niet gebruiken."

Toch wil Yego in zijn land de omstandigheden voor technische onderdelen verbeteren. "Als je ziet in welk krachthonk ik in Nairobi train, zul je niet zeggen dat daar de wereldkampioen vandaan komt. Ik wil mijn eigen stichting oprichten en daarmee een trainingscentrum financieren. Het hoeft niet groot te zijn, als we de faciliteiten maar hebben. Coaches kunnen we inhuren."

Daarmee ontkracht Yego de geruchten dat hij voor omgerekend acht miljoen euro voor Qatar gaat werpen. "Ik zag dat bericht op mijn telefoon toen ik op het vliegveld in Nairobi aankwam. Ik ben nooit door iemand uit Qatar benaderd. Het is veel geld, maar geld is niet alles in het leven. Wie ben ik in Qatar? Hoeveel Kenianen zijn niet voor dat land gaan lopen en huilend teruggekeerd?"

Yego blijft bij zijn Finse coach. Hij heeft niet de indruk dat zijn wereldtitel in Finland slecht is gevallen. "Ik heb Tero Pitkämäki verslagen, en hij was blij voor mij. Hij vindt ook dat speerwerpen niet beperkt moet blijven tot Finland of Tsjechië, maar mondiaal moet groeien. Bovendien train ik niet alleen in Finland, met mijn resultaten promoot ik het land. Je moet er alleen niet in de winter zijn."

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden