Brussel beslist over zenuwgif dat bijen en hommels bedreigt

In Brussel bepalen de EU-lidstaten morgen of het gebruik van drie insecticiden moet worden opgeschort. De middelen zijn mogelijk verantwoordelijk voor bijensterfte. Verontruste groeperingen proberen onderzoeken naar deze insecticiden openbaar te krijgen.

Het was even slikken voor het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Dit Ctgb, de nationale toezichthouder op bestrijdingsmiddelen, kreeg onlangs van de rechter nog tot eind deze maand om te beslissen op een bezwaarschrift van het Pesticide Action Network Europe tegen de toelating van een zenuwgif dat de bijenpopulatie ernstig zou bedreigen. Dat bezwaarschrift was al in de zomer van 2011 ingediend. Telkens besloot het Ctgb tot uitstel: op eigen initiatief óf op verzoek van een fabrikant van het middel, farma- ceutisch bedrijf Bayer.

Eind vorig jaar was voor het in Brussel gevestigde Pesticide Action Network Europe de maat vol. De organisatie stelde het Ctgb in gebreke bij het College van Beroep voor het Bedrijfsleven. En kreeg gelijk: het Ctgb had veel eerder moeten en kunnen beslissen op het bezwaar. Vóór 29 maart moet de toezichthouder nu met iets komen, op straffe van een dwangsom van 100 euro voor elke extra dag. De toezichthouder denkt nog na of er verzet wordt aangetekend tegen de uitspraak.

Er hangt een sfeer van geheimzinnigheid en beslotenheid rond de studies, rapporten en adviezen die hebben geleid tot het toelaten van deze insecticiden op de Nederlandse markt. Al geruime tijd staan de bestrijdingsmiddelen (de zogenoemde neonicotinen) onder ernstige verdenking. De insecticiden zouden verantwoordelijk zijn voor de alarmerende bijensterfte in Nederland.

Wetenschap en industrie buitelen over elkaar heen over de oorzaken van de afname. Hommels en bijen zorgen voor de verspreiding van stuifmeel en alleen al daarom zijn ze van groot belang voor de voedselketen. Volgens het Europese voedselagentschap Efsa is er ruim voldoende reden om drie verdachte insecticiden voor een periode van twee jaar te verbieden bij de teelt van maïs, katoen, zonnebloemen en koolzaad. Eerst moeten er nieuwe studies worden afgerond. Op basis van al beschikbaar onderzoek kwam Efsa tot de slotsom dat de drie bestrijdingsmiddelen een hoog risico opleveren voor bijen, of dat een hoog risico niet kan worden uitgesloten. Het tijdelijke verbod zou al op 1 juli ingaan.

De fabrikanten van de middelen en de brancheclub van telers en kwekers proberen dit uit alle macht te voorkomen. En de lobby lijkt succes te hebben: enkele EU-landen liggen inmiddels dwars. Groot-Brittannië, Spanje, Hongarije en nog wat landen zijn tegen, waardoor de Europese Commissie het voorstel mogelijk opnieuw in stemming zal moeten brengen. Bij die tweede stemming is er geen gekwalificeerde meerderheid (74 procent van alle stemmen) meer nodig.

Nederland is voor een verbod. Staatssecretaris Dijksma (economische zaken) stelde in januari in een brief aan de Tweede Kamer dat ze de voorkeur geeft aan een gezamenlijk Europees ingrijpen, maar: 'mocht de Europese commissie niet met maatregelen komen, dan zal ik het Ctbg vragen om nationale maatregelen'.

De bestrijdingsmiddelenfabrikanten hebben in de afgelopen weken met een grootschalig lobby-offensief gepoogd het dreigend verbod af te wenden. De belangen zijn groot. De middelen zijn goed voor een kwart van de wereldmarkt. Het gaat om anderhalf miljard euro omzet per jaar. Belangrijkste producenten zijn Bayer en Syngenta. In Nederland worden de middelen veel ingezet, onder meer tegen bladluizen en witte vlieg in de teelt van maïs, pot- en snijplanten, erwten, aardappelen, suikerbieten, sla, andijvie en kolenzaden. Bayer zette in 2011 in Nederland 6,3 miljoen euro om van het product (wereldwijd 520 miljoen).

Volgens de fabrikanten deugt het advies van voedselautoriteit Efsa niet. "De landbouw wordt een stap terug gezet in de tijd", aldus Bayer. Verder onderzoek naar de risico's is prima, zeggen de fabrikanten en de telers, maar nu al een verbod - ook al is het tijdelijk - is een stap te ver. Europarlementariër Gerben-Jan Gerbrandy (D66) kreeg de lobbyïst van Syngenta onlangs in Brussel op bezoek. "Ik denk dat het duidelijk is dat er schadelijke effecten zijn", zegt hij. "Syngenta heeft mij niet van het tegendeel kunnen overtuigen. Geloof me, de Efsa komt niet snel met alarmerende rapporten naar buiten als daar geen goede reden voor is. Ze gaan heel zorgvuldig te werk. Het voorstel van de Europese Commissie is al redelijk gebalanceerd. Laten we maar eens twee jaar kijken wat het effect is van een verbod voor de bijenstand."

Nefyto, de brancheorganisatie van de Nederlandse bestrijdingsmiddelenindustrie, poogde tot op het laatste moment het ministerie van economische zaken nog op een andere koers te krijgen. Deze week ging er een brief naar EZ waarin de brancheclub Nederland maande zich in Brussel niet te laten leiden door 'politiek sentiment'. Als de drie middelen worden verboden, zullen in de teelt alternatieve insecticiden worden ingezet die vaker moeten worden toegepast en ook nog in hogere doseringen, aldus Nefyto. Dat is nóg slechter voor het milieu. De brief aan EZ eindigde met een verkapt dreigement: "Als het politieke sentiment leidend is in de besluitvorming, kan een situatie ontstaan die ook Greenpeace en de bijenhouders niet willen."

Studies over insecticiden blijven nog geheim
De nationale toezichthouder op bestrijdingsmiddelen (Ctgb) weigert de studies openbaar te maken, op basis waarvan insecticiden (neonicotinen) op de Nederlandse markt zijn toegelaten. Fabrikanten die deze middelen in Nederland verkopen, verzetten zich tegen volledige openbaarmaking. Het Ctgb beroept zich op een wettelijke plicht de belangen van fabrikanten te beschermen.

De bestrijdingsmiddelen zijn in opspraak omdat er sterke aanwijzingen zijn dat ze bijdragen aan sterfte onder bijen en hommels. Openbaarheid van de studies is gevraagd door de Bijenstichting, een belangenorganisatie die opkomt voor (wilde) bijen en hommels.

De belangrijkste producent Bayer wil de documenten alleen beschikbaar stellen voor lezing in een afgesloten ruimte. Ze mogen niet publiek openbaar worden gemaakt. Bayer beroept zich op bescherming van auteursrechten en bedrijfsgeheimen en op het risico dat bij openbaarmaking concurrenten gebruik gaan maken van de onderzoeksgegevens. "Bayer is voorstander van transparantie", aldus een woordvoerster. "Daarom bieden wij de Bijenstichting de mogelijkheid de studies in te zien."

De Bijenstichting voelt niet voor de beperkte openheid. De belangenorganisatie wil dat de studies volledig openbaar worden om iedereen, ook wetenschappers, in de gelegenheid te stellen zich een oordeel te vormen over de kwaliteit van de registratie-onderzoek voor de insecticiden. De kwestie ligt inmiddels bij de rechter.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden