Brugklasser is al weer te oud voor kinderliteratuur

Ook al zullen schrijvers daar niet altijd blij mee zijn is kinderliteratuur deze zomer nadrukkelijk onderscheiden van jeugdliteratuur. De Kinderboekenweek is vanaf nu uitsluitend gericht op kinderen van nul tot twaalf. Als 13-jarige ben je de Kinderboekenweek kennelijk al weer ontgroeid, en mooi dat je er geen eigen Jeugdboekenweek - laat staan een Boekenbal - voor terug krijgt.

Met de recente instelling van de Gouden Zoen als Gouden Griffel voor jeugdliteratuur vanaf twaalf jaar heeft de CPNB eindelijk gereageerd op een al jaren bestaand dilemma. Als je op de middelbare school zit ben je namelijk geen kind meer, en dús lees je geen kinderboeken meer, voel je je opgelaten in de Kinderboekwinkel en laat je de Kinderboekenweek aan 'de kleintjes' over, dat wil zeggen iedereen die jonger is dan jijzelf. Probleem is dan wel dat onder het kopje 'Kinderboeken' tegenwoordig juist zoveel prachtige romans voor pubers en adolescenten verschijnen: het begrip is zo opgerekt dat het allang de lading niet meer dekt. Bovendien zijn er steeds meer volwassenen die 'kinderboeken' ontdekken en uitgevers spelen daar weer op in door zogenaamde kinderboeken een volwassen vormgeving en omslag mee te geven: zie 'Vallen' van Anne Provoost en 'Heer Doos' van Willem van Toorn.

Het is alsof de vervagende grenzen de behoefte aan een nieuwe grens hebben opgeroepen of versterkt. In elk geval wordt vanaf nu kinderliteratuur nadrukkelijk onderscheiden van jeugdliteratuur (al zullen schrijvers daar niet altijd blij mee zijn). De Griffels zijn voor kinderboeken, de Zoenen - excusez le mot - voor jeugdboeken. De grens ligt bij twaalf jaar: de overgang van basisschool naar middelbare school. En, voor alle duidelijkheid, de Kinderboekenweek is vanaf nu uitsluitend gericht op kinderen van nul tot twaalf; impliciet was dat meestal al zo, maar nu wordt het officieel.

Pubers en adolescenten krijgen geen eigen boekenweek, maar wel iets anders. De uitreiking van de eerste Gouden Zoen - op 14 augustus jongstleden aan Karlijn Stoffels voor haar roman 'Mosje en Reizele' - is namelijk tegelijk het startsein geweest voor een campagne om jongeren, vooral in de leeftijd van twaalf tot en met vijftien te enthousiasmeren om te (blijven) lezen. De campagne omvat een tijdschrift, een nieuwe Jonge Jury, waarin jongeren zelf recent verschenen boeken gaan beoordelen, en een uitgebreide handleiding voor docenten in de basisvorming van het middelbaar onderwijs.

Het tijdschrift is een magazine-achtig boekje, uitgegeen door de CPNB (Stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek) dat eens per jaar in een oplage van 160.000 verschijnt en gratis verspreid wordt. Het heet S.Y.B.R.A.B. (afkorting van Shock Your Parents, Read A Book) en ziet er cool uit, met foto's van jongeren die kernachtig hun favoriete jeugdboek aanprijzen, terwijl het toch ook redelijk wat informatie bevat over zo'n 160 recente titels. Het eerste nummer, dat vorig jaar verscheen, deed het vooral goed bij bibliotheken en docenten.

De Jonge Jury is eigenlijk een verbeterde opzet voor de leeftijdsgroep 13-16 jaar van de Kinderjury, vertelt Bürbel Dorweiler van de CPNB. Hoewel de deelname aan de Kinderjury elk jaar steeg (in tien jaar tijd van vijfduizend tot bijna vijftigduizend!) bleef het aantal deelnemers in de groep 13-16-jarigen constant hangen op zo'n 2500. Bovendien komt de actieperiode van de Kinderjury, van februari tot juni, slecht uit voor middelbare scholieren, die dan juist hun zwaarste repetities hebben. Dus wordt nu, analoog aan de ontwikkeling bij Griffel- en Zoenjury, de Jonge Jury afgescheiden van de Kinderjury: de Kinderjury wordt uitsluitend voor basisschoolkinderen en blijft van februari tot juni lopen, terwijl de Jonge Jury voor jongeren in de basisvorming is, en loopt van nu tot februari. Een uitgebreide handleiding met lessuggesties voor het literatuuronderwijs in de basisvorming moet dit proces ondersteunen, terwijl tot 15 september dertig geschikte jeugdromans met vijf gulden korting te koop zijn.

Jenny de Jonge, lerares Nederlands bij het Stedelijk Gymnasium Haarlem en uitgeefster, is heel blij met deze ontwikkeling: “Ik verwacht veel van deze campagne: jongeren worden meer serieus genomen, en docenten in het voortgezet onderwijs krijgen nu ondersteuning. Daar werd nog vrijwel niets gedaan aan jeugdliteratuur.”

Sikko de Jong (14, 3 Havo) en zijn zus Jacomien (bijna 17, dyslectisch, 12-de klas Vrije School) zijn het met haar eens.

Jacomien: “Je wordt nu eindelijk op je eigen leeftijd aangesproken: je krijgt dan een ander zicht op boeken, je merkt dat je er wat aan hebt voor jezelf. Daar gaf de Kinderboekenweek nooit aandacht aan. Die is zo oppervlakkig. Dit plan met die lessen en die Jonge Jury daaraan gekoppeld heeft veel meer inhoud.”

Sikko: “Die Kinderboekenweek is zo'n gehopsaheisa. Het gaat meer om het feestje dan om de boeken, en het Kinderboekenweekgeschenk is ook te kinderachtig voor ons. Die handleiding voor leraren is prima: goed dat de jeugdliteratuur nu in de les gegooid wordt. Verplicht boeken lezen is gewoon goed, want uit jezelf doe je het het niet zo gauw: je gaat makkelijker even achter de computer zitten, sporten of je gaat uit. Als je móet lezen ontdek je nog een wat: toen ik tien was las ik voor een boekbespreking 'Oorlogswinter' van Jan Terlouw. Jonge, kreeg ik me daar een hele kijk op de oorlog! Ik wíst daarvoor helemaal niet hoe dat ging met joden en zo.”

Jacomien: “Ik las toen voor school 'De hemel valt' van Kit Pearson. Je kunt je gewoon niet voorstellen hoe het is om (in de Tweede Wereldoorlog, LvD) bij je vader en moeder weggehaald te worden, helemaal naar een ander land, zoals dat meisje. En wat me nog het meest aansprak: ook al was er daar in Canada geen oorlog, toch moest ze voor haar eigen vrijheid vechten. Ja, dat verplicht lezen is heel goed geweest. Het heeft me geholpen mijn eigen smaak te ontwikkelen. Dat wens ik andere mensen van mijn leeftijd ook toe.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden