Brug naar de samenleving

Het één-op-één contact met een vrijwilliger maakt het voor een gedetineerde makkelijker om het leven buiten de gevangenispoort op te pikken. (FOTO HH)

Het ministerie van justitie trekt meer geld uit voor vrijwilligersorganisaties die zich inzetten voor gedetineerden. Vrijwilligers helpen gevangenen bij hun reïntegratie in de samenleving.

Of hij nog heeft teruggedacht aan zijn verlofweekend, vraagt de vrijwilliger aan de gevangene. „Ja, echt wel!” De toch al goedlachse Daniël straalt. „Het was geweldig, ik heb m’n moeder nog gezien, ze was over uit Spanje en komt hier misschien weer wonen!”

Dat goedlachse, dat zit in Daniëls natuur. Met drugs, die hij voorheen veelvuldig gebruikte, heeft het niets te maken. Al een tijdlang slaagt hij erin van de wiet af te blijven. „Ongelooflijk knap”, zegt vrijwilliger Klaas-Henk de Jager later. „Hem wordt niets in de schoot geworpen. De makkelijkste weg voor hem zou zijn om de hele dag te blowen.”

Klaas-Henk, 29 jaar en leraar op een basisschool, bezoekt de 23-jarige Daniël sinds april één, soms twee keer per week in de penitentiaire inrichting in Haarlem waar hij nu al acht maanden vastzit. Binnen Gevangenenzorg Nederland werd Klaas-Henk opgeleid tot vrijwilliger. Als het aan het ministerie van Justitie ligt, volgen nog velen na hem. Begin juni stuurde het ministerie de ’Beleidsvisie Vrijwilligerswerk bij de sanctietoepassing’ naar de Kamer. Daarin staat dat justitiële inrichtingen meer ruimte gaan vrijmaken voor vrijwilligers die met enige regelmaat gedetineerden bezoeken. Zij moeten bijdragen aan een effectieve reïntegratie van de gevangene in de samenleving. Nu zijn er zo’n 3600 vrijwilligers actief. Om hun aantal te verhogen wordt in 2011 ruim anderhalf miljoen euro uitgetrokken. De kwaliteit van de begeleiding wordt ook verbeterd: de vrijwilliger moet een Verklaring Omtrent het Gedrag overleggen, wordt zorgvuldig ’gescreend’ en krijgt les in vaardigheden.

In Nederland bestaan vier grote organisaties die vrijwilligers en gevangenen aan elkaar koppelen: Bonjo, Humanitas, Exodus en Gevangenenzorg Nederland. De laatste heeft volgens woordvoerder Herman Kooij een flinke groei doorgemaakt. Eind 2009 waren er 400 vrijwilligers actief, inmiddels zijn het er ruim 450. Voor veel organisaties is een financiële injectie van harte welkom, de meeste moeten het hebben van particuliere donateurs.

Bij Klaas-Henk kwam Gevangenenzorg Nederland ’gewoon’ op zijn pad. „Hoewel ik wel, toen ik naar Haarlem verhuisde, bedacht dat ik mijn leven anders wilde inrichten. Ik was jaren vooral aan het voetballen. Ik had nooit tijd voor anderen en was in de weekenden altijd weg.”

Een tijdlang bezocht hij een gevangene in Amsterdam. Een man die stoere verhalen vertelde over vrouwen en drank, Klaas-Henk kwam er telkens met een ’beetje eng gevoel’ vandaan.

Toen kwam Daniël. In minimaal ingerichte spreekkamers keuvelen de twee over het leven binnen en buiten de gevangenispoort. Ook regelt Klaas-Henk praktische zaken voor de jongen. Onlangs reed hij nog op en neer naar Leidschendam, om een uittreksel uit het bevolkingsregister voor hem te regelen. „Dat kost me geen moeite, ik doe het graag. Nee, ik heb niet het gevoel dat hij me voor zijn karretje spant.”

Klaas-Henk is ’behoorlijk kritisch’ over het optreden tegen criminelen in Nederland. „Ik vind dat overtredingen keihard moeten worden aangepakt. In Nederland gebeurt dat volgens mij weinig doortastend.” Toch zet hij zich in voor Daniël, die niet voor niets vastzit. „Mijn doel is vooral om hem geestelijk geluk bij te brengen. Ik wil hem laten zien dat het leven kostbaar en waardevol is.”

Nu is Klaas-Henk bezig om Daniëls inschrijving bij Exodus te regelen, een instelling die hem begeleidt als hij over zes maanden weer op straat staat. Exodus helpt Daniël bij het vinden van een opleiding en een baan. Klaas-Henk heeft vertrouwen in Daniël. „Hij is gemotiveerd om weer naar school te gaan. Hij wil iets in de techniek gaan doen. Maar ik weet ook waarvoor hij vastzit. Van tevoren had ik ingecalculeerd dat hij niet te vertrouwen kon zijn. Ik zei zelfs: ’je mag me best bedonderen, dan beginnen we daarna gewoon weer opnieuw’, maar ik denk niet dat hij dat doet. Het is geen slechte jongen, hij komt alleen niet uit zo’n veilig nest als ik.”

Naast de één-op-één begeleiding die Klaas-Henk biedt, speelt hij ook gitaar tijdens kerkdiensten in de justitiële inrichting. Op zaterdag wordt een protestantse, op zondag een katholieke viering gehouden. Daniël is een trouwe kerkganger, weet Klaas-Henk. En een trouwe werknemer: hij werkte zich flink op in de gevangenis. Hij begon op de werkzaal: schroefjes indraaien, matjes oprollen. Nu staat hij in de keuken. „Wel een soort voorbeeldbaantje”, zegt Daniël. Maar er mag niet te gewichtig over gedaan worden. „Het zijn vooral diepvriesmaaltijden hoor, die ik opwarm”, lacht hij. „En soms bak ik een ei.”

Vrijwilliger in een penitentiaire inrichting werd Klaas-Henk niet zomaar. Tijdens een intensieve training werd hij voorbereid op het reilen en zeilen binnen de detentiewereld, kreeg hij casussen voorgelegd en nam hij deel aan rollenspelen. „In gesprekken worden vrijwilligers doorgelicht over hun verwachtingen”, zegt Herman Kooij van Gevangenenzorg Nederland. „Zij moeten zich bewust worden dat ze een luisterend oor zijn en zichzelf moeten wegcijferen. Het delict mogen ze niet veroordelen, dat is de taak van de rechter.” Klaas-Henk de Jager beaamt dat: „Ik zou geen belerende toon moeten aanslaan tegen Daniël. Dat werkt niet.”

De vrijwilligers zijn volgens Kooij een ’doorsnee van de Nederlandse samenleving’. De laatste tijd neemt het aantal jonge vrijwilligers toe. „Vaak reserveren zij wekelijks een dagdeel, de meesten zijn flink gemotiveerd.” De ’match’ tussen gevangene en vrijwilliger wordt vooral gemaakt op basis van geografische afstand, maar ook wordt gekeken naar de betrokkenen zelf. Een zedendelinquent wordt niet gekoppeld aan een jonge vrouw.

Dat Klaas-Henk en Daniël met elkaar in contact werden gebracht, was een schot in de roos. De twee gaan haast als vrienden met elkaar om. Tijdens het WK voetbal sloten ze weddenschappen af. Toen Daniël de Nederlanders tegen Brazilië onderschatte, moest hij het Wilhelmus voor Klaas-Henk zingen. „Zingen voor elkaar, dat haalt schaamte weg. Daardoor ontstaat er sneller contact tussen ons”, zegt Klaas-Henk.

Binnenkort zal het contact minder worden. Klaas-Henk emigreert naar Portugal, om daar voor de klas te gaan staan. Hij denkt wel dat het contact blijft. Voor de WK-finale had hij zelfs een ticket naar Faro ingezet: zou Daniël de uitslag goed voorspellen, dan nam Klaas-Henk hem mee naar Portugal. Maar Daniël zat er naast, met zijn 3-1 voor Nederland. „Toch zie ik gebeuren dat hij nog eens langskomt. Een vreemd land, waar niemand weet van zijn achtergrond. Dat zou goed voor hem zijn.”

De naam Daniël is gefingeerd. Over zijn delict mag Trouw niet publiceren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden