Broers

De wethouder en ik hebben allebei een broer. Maar daarover straks. We staan in een weiland, aan de voet van een oude, deels verrotte boortoren, aan de rand van Hengelo. Een zoutboortoren is het, een van de zeven die nog behoren tot het industrieel erfgoed van Akzo, dat tegenwoordig Akzo Nobel heet. Volgens de monumentenbeschrijving gaat het bij deze toren om ’een geteerde houten toren die zich naar boven verjongt onder een getoogd dakje. De toren is samengesteld uit een houten gebintwerk, geplaatst op betonnen poeren en bekleed met staande houten delen. In de toren recht gesloten houten vensters met roedenverdeling.’

We staan onder deze tien meter hoge, in 1952 gebouwde toren omdat hij een opknapbeurt krijgt. Die opknapbeurt is door Akzo vergeven aan een detacheringsbureau dat Allerzorg heet en zich toelegt op de arbeidsbemiddeling van moeilijk te bemiddelen mensen. „Dat zijn mensen die op grote afstand staan van de arbeidsmarkt,” zegt de regiodirecteur van Allerzorg tactvol.

Eddy Boevink heet hij. Mijn broer.

En ik weet wie hij met die mensen bedoelt. Ze staan ook onderaan die toren. Ex-gedetineerden, ex-verslaafden, mensen met een verstandelijke handicap, die mensen bedoelt hij. Bijzonder kansarm.

Hij is er zelf zo een. Jaren aan de heroïne geweest. Een slimme rotzak die van zijn moeder stal. Nu staat hij daar, in de bloei van een tweede leven, met vijftien van zijn ’cliënten’, en krijgt symbolisch de sleutel van de toren overhandigd van een man die een pak draagt en een bouwhelm: de site manager van Akzo Nobel in Hengelo. Ik kijk omhoog naar de toren, met die rotte houten delen in het gebintwerk en dan naar het gezicht van mijn broer. Een en al optimisme. Die klus gaat hij klaren – met zijn jongens.

De site manager legt nog iets uit over het community program van zijn bedrijf, want maatschappelijk verantwoord ondernemen, dat willen ze bij Akzo ook. Ze lieten eerder een toren opknappen door een jeugdzorgorganisatie, maar dat was, fluistert men, een nogal moeizame onderneming geweest. Krijg die lastige tieners maar eens op zo’n schilderssteiger. De jongens van Eddy hebben al enige ervaring in de bouw.

De wethouder spreekt ook even. Hij zegt blij te zijn met zulke initiatieven van het bedrijfsleven in zijn stad. Hij poseert met Eddy en de jongens. Ik weet dat hij dit project met meer dan gemiddelde belangstelling volgt.

De wethouder heeft, zoals gezegd, ook een broer. Net als ik. Ook zijn broer was een gebruiker. Hij en Eddy kenden elkaar uit het wereldje. Maar met de broer van de wethouder liep het minder goed af. Hij raakte depressief en wierp zich voor de trein. Die reed alleen zijn benen eraf. Hij zit nu in een verpleeghuis. Ik mag dit opschrijven van de wethouder, maar in niet meer dan een alinea, alsjeblieft.

Als ik naar die toren kijk, denk ik aan mijn broer. En aan de zijne.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden