Britten voorop in steun oude wijken

DEN HAAG - Het klinkt aanlokkelijk. Versoepel de regels voor ondernemers in achterstandsgebieden, en er ontstaan nieuwe bedrijven en arbeidsplaatsen. Onderzoeker Jan Rath vergeleek de Nederlandse plannen met bestaande 'kansenzones' in Groot-Brittannië, de Verenigde Staten en Frankrijk. “De Nederlandse maatregelen zijn zo mager dat je er niet veel van mag verwachten”, stelt cultureel antropoloog Rath.

Maandag opende staatssecretaris Kohnstamm van binnenlandse zaken in de Haagse Schilderswijk het eerste 'economische stimuleringsgebied' van Nederland. Binnenkort volgen de Rotterdamse wijk Charlois en de Utrechtse wijk Zuilen. Amsterdam mag experimenteren in De Baarsjes en heeft nog andere wijken op de wachtlijst staan. Stuk voor stuk na-oorlogse wijken met een hoge werkloosheid. Achttien kleinere steden hebben interesse getoond.

Voor de (inmiddels opgeheven) tijdelijke wetenschappelijke commissie Minderhedenbeleid vergeleken de onderzoekers Jan Rath, Robert Kloosterman en Joanne van der Leun afgelopen jaar de bestaande 'kansenzones' in Groot-Brittannië, de VS en Frankrijk.

Het verst zijn de experimenten in Groot-Brittannië, waar in 1984 elf gebieden werden aangewezen. “Het idee van kansenzones paste goed in de neoliberale denktrant”, zegt Jan Rath. “Het werd verrassend snel overgenomen door de regering-Thatcher.”

De kansenzones van de conservatieve regering weken echter nogal af van de oorspronkelijke ideeën van de sociaal-democraten. De keuze viel niet op dichtbevolkte binnensteden, maar vooral op grote zones in grotendeels ontvolkte gebieden in Noord-Engeland. Bovendien ontbrak de coördinerende functie van de overheid. “Het stimuleren van kleinschalige, innovatieve bedrijvigheid is niet van de grond gekomen”, zegt Rath. Het voornaamste effect was dat enkele grote bedrijven hun vestigingen verplaatsten, waardoor de werkgelegenheid plaatselijk soms flink toenam. De nieuwe werkgelegenheid ging elders dus verloren, vaak juist in de grote steden. Nieuwe bedrijven kwamen er nauwelijks bij.

Amerikanen

Nederland kan beter naar de VS en Frankrijk kijken, zegt Rath. De Amerikanen hebben sinds 1993 een wet die grote 'empowerment zones' en kleine 'enterprise communities' mogelijk maakt. In 1994 telden 42 Amerikaanse staten 105 van zulke zones. Naast belastingvoordelen en subsidies voor bedrijven, investeert de overheid in de zes grote empowerment zones ook in uitgebreide scholingsprogramma's, sociale veiligheid, gezondheidszorg en milieu. Over de effecten valt nu nog weinig te zeggen, blijkt uit het onderzoek. Het beleid staat in de VS nog in de kinderschoenen.

“Veel nieuws heeft Nederland er niet van te leren”, zegt Rath. “Waar ze in Amerika erg dik over doen, hebben wij al sinds de sociale vernieuwing.” Wat Nederland nog niet heeft, is een Disney corporation die honderden miljoenen dollars investeert in een nieuw amusementspark tussen Harlem en de Bronx in New York, vanwege de belastingvrijstelling in de Empowerment zone van die stad.

Red tape

Eén van de Amnerikaanse maatregelen is het verminderen van de 'red tape', de uitgebreide bureaucratie rond de vestiging van nieuwe bedrijven. “Maar veel van de betrokkenen klagen dat er alleen maar regels bij komen. Bedrijven moeten toch aan allerlei criteria voldoen om van de voordelen te genieten. En het afschaffen van bestaande regels is moeilijk, omdat allerlei branche-organisaties die in het verleden hebben afgedwongen. Die verzetten zich hevig tegen afschaffing.”

Om die reden was Los Angeles achteraf niet rouwig om het feit dat die stad geen Empowerment zone kreeg. “De schadeloosstelling was een bedrag ineens van 200 miljoen dollar. Dat wordt omgezet in micro-leningen voor beginnende ondernemers. Daar zijn ze verguld mee in Los Angeles.” Het bespaart de stad eindeloze onderhandelingen met de branche-organisaties.

Pas vorig jaar lanceerde de Franse regering ambitieuze plannen voor 'zones franches' in de verpauperde Franse voorsteden. De ervaringen zijn volgens Rath nog te pril om te beoordelen. De lasten voor bedrijven moeten drastisch worden verlaagd. Het eerste succes is een nieuwe vestiging van Coca Cola in Duinkerken. “Het Franse voorbeeld is nog nauwelijks operationeel, maar waarschijnlijk het meest interessant voor Nederland”, zegt Rath. “Deregulering is geen hoofdzaak in de Franse plannen, want daartoe zijn de mogelijkheden net als in Nederland uiterst beperkt.” Verzet van branche-organisaties tegen generieke maatregelen wordt daardoor voorkomen. “Bovendien lijkt de Franse gemeentepolitiek veel op de Nederlandse. Van die ervaringen kunnen we dus leren.”

Veel fiducie in de Nederlandse plannen heeft Rath niet. “Uiterst mager”, is zijn oordeel over de maatregelen. Een speciale wet voor de kansenzones laat op zich wachten. Kohnstamm heeft de grote steden voorlopig weinig méér te bieden dan de reeds bestaande regelingen. Dat zijn de belastingvoordelen op loonkosten uit de Wet Vermeend/Moor, en het belastingvoordeel op geïnvesteerd privévermogen, de zogenoemde 'Tante Agaathregeling'. Nieuw is eigenlijk alleen de introductie van een loket in de wijk, dat alle benodigde informatie en ondersteuning biedt. “Een goed idee”, vindt Rath. “In de VS bleken accountmanagers met korte lijnen naar de gemeente de bureaucratie te kunnen indammen.”

Na drie jaar overleg konden de grote gemeenten slechts moeizaam over de streep worden gehaald. Van de tien miljoen gulden die Kohnstamm heeft uitgetrokken, zijn de gemeenten niet onder de indruk. Kohnstamm heeft echter te maken met taai verzet van de branche-organisaties. “Wij willen de nadelen van achterstandswijken als vestigingsplaats compenseren”, zegt de Utrechtse projectleider Theo de Bakker. “Maar de werkgevers noemen dat concurrentievervalsing. We hebben te maken met hard, principieel verzet van hun kant.”

Verder dan het per geval bekijken van verzoeken tot ontheffing van milieu- en hinderwetten, kunnen de gemeenten niet gaan. “We moeten onze verwachtingen niet te hoog stellen”, waarschuwt ook De Bakker. “Wat we nu hebben is niet meer dan een eerste begin.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden