Review

Britten verkeken zich op Boeren

Voor de kerst zijn we terug, dachten de Britse soldaten die honderd jaar geleden naar Zuid-Afrika reisden om 'die oude Kruger eens een lesje te leren'. De Tommies zouden die ongetrainde Boeren binnen drie maanden in de pan hakken. Het werden bijna drie jaren en het ging ten koste van 22 000 Britten en 4 000 Boeren, terwijl 27 000 Boerenvrouwen en -kinderen in concentratiekampen stierven.

De Anglo-Boerenoorlog was de grootste oorlog tot dan toe in Afrika en het was de eerste ter wereld waarin concentratiekampen werden opgezet. Hoewel de Britten wonnen, vormde de oorlog een belangrijke voedingsbodem voor het Afrikaner nationalisme, dat uiteindelijk zou zegevieren en zou leiden tot de invoering van de apartheid.

Officieel begon de oorlog op 11 oktober 1899 omdat president Paul Kruger in zijn republiek Transvaal geen stemrecht wilde geven aan de zogeheten 'uitlanders', met name Britten, die op het goud van Johannesburg waren afgekomen. Tot ergernis van de vrome Kruger was Johannesburg een verdorven gouddelversstad geworden, vol bordelen, kroegen en gokhallen, waar Britse mijnbaronnen de economie in handen hadden. Toen de Britten ook nog stemrecht eisten, vreesde Kruger het ergste: de 'uitlanders' vormden immers de meerderheid in Transvaal.

,,Jullie willen geen stemrecht, jullie willen ons land'', riep Kruger de Britten toe. Ze hadden al het bestuur over de Kaap-kolonie en Natal en zochten volgens hem nu een excuus om de twee onafhankelijke Boerenrepublieken Transvaal en Oranje Vrijstaat te annexeren.

De Britten dachten met 20 000 soldaten, enkele top-generaals en een flink arsenaal wapens de Boeren gauw de baas te zijn. Het liep anders. De meeste Boeren hadden dan wel geen militaire training, maar waren uitstekende ruiters en kenden het ruige 'veld' op hun duimpje. Bovendien kregen ze veel steun uit het buitenland. Niet alleen de 'stamvaders' uit Nederland, Duitsland en Frankrijk stuurden hulpbrigades, maar ook Amerikanen, Ieren en Russen vochten mee aan Boerenkant.

Op het hoogtepunt stonden er bijna 250 000 Britten in uniformen, tegenover zo'n 60 000 Boeren in gewone ribfluwelen kloffies, onder wie veel jonge jongens en bejaarden. Het beeld ontstond dat de Boeren een heroïsche, heilige oorlog voerden en al Bijbellezend en religieuze liederen zingend ten strijde trokken. Maar ze maakten veel fouten. Ze waren koppig en eigenwijs en discussieerden lang over de te volgen strategie. Bovendien zaten er veel angsthazen tussen, die wegvluchtten zodra de Britten hun eerste schot losten. Ook heerste regelmatig de 'verlofziekte'; Boeren die doodleuk een paar dagen naar huis gingen, met of zonder permissie.

Halverwege 1900, na de verovering van de republiekshoofdsteden Pretoria en Bloemfontein, leken de Britten de strijd te hebben gewonnen. Maar de Boeren schakelden op een meer aanvallende tactiek over. Als eersten ter wereld groeven ze loopgraven, van waaruit ze de Britten verrasten. Bovendien begonnen ze een guerrillastrijd, waarbij kleine commando's vanuit de bergen bliksemaanvallen uitvoerden op Britse kampen en konvooien.

De Britten klaagden dat de Boeren zich niet hielden aan internationale oorlogsregels. Zo zouden ze Rode-Kruisambulances hebben overvallen en hebben geschoten op Britse soldaten met een witte vlag. Maar het antwoord van de Britse generaal Kitchener was nog veel bruter. Om te verhinderen dat de guerrilla's nog langer bevoorraad werden door vrouwen en achterblijvers, begon Kitchener de politiek van de verschroeide aarde. Zijn troepen legden meer dan 30 000 boerderijen in de as en vernietigden hele oogsten en veestapels. De bewoners werden vervoerd naar 'concentratiekampen', de eerste in de geschiedenis.

De Britten noemden het zelf vluchtelingenkampen, maar de omstandigheden waren er zo slecht dat sommige historici spreken van een bewuste poging de Afrikaners uit te roeien. De kampen waren overbevolkt, onhygiënisch en boden nauwelijks schaduw. De 220 000 bewoners, vooral Boerenvrouwen en -kinderen, hadden honger en dorst en leden aan typhus en longontsteking. Naar schatting stierven 27 000 mensen in de kampen.

De concentratiekampen braken uiteindelijk het verzet van de Boeren. Er bleven nog wel wat 'bittereinders' over, maar de groep 'hensuppers' (mensen die zich overgaven) groeide met de dag. Op 31 mei 1902 werd het Verdrag van Vereeniging getekend. Aangezien de Britten inzagen dat ze moesten samenwerken met de Afrikaners om de goudmijnen zo snel mogelijk weer te laten draaien, gaven ze drie miljoen pond aan herstelbetalingen. Ook kregen de Boeren-republieken de garantie dat ze hun onafhankelijkheid zouden terugkrijgen 'zogauw de omstandigheden dat toelaatten'.

Deze belofte werd acht jaar later al ingelost met de vorming van de Unie van Zuid-Afrika, waarvan generaal Smuts premier werd. En zo gaf de koloniale mogendheid de soevereiniteit in een overwegend zwart land aan een kleine blanke minderheid van Afrikaners. Ze zouden de macht de eerstkomende 84 jaar niet opgeven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden