Briljante timing

Ze zal blij zijn als het gedoe achter de rug is. Een concert, een biografie, een cd met nieuw werk, een tweede met een bloemlezing van oud werk: er zijn mensen wier 80ste verjaardag met minder ophef gepaard gaat.

Ze is zo klein dat de tafel waaraan ze zit tot haar oksels komt. Maar met haar leeftijd heeft dat niets te maken: klein was ze altijd al. Alleen aan haar handen kun je haar jaren aflezen; gezichtsrimpels zijn dankzij een paar injecties verdwenen. Dat haar stem het nog goed doet verbaast haar zelf; ,,toen ik jong was had ik nooit gedacht dat ik op deze leeftijd nog zou zingen. Er zullen trouwens ook wel wat mensen zijn die stilletjes hoopten dat dat zo zou zijn. In al die jaren dat ik zing zijn er een paar nieuwe generaties musici bij gekomen, per slot. Die misschien ook wel hoopten dat ik nergens meer zou wezen sinds Pim dood is.”

Ze is niet alleen ouder dan ze oogt. Ze zegt ook nog altijd, als een puber bijna, wat haar voor de mond komt -ooit de reden waarom echtgenoot Pim Jacobs tijdens interviews liever zelf het woord deed. Maar als er één boodschap is die Rita Reys nu rond haar tachtigste verjaardag wil afgeven -echt jarig is ze trouwens pas op 21 december -dan is dat: ik ben er nog.

Toen ze vijf jaar geleden 75 werd, gaf ze een concert in het Amsterdamse Concertgebouw waarover alle kranten jubelden. ,,Ze mist de kracht en souplesse van weleer, maar met haar timing is nog niets mis”, schreef Trouw toen. Vijf jaar later is dat nog waar. Op de nieuwe CD 'Beautiful Love -a tribute to Pim Jacobs', afgelopen zomer opgenomen en vanmiddag ten doop gehouden, zingt ze stukken die ze nooit eerder opnam, begeleid door een zeer potent trio met piano (Peter Beets), bas (Ruud Jacobs) en gitaar (Martijn van Iterson). Van die vier musici, gebiedt de nuchterheid in te zien, is ze de zwakste. Maar dat ligt aan de dunheid van haar stem, niet aan haar timing. En die speciale Reys-uitspraak van het Engels, die is er ook nog altijd.

Over die nieuwe generaties jazz-zangeressen is Rita Reys weinig te spreken. Er zijn in Nederland eigenlijk maar drie zangeressen die het voorvoegsel 'jazz-' verdienen, vindt ze: Greetje Kauffeld, Ann Burton en Rita Reys. Punt. En al die dames dan die op de conservatoria tot jazz-zangeres worden opgeleid?

,,Daar leren ze noten lezen en ze leren wat zingen. Maar timing, dat leren ze er niet. En dat valt ook niet te leren. Dat heb je of dat heb je niet. En wat je ook zo vaak ziet: ze bestuderen de tekst niet.” Ze grijpt naar een schrift dat op tafel ligt. ,,Als ik een stuk zing en ik kom in de tekst iets tegen dat ik niet goed begrijp, dan zoek ik het op of ik vraag het na. Zo oud als ik ben.”

Het schrift gaat open. ,,Hier, een voorbeeld. In Devil may care zat een regel die ik niet begreep: live love today. Ik zong de hele tijd love live today, want je denkt als Nederlandse natuurlijk ook: liflaf? Nou hadden we een geluidsman die Engelstalig is, dus ik vraag hem hoe het zit. Het kan allebei, zei die. Maar live love today betekent natuurlijk dat je de liefde in het heden moet beleven. Ja, nu ik het vertel klinkt het allemaal erg simpel, maar eerst zat ik ermee. Dan zoek ik het uit. Maar denk je dat de jonge generatie dat ook doet? Welnee.”

Die biografie, dat is voor Nederland vrijwel een unicum. Volgens de kaft is het boek geschreven door Rita Reys en Bert Vuijsje samen. In werkelijkheid schreef Vuijsje het, ,,maar heb ik alles vooraf gelezen en heb alles gewijzigd wat hij overdreef of verkeerd begrepen had,” zegt Reys, met klem.

Rita Reys' levensverhaal, in het boek opgetekend als een langgerekte monoloog, is tussen de regels door het verhaal hoe de jazz zich in Nederland ontwikkelde: van een vorm van rebel-lie tot een muzieksoort voor keurige mensen. Rita Reys' professionele loopbaan begon in 1943, op haar 19de, in haar geboortestad Rotterdam bij de Hawaiian Minstrels. Want jazz (,,negroïde en negritische elementen in dans-en amusementsmuziek”) was tijdens de bezetting verboden. Kort na de bevrijding vroeg de drummer van het Lex van Spall-orkest, Wessel Ilcken, of Rita Reys bij hen wil komen zingen. Ze zei ja, Ilcken en zij werden verliefd, in november 1945 trouwden ze. ,,Wessel was voor mij eigenlijk een uitvlucht naar vrij zijn, weg van mijn familie.”

Vanaf dat moment is Rita Reys jazzzangeres. Overal in Europa was er inmiddels vraag naar jazz en samen met Ilcken reist ze, in verschillende orkesten, langs de leave centers voor Amerikaanse militairen: Duitsland, Luxemburg, Tanger, Engeland. Toen ze daar genoeg van kregen gingen ze samen naar Zweden, toen een van de belangrijkste jazzlanden in Europa.

In 1956 maakt ze in New York een plaat met Art Blakey's Jazz Messengers -waarover Rita Reys achteraf toch niet zo tevreden was: ,,Horace Silver was een hele goeie pianist, maar Art Blakey vond ik log. Dan swingt het voor mij helemaal niet -al speelt hij nog zo ritmisch, met zo'n heavy beat. Die beroemde roffel van hem vond ik vreselijk. Ik weet dat die platen met de Messengers mij internationaal bekend hebben gemaakt en toch had ik er achteraf spijt van. Muzikaal kreeg ik er geen kick van. Ik vond het niet lekker swingen.” Een jaar later kreeg haar echtgenoot een hersenbloeding en overleed, Rita Reys achterlatend met een jonge dochter.

Drie jaar later, in september 1960, hertrouwt Rita Reys met Pim Jacobs, sinds 1956 de pianist van het combo van Ilcken en Reys. Het leeftijdsverschil tussen Jacobs en Reys -zij was tien jaar ouder -hield de gemoederen destijds nogal bezig. Het huwelijk zou 36 jaar duren, tot Jacobs in 1996 overleed. De enorme bekendheid bij het grote publiek dateert vanaf haar huwelijk met Pim Jacobs. In juli 1960 werd het trio-Pim Jacobs met Rita Reys in Juan-les-Pins uitgeroepen tot het beste Europese jazzcombo, en vanaf toen werd Rita Reys steevast aangekondigd als Europe's first lady of jazz al ging de kwalificatie 'beste zangeres' dat jaar overigens niet naar haar, maar naar de Duitse Inge Brandenburg.

Vanaf Pim Jacobs hield hun muziek zo zoetjesaan op grenzen te zoeken. Vooral na 1971, toen er gelikte platen begonnen te verschijnen: Rita Reys sings Burt Bacharach, sings Michel Legrand, of The George Gershwin song-book -alle drie met arrangementen van Rogier van Otterloo. Het verkocht enorm, maar het leverde ook kritiek op. De nette, gelikte jazz -was het dat eigenlijk wel? -die 'kon' in orthodoxe jazzkringen niet. En rijk werd je er nou ook weer niet van. Rita Reys: ,,Je verdient pas geld als je, zoals Lee Towers enzo, in een stadion staat. (Zingt, met pathos in de stem) You'll neeeeever walk alone. Jazz, dat kopen alleen de liefhebbers. Dat is, toen zowel als nu, een klein publiek. Nou ben ik intussen wel een begrip geworden -dus ik heb het goed. Maar multimiljonair, dat word je in de jazz niet. Heb ik ook geen behoefte aan hoor. Dat soort dingen heb ik nooit gewild. Ik heb ook nooit concessies gedaan. Platenmaatschappijen hebben dat wel gewild, dat ik Nederlandse lullige liedjes op een plaat zou zetten. Dat heb ik één keer gedaan, met De Zon In Scheveningen. Maar ik wilde dat niet vaker doen.

Kijk, ik ben eigenlijk een heel aardig mens hoor, maar wel heel eigengereid. Ik heb alleen maar gedaan waar ik zelf in geloofde.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden