'Boycot Israël is contraproductief'

De internationale beweging voor een boycot van Israël groeit. Vredesactivist Uri Avneri vreest dat Israëliërs daardoor de rijen zullen sluiten. Boycot producten van kolonisten: dat is wel een goed idee.

'Een boycot van Israël drijft het Isra elische publiek in de armen van de kolonisten en extreem-rechts. Het doet het eeuwenoude Joodse sentiment herleven dat de wereld tegen ons is, en dat wij Joden ons moeten verenigen tegen de gojim [niet-Joden]." Aan het woord is Uri Avneri - de man die zelf nota bene aan de wieg stond van de boycot van producten uit de Joodse nederzettingen. Eind jaren negentig publiceerde zijn vredesbeweging Gush Shalom voor het eerst lijsten met 'verboden' producten.

"Ik heb in mijn leven honderden persconferenties georganiseerd, maar die over de boycot was de eerste waar geen enkele Israëlische journalist verscheen. Niet eentje. Het idee van een boycot was voor veel Israëliërs een enorme schok. Door de leuze Kauf nicht bei Juden [tegen Joodse winkeliers in nazi-Duitsland] in herinnering te brengen, laaien de emoties makkelijk hoog op. Toch hebben we ook veel medestanders gekregen. Tienduizenden hebben die lijsten met kolonistenproducten opgevraagd. Ja, tienduizenden alleen in Israël, Gush Shalom richt zich niet op het buitenland."

Een legende is hij. Onlangs werd Avneri 90 jaar. Een van de cadeautjes: een onderscheiding van de Palestijnse president Abbas met een uitnodiging voor een etentje in Ramallah. Al zolang de bezetting bestaat, is zijn tegenstem te horen. In het parlement, in de media, op straat. Gehaat door de regerende klasse, geliefd bij linkse jongeren die in hem een inspiratiebron vonden voor vrede met de Palestijnen. Geen Israëliër kent hem niet. Tenzij iemand de afgelopen 65 jaar heeft liggen slapen.

Avneri ziet er wat moe uit, zijn ogen hebben die waterige glans die oude ogen soms krijgen. Hij praat langzaam, met veel pauzes, maar zijn woorden zijn helder. Je kunt het met hem oneens zijn, maar op onzin kun je hem niet betrappen. Toch lijkt hij een zonderlinge eenling geworden, een roepende in de woestijn: wie in Israël is nog links dezer dagen?

U heeft uw hele leven tegen de bezetting gevochten. Maar de bezetting is er nog steeds en Israël is almaar rechtser geworden ...
"Dat is een misvatting. Links heeft politiek gezien compleet gefaald, dat is waar. Maar in de publieke opinie hebben we een enorme overwinning behaald. Toen ik begin 1949 begon te pleiten voor vrede met de Palestijnen, direct na de Onafhankelijkheidsoorlog, waren er in de hele wereld misschien honderd mensen die er zo over dachten. Vandaag de dag bestaat er over de 'twee-statenoplossing' internationale consensus, Israëlische én Palestijnse consensus. Dat is een enorme overwinning.

Dat links in de politiek zo'n triest schouwspel is geworden heeft vele redenen, maar de belangrijkste is dat het tegen de kern ingaat van wat de zionistische beweging al 130 jaar is. Het zionisme wilde vanaf het begin een Joodse staat stichten in heel Palestina, zo niet meer. En: zonder niet-Joden. Dat is de basisgedachte. Wij propageren niet alleen een andere politieke lijn of zo, maar een fundamentele verandering van de historische beweging die de staat Israël heeft gecreëerd. Een heel lastige klus."

Waarom koos uw beweging Gush Shalom in 1997 voor een boycot van producten uit de nederzettingen?
"Een boycot is een praktisch en democratisch actiemiddel: iedereen kan eraan meedoen, anoniem, zonder dat je je bij een organisatie moet aansluiten. Je hoeft alleen maar niet te kopen. Bovendien sloot het precies aan bij ons doel. We wilden 'de groene lijn' [grens tussen Israël en bezette Palestijnse gebieden] in het bewustzijn van Israëliërs terugbrengen. Dat Israël niet hetzelfde is als bezet gebied. We wilden een scheiding aanbrengen tussen Israëliërs en kolonisten. Een van onze slogans was: 'Ik koop alleen producten uit Israël, ik koop geen producten van kolonisten.'

Gush Shalom ziet voor zichzelf als belangrijkste opdracht het Israëlische publiek te beïnvloeden. Wij geloven dat elke stap naar vrede afhankelijk is van het Israëlische publiek. Zolang Israëliërs de rampzalige nederzettingen steunen, komt er geen vrede."

De nederzettingen zijn intussen alleen maar gegroeid. Is een algemene boycot van Israëlische producten en bedrijven niet effectiever?
"Nee, daar geloof ik niet in. Israëliërs moeten stelling nemen tegen de kolonisten. Een algemene boycot van Israël zal precies het tegenovergestelde teweegbrengen. Een boycot wordt gezien als antisemitisch.

Dat is nu eenmaal een Joodse reflex, al eeuwenlang. Onze kinderen leren op de kleuterschool nog steeds dat de wereld tegen ons is. Dus als de gojim aanvallen, steunen Joden elkaar."

Het besluit van het Nederlandse pensioenfonds PGGM om zijn geld terug te halen uit de grote Israëlische banken vindt u verkeerd?
"Ik steun het niet. Ik snap dat het er van buitenaf anders uitziet. Op een bepaalde manier is iedereen in Israël verbonden met de nederzettingen, ook ik. Dus ik begrijp de overwegingen wel, maar ik steun het niet. Hetzelfde geldt voor de internationale boycotbeweging. Ik zal niet opstaan om me ertegen uit te spreken, maar steun haar niet actief."

De internationale, Palestijnse boycotbeweging BDS (Boycot, Desinvestering, Sancties), die steeds meer succes lijkt te boeken, verwijst graag naar Zuid-Afrika. Daar leidde een internationale boycot tenslotte tot afschaffing van de apartheid. Avneri: "Ik heb me daar eens in verdiept, er met veel Zuid-Afrikanen over gesproken, ook met bisschop Tutu: in hoeverre was het de boycot die het apartheidsregime deed vallen? Naar mijn indruk is de invloed van de boycot zwaar overdreven. Het is een westers koloniaal idee dat het regime viel door de boycot van ons, de blanken. In feite waren het de massale acties van de zwarte bevolking zelf die de hoofdrol speelden. Natuurlijk, de boycot was behulpzaam als morele steun voor de zwarte bevolking in hun strijd, zeer behulpzaam. Maar de bevolking zelf heeft de strijd geleverd."

Het is uw stellige overtuiging dat verandering in Israël van binnenuit moet komen?
"Ja, druk van buitenaf zal geen einde brengen aan de bezetting, noch een Palestijnse staat helpen stichten."

Hoe dan? De meeste Israëliers steunen de 'twee-statenoplossing', zo blijkt uit elke peiling weer. Maar bij de stembus kiezen ze voor politici die het onderwerp in de campagne vermijden of er zelfs uitgesproken tegen zijn.
"Onlangs had ik hier een Deense journaliste op bezoek. Ik zei haar: als je straks weggaat, moet je op de Ben Jehudastraat hier om de hoek de eerste de beste taxichauffeur vragen hoe hij over vrede denkt. Hij zal zeggen: 'Ik ben voor vrede, dat zou zo mooi zijn, ik geef er de Westelijke Jordaanoever graag voor op, en Oost-Jeruzalem ook, want daar kom ik toch al nooit. Maar er gaat helaas geen vrede komen, want de Arabieren zullen ons hier nooit accepteren.'

De volgende dag belde de Deense me en zei: 'U had gelijk! De taxichauffeur herhaalde uw tekst woord voor woord'.

Zo staan we ervoor in Israël. We denken dat het 'de andere kant' is die niet wil. Er is geen 'partner voor vrede'. Waarom? Doordat politici ons dat idee hebben ingeprent. We horen het elke dag. Dit idee moeten we eronder zien te krijgen. Daar kan de wereld ons bij helpen, ons laten zien dat de Palestijnen echt vrede met ons willen. Ik ben bang dat de BDS-beweging het omgekeerde doet. Hun motieven zijn over het algemeen goed, maar er zit in die boycotbeweging een antisemitisch element. Ik zeg niet dat de BDS-beweging antisemitisch is, dat is nonsens. Maar zij trekt wel antisemieten aan. Dat is vanzelfsprekend, als logica. Ik krijg veel teksten via internet, en soms hebben ze een antisemitische bijsmaak."

Moeten Palestijnen zelf duidelijker laten horen dat ze vrede willen?
"Daar heb je zo'n ongelukkige paradox. Om Israëliërs ervan te overtuigen dat vrede mogelijk is - en dat is echt heel moeilijk - hebben we een dramatisch Arabisch voorbeeld van vredestichten nodig. Een Sadat [president Egypte, kwam in 1977 als eerste Arabische leider naar Israël en sprak daar het parlement toe], maar dan in tienvoud, hónderdvoud. Hij wist de publieke opinie in een minuut te veranderen. Ik heb hem daarna eens gesproken en hem verteld: 'Toen u uit dat vliegtuig stapte en op die trap stond, keek ik uit het raam van mijn huis in Tel Aviv en zag ik niets bewegen, helemaal niets. Behalve een kat, die waarschijnlijk ook op zoek was naar een televisietoestel'. Je kunt diepgewortelde opinies veranderen, maar daarvoor is drama nodig. Iets wat je kunt zien, horen, op de televisie kunt meebeleven."

President Abbas, zou hij zoiets moeten doen?
"Het probleem is dat Abbas gezien zou worden als de Franse generaal Pétain tijdens de Tweede Wereldoorlog: iemand die heult met de vijand. De gezamenlijke vredesbeweging van Palestijnen en Israëliërs is zo goed als dood. Elke ontmoeting met Israëliërs wordt nu door Palestijnen gezien als 'normalisatie'. En dat is een vies woord."

Palestijnen noemen samenwerking met Israëliërs 'normalisatie', oftewel: met hen op 'gewone voet staan'. Dat is uit den boze, want met de bezetter werk je niet samen.

Op de vraag of er wel een Palestijnse vredesbeweging bestaat, maakt Avneri een vergelijking die bij velen in Israël slecht zal vallen. "Hadden jullie in Nederland in de jaren veertig een beweging die vrede zocht met de Duitsers? Tijdens de bezetting? Nee, natuurlijk niet. In een oorlog predik je geen vriendschap met de vijand. Tenzij je als verrader gezien wilt worden. Broederschap is iets wat de sterke partij kan aanbieden. Het is onmogelijk voor de zwakke partij. Jammer is het wel, want het maakt de kansen op vrede veel kleiner.

Het is een vicieuze cirkel: door de almaar voortdurende bezetting zijn Palestijnen steeds minder geneigd openlijk met Israëliërs samen te werken. En doordat er geen samenwerking is, verdiept zich in Israël het gevoel dat 'ze' ons nooit zullen accepteren."

En de Israëlische vredesbeweging?
"Er zijn talloze organisaties die goed werk doen, tientallen, honderden zelfs. Maar we hebben een nieuwe politieke organisatie nodig, een nieuwe partij."

Ziet u iemand die daaraan leiding kan geven?
"Nee. Maar mensen komen en gaan. Morgenochtend kan er ineens een jongeman of jonge vrouw opstaan die iets teweegbrengt. Het voordeel van mijn hoge leeftijd is dat ik optimitisch kan zijn. Ik heb zoveel verrassingen gezien in mijn leven, zoveel totaal onverwachte wendingen."

Ondertussen keert de wereld zich steeds meer tegen Israël.
"Ja, ik zie dat de houding tegenover Israël verandert. Maar het is een langzaam proces. In Europa is er nog steeds het besef van de Holocaust, van het Kauf nicht bei Juden, dat tot gematigdheid leidt. En in de VS is de invloed van het zionisme in de politiek nog altijd immens. Dat verandert niet in een paar maanden of jaren. Dat is een kwestie van decennia.

Dat neemt niet weg dat het hier een groot thema is. Iedereen praat erover, over de delegitimisatie van Israël, zoals het wordt genoemd. De reactie van Joden is complex. Aan de ene kant zijn ze er bevreesd voor, aan de andere kant is het iets wat ze verwachten.

Ik zeg weleens, niet heel grappig bedoeld, dat Joden het niet fijn vinden om geliefd te zijn. Daar worden ze onzeker van, alsof er iets niet klopt. Als iedereen Israël vervloekt, zijn ze op een bepaalde manier gelukkiger, dan zijn de dingen tenminste weer normaal."

Dus de wereld zou Israël moeten omhelzen?
"Haha, ja, dat de wereld zou zeggen: als jullie nou geen einde aan die bezetting maken, dan gaan we jullie omhelzen, pas op!"

Wie is Uri Avneri?
Avneri (geboren 1923, Duitsland) is schrijver, activist en oprichter van de Israëlische vredesbeweging Gush Shalom. Zijn ouders emigreerden in 1933, toen Adolf Hitler aan de macht kwam, naar toenmalig Palestina.

Avneri is in Israël een voortrekker in vele opzichten. Hij sprak eind jaren veertig al over de noodzaak van vrede en een Palestijnse staat naast Israël. Hij reisde tijdens het Israëlische beleg van Beiroet in 1982 met gevaar voor eigen leven daarheen om Jasser Arafat te ontmoeten.

In vele artikelen, boeken en redevoeringen in de Knesset (hij was meerdere periodes parlementslid) pleitte hij steevast voor dialoog en de twee-statenoplossing.

Zijn linkse activisme leverde hem uitgesproken vijanden op; hij was slachtoffer van een aanslag op zijn leven. Maar hij ontving ook talloze onderscheidingen en prijzen voor zijn vredeswerk.

Uri Avneri, die vorig jaar negentig jaar werd, schrijft op dit moment aan zijn autobiografie, zo vertelde hij tijdens het vraaggesprek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden