Bowie's bronnen

In het Londense Victoria & Albert Museum opende afgelopen weekeinde een expositie over muzikant en kunstenaar David Bowie, de legende, alom geprezen als pionier en trendsetter. Maar de tentoonstelling werpt ook licht op de andere kant: wie waren Bowie's inspirators?

Als jongeling zette David Bowie zijn eerste schreden in de muziekwereld door de band The Kon-Rads op te richten. In een van de talrijke Bowie-zalen van het Victoria & Albert Museum (V&A) hangt een foto uit 1963 waarop hij als 16-jarig groentje poseert. Quasi-nonchalant zit hij op een drum met het Kon-Rads-bandlogo. Jasje, dasje. Keurige coupe. Dit is feitelijk David Bowie nog niet, maar David Robert Jones, de jongen die twee jaar later de artiestennaam Bowie zou aannemen om uit te groeien tot de wereldberoemde ster die hij nu is. Volgens het V&A weet hij op het zwart-witkiekje duidelijk nog niet wat hij wil worden: een rocker als Elvis Presley of een komiek als Max Miller?

Bowie zou geen keuze maken, zich niet beperken tot het één of het ander. Alles en iedereen zou hij worden, voor zolang hij wilde. In de tv-show van Russell Harty zei de performer in 1973: "Ik verzamel identiteiten". Gedurende zijn vijftigjarige carrière, die afgelopen maand met het album 'The Next Day' een voortzetting kreeg, is 'kameleon' daarom altijd het label geweest dat Bowie op zich geplakt kreeg.

Het V&A toont alle kleuren die de kameleon aannam. Het museum kreeg daarvoor toegang tot de crème de la crème: voor het eerst stelde Bowie zijn persoonlijk archief open. Zestig kostuums en zo'n driehonderd objecten werden daar uitgepikt. Van tekeningen uit zijn schooltijd tot exclusief materiaal uit zijn wildste jaren. Een vergeelde politiefoto uit 1976, toen Bowie door het Rochester Police Department in de kraag werd gevat wegens drugsbezit, is een blikvanger. Handgeschreven songteksten -inclusief frases die nog sneuvelden van superhits als 'Space Oddity' - hangen als relikwieën aan de wand.

Steevast wordt benadrukt hoe groot de invloed van Bowie op anderen is geweest, in sociaal en artistiek opzicht. Hoe veel hedendaagse bands, zoals Arcade Fire en Placebo, in zijn voetsporen zijn getreden; hoe zijn choquerende houding de wereld een artistieke stroomstoot gaf. Want: zonder het provocatieve voorwerk van Bowie was het grote publiek nu waarschijnlijk niet klaar geweest voor een zelfbenoemde freak als Lady Gaga. Curator van de expositie Vicky Broackes vat de rol van Bowie kortweg samen als: invloedrijk. Op muziekgebied, maar ook in de mode, design en videokunst.

In het V&A wordt ook de andere kant van de medaille belicht. Ja, Bowie heeft altijd uitgeblonken in eigenzinnigheid en authenticiteit, maar ook hij liet zich inspireren en vormen door anderen.

Veel aandacht gaat op de expositie uit naar Andy Warhol (1928-1987). Zijn overbekende Marilyn Monroe-kop neemt een prominente positie in en voor beelden van Warhols kunstfabriek The Factory is ook plek ingeruimd. Bowie noemde de popartartiest - die hij opmerkelijk genoeg slechts één keer ontmoette - een van zijn grootste inspirators. De adoratie was trouwens niet wederzijds. Het nummer 'Andy Warhol', dat Bowie maakte over de pruikdragende zeefdrukkunstenaar, vond Warhol drie keer niks. Voor Bowie geen afknapper, want in de film 'Basquiat' (1996) gaf hij Warhol een blijk van liefde door in zijn huid te kruipen.

Een klein zaaltje van het V&A is ingericht met kunst die Bowie zelf maakte: portretten van onder andere vriend en collega-muzikant Iggy Pop, met wie hij een paar drugsrijke jaren in Berlijn beleefde. Egon Schiele werd door Bowie eens als zijn grote held in de schilderkunst genoemd. Had hij dat niet verklapt, dan was de link trouwens ook snel gelegd. Het is die combinatie van vervreemdende perspectiefkeuzes en surrealistisch kleurgebruik.

Naast schilderijen hangen er ook tekstexperimenten van Bowie aan de muur; door elkaar gehusselde knipsels van woorden. Daarmee speelde hij leentjebuur bij de door hem bewonderde schrijver William Burroughs, bedenker van deze 'cut up'-schrijfmethode. Meer literaire invloed: het podiumdecor van de Diamond Dogs-toer (1974), die in maquettevorm tentoongesteld staat, was Bowie's saluut aan de wereld die George Orwell creëerde in het boek 'Nineteen Eighty-Four'.

Bowie is veelgeprezen als stijlicoon en vernieuwer van de mode. Maar het zelf fabriceren van kledingstukken, dat is een van de weinige disciplines waar hij zich niet aan waagde. De extravagante outfits waarmee hij zijn alterego's vormgaf, haalde hij bij designers die hij bewonderde.

Het kleurrijke strakke pak waarin Bowie in 1972 voor het eerst als Ziggy Stardust op de nationale televisie verscheen, kwam bij Freddie Burretti onder de naaimachine vandaan. De rockster had hem gevraagd om iets te maken in de sfeer van Stanley Kubricks absurdistische boekverfilming 'A Clockwork Orange' (1971), waar Bowie zich aan laafde.

Het meest in het oog springende garderobestuk in het V&A is een pak van de hand van de Japanse modeontwerper Kansai Yamamoto. Een zwarte outfit. Het bovenstuk heeft een strakke snit, maar de broekspijpen zijn gigantische, ronde gevaarten. Een meter breed wel. Bowie was zo onder de indruk van Yamamoto's werk toen hij daar in 1971 in Londen op een expositie tegenaan liep, dat hij de opdracht gaf om voor zijn Aladdin Sane-tournee kostuums te maken.

Het Italiaans-Britse kunstenaarsduo Gilbert and George passeert ook de revue. Op een video is hun meest bekende performancewerk te zien. De twee stelden zichzelf in musea tentoon als zingende sculpturen, met geschminkt gezicht. Ongehoord en baanbrekend was het toen ze daar in 1969 mee begonnen. Bowie zou hun theatrale, clowneske tactiek ook inzetten. In zijn rol als Ziggy Stardust beschilderde hij zijn gezicht met de bekende roodblauwe bliksemschicht. Maar jaren later kwam de invloed van Gilbert and George nog veel directer terug.

Na het uitkomen van het album 'Scary Monsters (and Super Creeps)' in 1980 was Bowie een tijd lang uitgedost als een pierrot, met wit gezicht en gecontroleerde motoriek. Een letterlijke herhaling van wat Gilbert and George uithaalden als hun eerste grote kunststunt: zingen als personage dat eigenlijk muisstil hoort te zijn.

Kaartjesrecord
Nooit eerder verkocht het V&A zoveel toegangskaarten voor een expositie die de deuren nog moest openen. Maar liefst 50.000 kaartjes gingen al over de toonbank en daardoor is 'David Bowie Is' de komende maand volgeboekt. Voor mei zijn ook weinig toegangsbewijzen meer verkrijgbaar. De tentoonstelling loopt nog wel tot 11 augustus. Voorafgaand aan bezoek reserveren is een must. Het V&A houdt een reeks van lezingen en discussies over de expositie. Schrijvers, filmmakers en muzikanten zullen 's avonds hun licht laten schijnen op het fenomeen Bowie. Meer informatie: www.vam.ac.uk

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden