Boventoonzang en improvisatie in opera over Noach

AMSTERDAM - "Zelfs voor ons was het de vraag of en hoe het zou werken: de vier boventoonzangers uit Tuva samen met de Nederlanders. Van te voren hadden ze de teksten opgestuurd gekregen, fonetisch gespeld en in het cyrillische schrift. En een cassette, zodat ze zich een idee over de teksten konden vormen. Sinds hun komst hebben we elke dag gerepeteerd. En het werkt! Wacht maar."

Niets kan die avond Friso Haverkamps enthousiasme temperen. De moeilijkheden met de manager van de boventoonzangers deren hem niet. En zijn zenuwen voor de premiere van de tweede acte 'Zwarting', van de opera 'Noach', waarvoor hij het libretto schreef, houdt hij goed in bedwang. Friso Haverkamp is de vaste artistieke partner van componist Guus Janssen. Eerder collaboreerden zij aan de kameropera 'Faust's Licht' ('85). Samen runnen zij het cd-label Geestgronden en onder de naam van dezelfde stichting organiseren zij nu de concertante uitvoeringen van 'Zwarting'. Meer dan in de twee eerder concertant uitgevoerde delen, 'Dodo', door het Schonberg Ensemble met vocalist Lieuwe Visser, en 'Wening', door het Mondriaan Kwartet met vocaliste Ilse van de Kasteelen en rietblazer Ab Baars, combineert Guus Janssen in 'Zwarting' werkelijk al zijn muzikale voorkeuren. Zo laat hij horen een fantasierijk improvisator te zijn en toont hij in de beheersing van het notenmateriaal zijn kunnen als 'klassiek' componist. Daarnaast integreert hij knap de extremen van de boventoonzang uit Tuva, een onafhankelijke staat gelegen tussen Siberie en Mongolie. Dit lijkt misschien een merkwaardige stap, maar is het niet. Eerder experimenteerde Janssen met boventonen in composities als 'Sprezzatura', 'Streepjes', 'Temet' en 'Keer'. Voor 'Zwarting' versterkte hij zijn eigen zevenkoppige Guus Janssen Orkest met het Mondriaan Kwartet en harpiste Ernestine Stoop. De rol van Noach werd overtuigend vertolkt door de bariton Romain Bischoff, die van Noachs vrouw iets minder trefzeker door de sopraan Manon Heyne. De 'stemmen' van de dieren werden doeltreffend verklankt door de vier zangers van het Tuva Ensemble Kyzyl. De verteller Johan Kolsteeg verhelderde met zijn commentaar de gebeurtenissen.

In 'Noach' wijken Haverkamp en Janssen af van de versie in Genesis. In hun opera kiest Noachs vrouw, door te weigeren aan boord te gaan van de ark, voor de ten dode opgeschreven wereld. Dat leidt tot een fraaie monoloog:

'Welke angst vergt deze angst / welke vernedering deze waan / welke leegte deze vergelding

Wat wettigt deze schuld / Welk begin dit einde

Wat bezielt dit verraad / wat stilt dit verlangen/wat drijft dit narrenschip / Als ten dode ten dode'.

Zang, stemmen, instrumenten en de sporadisch te horen banden met geluiden van kolkend en stromend water zorgden voor een indrukwekkende ervaring. De boventoonzang paste wonderwel in het door Janssen eigentijds getoonzette drama. Zo ook de voortdurend borrelende onrust van de dierenwereld, perfect vertolkt door de leden van het Guus Janssen Orkest, en hun hilarische, als vurige statements klinkende uithalen. Zonder hun bijdragen zou 'Zwarting' braaf hebben geklonken, terwijl nu rebellie, onbegrip en twijfels weergaloos gestalte kregen. Om met Noachs vrouw te spreken:

'Hoe laag / hoe kwaad / hoe bitter / Hoe ziek / Hoe slecht / Hoe liefdeloos'.

Nog in Nijmegen (O42, vanavond) en Groningen (Oosterpoort, morgen).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden