Bouwen op een belt van plastic

Pakistaanse 'landmaffia' breidt miljoenenstad Karachi uit in de vervuilde Arabische zee

KARACHI - Vijf miljoen mensen, waar zijn ze gebleven? Niemand weet het precies in de Pakistaanse metropool Karachi. Volgens de gemeente heeft de stad ergens tussen de 18 en 23 miljoen inwoners. Op zoek naar werk of op de vlucht voor oorlog elders in het land komen er jaarlijks een miljoen mensen bij. Hierdoor is Karachi de snelst groeiende megastad ter wereld.

Stadsontwikkeling gebeurt op een wonderlijke manier, gedomineerd door een 'landmaffia' van louche projectontwikkelaars en corrupte politici. Op weinig plaatsen is dit beter zichtbaar dan aan het strand van Karachi. De Arabische Zee geeft daar geen frisse bries af. De geur van ontbindende vissen vermengt zich met dampende afvalbergen. Om bij eb hun bootjes te bereiken moeten de vissers door een dikke laag plastic huisvuil waden.

Iets verderop is de bron van vervuiling zichtbaar. Als een steiger steekt een vuilberg tientallen meters de zee in. Hij is sterk genoeg om de vuilniswagens te dragen, die regelmatig de pier oprijden om aan het eind hun nog smeulende lading op de grote hoop te storten. Van daar duwt een shovel de rommel de zee in. Zo breidt de plastic steiger zich langzaam uit.

Chauffeur Shiraz maakt vijf keer per dag de rit van een gemeentelijk verzamelpunt elders in de stad naar de kust. Zijn bazen controleren aan de hand van zijn benzineverbruik of hij wel daadwerkelijk naar de aangewezen stortplaats aan de kust rijdt. Want ook anderen bieden geld voor het afval. Het is gewild materiaal voor landwinning. Zodra er weer een substantieel stuk zee met afval is bedekt wordt er aarde overheen gestort om er huizen en fabrieken op te bouwen. Volgens Majeed Molani, die werkt voor een lokale organisatie die opkomt voor de rechten van vissers, zijn er al enkele vierkante kilometers aan de kust toegevoegd. De grond hier is gewild. Visverwerkende fabrieken kunnen opereren zonder milieuregels en werkloze, kleine vissers zijn goedkope arbeidskrachten.

De monding van de Indus-rivier was ooit een visrijke mangrovedelta, maar de vuilstort heeft het water vergiftigd en de visstand aangetast. Bovendien kwam een aantal vissers erachter dat de mangrovebossen ook te gelde gemaakt konden worden door het hout te kappen. Enkele van hen werden al snel grote spelers en voor een paar euro per dag begonnen ze andere vissers in te huren voor het kapwerk, dat tot gevolg had dat de visstand nog verder terugliep.

Net buiten de afvalpier is zichtbaar hoe deze vicieuze cirkel zich uitbreidt. In zee is op afstand nog een fraai mangrovebos te zien. Dichtbij de kustlijn is het woud al verdwenen. Wat rest zijn losse stronken en takken op het strand, en een door vrachtwagens platgereden bochtig zandpad.

Nazir Hussain, die in handmatig gegraven kuilen kreeften kweekt, vertelt dat alle bomen begin dit jaar zijn gekapt. "Een half jaar lang waren mensen dagelijks bezig met houthakken. Iedere dag arriveerden twee tot drie trucks om het op te halen. En af en toe kwam de politie langs om smeergeld te innen."

Het ontboste gebied kan weer gebruikt worden door de landmaffia. Veel meer wil de enigszins nerveuze Nazir dan ook niet zeggen. "Blijf hier maar niet te lang rondkijken, dat is niet veilig." Dat is geen overbodige waarschuwing, want de landmaffia behartigt haar belangen desnoods met harde hand. De vooraanstaande landrechtenactiviste Parveen Rehman werd vorig jaar doodgeschoten. Het misdrijf is nooit opgelost, maar waarschijnlijk zaten er grondhandelaren achter.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden