Boswachter met boa-hoed is geen agent

De politie trekt zich terug uit het buitengebied en tegelijkertijd moeten Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en De12Landschappen bezuinigen op de toezichthouders in hun natuur. Stropers, afvaldumpers en andere wetsovertreders krijgen daardoor steeds meer vrij spel.

'De rek is er echt uit", zegt boswachter Harm Blom op het kantoor van Staatsbosbeheer in Brandwijk, een gehucht in de Alblasserwaard. Hij doelt op zijn extra taken als 'groene boa'. Boswachters met een extra opleiding tot buitengewoon opsporingsambtenaar hebben de juridische bevoegdheid om in de natuurgebieden waar ze werken toezicht te houden, te handhaven en daders van illegale activiteiten te verbaliseren.

Maar deze extra toezichtstaken van de boswachters staan onder druk. De politie trekt zich terug uit de buitengebieden en verlegt haar aandacht naar stad en dorp. Dat verhoogt de druk op de boa's, die tegelijkertijd steeds meer te maken krijgen met 'weerspannige' en soms ook fysiek agressieve terreinbezoekers. "Vaak is het niet de vraag óf je wordt uitgescholden, wanneer je bezoekers op hun gedrag aanspreekt, maar hoe vaak", zegt Blom. Op zijn vorige post in Brabant heeft hij meermalen te maken gehad met intimidatie. Na een stroperijzaak is zelfs zijn auto vernield.

Waar meer toezichthouders in de natuur gewenst zouden zijn, kunnen terreinbeheerders door een toenemend tekort aan financiële middelen juist steeds minder 'groene boa's' in de benen houden. En dat geeft wetsovertreders weer meer vrij spel, van bezoekers met loslopende honden en natuurverstorende mountainbikers tot plantendieven, vogel-, wild- en visstropers en dumpers van alle soorten afval.

Blom is boa-coördinator Zuid-Holland en lid van de adviesgroep handhaving en toezicht Regio West van Staatsbosbeheer. "Die regio omvat Noord- en Zuid-Holland en Utrecht. Nu hebben we daar 28 boa's rondlopen, straks nog maar twintig. Dat is behoorlijk weinig ten opzichte van het aantal inwoners in deze provincies, met ook nog eens intensieve recreatiegebieden als de duinen van Schoorl, Noordwijk en de Zuid-Hollandse eilanden.

Bovendien zijn de boa's van Staatsbosbeheer maar voor een beperkt deel van hun werktijd boa. Van die uren gaat ook nog de opleiding af, de administratie van overtredingen in het Boa Registratiesysteem en het overleg met collega's. Blom bijvoorbeeld houdt van zijn 300 à 350 boa-uren maximaal 150 à 200 uur over om daadwerkelijk het veld in te gaan.

Ook met zijn boa-hoed op voelt de boswachter zich buiten overigens beslist geen politieagent. "Wat de boa's van Staatsbosbeheer onderscheidt van de politie, is dat wij op onze terreinen eerst en vooral gastheer zijn. Wij zijn een maatschappelijke organisatie. Daarom staat voor ons voorop dat onze bezoekers zich in onze gebieden prettig en veilig moeten kunnen voelen. Als gastheer en -vrouw doen we zonodig ook aan handhaving en opsporing. Wij gaan doorgaans niet gericht op zoek naar incidenten. Vaak gaat het zo dat we een melding krijgen van iets wat het4terrein schaadt of het gevoel van veiligheid bij het publiek aantast. Denk bijvoorbeeld aan loslopende honden of mountainbikers die de schapen van onze pachters de sloot injagen. Horen we zoiets, dan proberen we er direct op af te gaan, waardoor dan wel meteen weer andere zaken blijven liggen."

Door de afname van het aantal boa's is het zowel voor Staatsbosbeheer als voor Natuurmonumenten en De12Landschappen nog belangrijker geworden om samen te werken. Staatsbosbeheer heeft in Zuid-Holland een convenant gesloten met Natuurmonumenten, het Zuid-Hollands Landschap en Groenservice Zuid-Holland (beheerder van gemeentelijke en provinciale recreatiegebieden). De boa's van de verschillende organisaties mogen elkaar helpen en ook in elkaars gebieden optreden, als dat nodig is. "Dat is echt een meerwaarde", vindt Blom.

Natuurmonumenten meldt dat ook in Overijssel, Zeeland, Drenthe en op de Veluwe dergelijke convenanten in de maak zijn. Maar de situatie dreigt zo zorgelijk te worden, vindt deze organisatie, dat ook de overheid met financiering van de dure opleiding en uitrusting van de groene boa's over de brug moet komen.

291 boa's voor 450.000 hectare natuurgebied
Natuurmonumenten beheert 104.000 hectare natuurgebied. Het aantal boa's loopt daar dit jaar terug van 110 naar 100. De12Landschappen beheren 108.000 hectare natuurgebied en hebben 71 vol- en deeltijd boa's in dienst, van wie 43 op vrijwillige basis. Utrechts Landschap laat weten dit jaar terug te gaan van vijf naar twee vaste medewerkers met boa-bevoegdheid. Reden: de opleiding en de administratieve afhandeling van verbalen, die voorheen door de politie werd gedaan, nemen te veel tijd in beslag.

Staatsbosbeheer is met ruim 250.000 hectare de grootste terreinbeheerder van Nederland. Vorig jaar werkten daar nog 160 boa's maar dat aantal wordt dit jaar teruggebracht naar 120. Hiermee heeft de boa-capaciteit bij Staatsbosbeheer haar ondergrens bereikt, stelt Harm Blom vast.

Door de vermindering van de overheidssubsidie moet Staatsbosbeheer al tweehonderd van de duizend banen schrappen. Bovendien krijgt de organisatie in het nieuwe subsidiesysteem voor beheer geen geld meer voor boatoezicht. "Dat moeten we zelf zien te bekostigen," verzucht Blom. "Maar de opleiding en uitrusting van boa's is erg duur en tijdrovend. Voorheen moest je om de vijf jaar op bijscholing om je bevoegdheden op peil te houden. Nu is het echter verplicht om elk jaar een - dure - driedaagse bijspijkercursus te volgen. Omdat we straks veertig boa's minder hebben, moeten we landelijk gaan kijken waar we beslist boa's nodig hebben én wie dat goed kunnen. Boa's die het minimale deden, doen dat straks wellicht niet meer."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden