BORIS EN DE ANDERE STRAATVECHTERS

Als ik in Moskou uit het raam kijk zie ik, aan de overkant van de Moskva, de hoge flatgebouwen aan de Nieuwe Arbatstraat (voorheen Kalinin Prospekt), het gebouw van wat ooit de Comecon was en het zogenaamde Witte Huis, dat weer eens in het centrum van de wereldopinie staat. Ik kan geen krant opslaan en geen radioprogramma aanzetten of het gaat over het Witte Huis, waar zich het zoveelste bedrijf afspeelt van de Russische operette 'Boris en de andere straatvechters'. Uit mijn raam op de tiende verdieping kan ik het wereldgebeuren in de gaten houden.

KOOS VAN WERINGH

Op de avond waarop Jeltsin in een televisietoespraak verklaarde het parlement van Chasbulatov te hebben teruggebracht tot een gezelschap van loslopende individuen kwamen mijn vrouw en ik uit het Mossovjettheater waar wij een voorstelling hadden bijgewoond van het Wuppertaler Danstheater van Pina Bausch. Het was een fantastische avond geweest, met een uitzinnig Russisch publiek. Door de overvolle zaal (veel kaarten bleken dubbel verkocht te zijn) gingen golven van geestdrift. Na afloop was van politieke spanning niets te merken. De vrouw in de portiersloge van het theater keek naar een Amerikaanse film op de televisie.

Wij kwamen over de Kalininbrug, waar het Witte Huis rechts van ligt, uit het centrum van de stad komend. De straat voor het gebouw, dat zag ik, was afgesloten, er stond een groepje mensen, van wie sommigen een rode vlag bij zich hadden, er was een vuurtje, waar omheen enkele mensen zaten die hun handen warmden.

Bij het betreden van de woning ging de telefoon. Aan het geluid kunnen wij horen of het iemand uit het buitenland is of uit Moskou. Het was het buitenlandse geluid. “Ja, met T.”, hoorde ik - en daarna'toet-toet-toet-toet'. Ik had mijn jas nog niet uit of de telefoon ging opnieuw. “Koos, bist Du das? Was ist denn los . . .”, 'toet-toet-toet-toet'. Wij hadden het voornemen bij een (goed) glas de Pina Bausch-avond nog eens van alle kanten te bekijken, maar dat bleek absoluut onmogelijk. De telefoon ging onophoudelijk en telkens hoorden wij drie of vier woorden en dan weer 'toet-toet-toet-toet'.

Inmiddels was het ver na een uur (in Nederland is het dan twee uur vroeger) toen de telefoon opnieuw ging - het Moskouse geluid. De zakelijk leider van het Wuppertaler Danstheater belde uit zijn Moskouse hotel op en deelde mee dat een mevrouw van de Duitse ambassade die 's avonds naar de voorstelling had willen komen niet verschenen was, omdat op de ambassade een crisisbespreking gehouden werd, naar aanleiding van de noodtoestand. “Noodtoestand”??, riep ik. Hij zei gehoord te hebben dat Jeltsin de noodtoestand had uitgeroepen en dat de dansers nu in grote onzekerheid verkeerden of ze de komende avond nog konden optreden en of ze wel naar Duitsland zouden kunnen terugkeren. Ik heb hem goede nacht gewenst en gezegd dat het zo'n vaart niet zou lopen. Voordat ik naar bed ging heb ik nog een keer uit het raam gekeken. De wit-blauw-rode vlag van Rusland werd door schijnwerpers helder belicht, als altijd.

De volgende morgen begreep ik wat zich had afgespeeld en ben over de brug naar het Witte Huis gelopen. Dat neemt ruim vijf minuten in beslag. Er waren enige honderden mensen, de politie had nu twee straten afgesloten. Een politieman aan wie ik vroeg hoe de toestand was zei: “Mijn grootste probleem is dat ik het koud heb”. Verder was hij van mening dat het 'allemaal folklore' was.

Weer een dag later hoorde ik via de BBC, in een rechtstreekse reportage uit Moskou, dat 'thousands of people' zich bij het Witte Huis hadden verzameld. Ik heb mijn jas aangetrokken en stelde ter plaatse vast dat voor, naast en achter het gebouw zegge en schrijve 441 mensen zich bevonden. Omdat mensen heen en weer lopen kunnen het ook 448 of 436 geweest zijn, maar vijfhonderd beslist niet.

De telefoontjes uit West-Europa bleven, al of niet met succes, komen. Over ons lot heerste ongerustheid. Op de vraag wat wij van de toestand merken antwoordde ik: “Aan de overkant van de Moskva rijden nu meer auto's, omdat de straat vlak voor het Witte huis afgesloten is”. En omdat de electriciteit is afgesloten wordt de Russische vlag niet meer beschenen.

Steeds opnieuw voel ik mij omringd door vraagtekens bij de berichtgeving over gebeurtenissen als die in Moskou. Gaat het over wat er gebeurt? Of over wat gedacht wordt wat zou moeten gebeuren? Of misschien over hoe jammer het is dat niet gebeurt wat gedacht wordt? Ik kan die vragen niet beantwoorden, maar moet altijd denken aan mijn ervaring in Warschau in 1980. Kort na de inhuldiging van Beatrix vloog ik naar die stad waar, volgens afspraak, mijn collega aan de universiteit mij zou afhalen. Maar hij was er niet. Na oneindig gehannes slaagde ik erin hem aan de telefoon te krijgen. “Wat? Ben je hier? Maar er is toch een revolutie bij jullie”? Op de televisie had hij beelden gezien van brandende auto's in de Amsterdamse binnenstad en daaruit geconcludeerd dat ik het land niet had kunnen verlaten.

Dit stuk is geschreven op de morgen van 28 september. De rijweg aan de overkant van de Moskva is nu ook afgesloten. Er staan tientallen autobussen en vele politiemensen slenteren heen en weer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden