Bondscoach Oranje altijd een hondebaan Werkklimaat verre van plezierig door ruzies, relletjes en fricties

LUXEMBURG - In het Stade Josy Barthel van Luxemburg begint het Nederlands elftal vanavond aan een nieuwe Europese campagne, maar bondscoach Dick Advocaat heeft de knop nog niet omgedraaid. Hem spookt het WK in Amerika nog door het hoofd; en dan vooral de in zijn ogen negatieve rollen en bijrollen die diverse betrokkenen spelen om de helemaal niet zo onaardige prestatie van Oranje te bezoedelen.

Geheel uit eigen beweging deelde de bondscoach vrijdag bij de aftrap voor het nieuwe interlandseizoen een paar katten uit aan Ruud Gullit. Met recht en reden kan Advocaat ook diep teleurgesteld zijn in de voormalige aanvoerder. Hij liet Oranje nu eenmaal op een hoogst discutabele manier in de steek. Gullit hoeft ten aanzien van die vreemde beslissing bij zijn collega's nog niet op een grammetje begrip te rekenen. Dat hebben de afgezwaaide toppers Ronald Koeman en Jan Wouters intussen genoegzaam duidelijk gemaakt. Gullit was jarenlang een prachtig voorbeeld voor voetbalminnend Nederland. Hij bezat charisma, overtuigingskracht, hij was voorts de gangmaker van alle ploegen waar hij in speelde en ook nog de ideale ambassadeur voor de voetbalsport, voor wie de wereld niet alleen uit een bal bestond. In zijn laatste interlandjaren heeft hij dat positieve beeld echter voor een belangrijk deel te grabbel gegooid.

Aan het eind van de jaren tachtig was zijn ook persoonlijk gekleurde strijd tegen Thijs Libregts nog wel te begrijpen. Gullit en ook de meeste andere spelers zagen het nu eenmaal niet zitten in die bondscoach. Veel kwalijker dan Gullits langdurige poging om van Libregts verlost te worden, was toen de halfzachte houding van de KNVB ten opzichte van de figuur Libregts. Zelfs Rinus Michels zong als KNVB-official aanvankelijk mee in het koor dat de Rotterdammer alle steun toezegde. Toen puntje bij paaltje kwam liet iedereen - Michels incluis - Libregts als een baksteen vallen.

In zijn eerste maanden als zelfstandige bondscoach ging Dick Advocaat in de richting van Ruud Gullit niet erg handig te werk. Net als Marco van Basten klaagde Gullit over de tactische aanpak bij de eerste (oefen)wedstrijd tegen Italië. Op 9 september 1992 stond het in Eindhoven door doelpunten van Dennis Bergkamp al na twintig minuten 2-0, maar aan het eind van de rit was het 2-3. Ook die wedstrijd koos Advocaat voor zijn favoriete systeem: drie verdedigers (Berry van Aerle, Ronald Koeman, Frank de Boer), drie middenvelders (Frank Rijkaard, Jan Wouters, Rob Witschge) en vier aanvallers (Ruud Gullit, Dennis Bergkamp, Marco van Basten en Bryan Roy).

Het was en het is een zo offensief concept dat geen enkele andere landenploeg durft te spelen. Dit tot ongenoegen van Gullit, die meteen de term “zelfmoordtactiek” in de mond nam. Van Basten was niet veel milder in zijn oordeel, maar na 41 keer aanvoerder van het Nederlands elftal te zijn geweest werd Gullit wegens zijn kritiek de band ontnomen. Niet erg logisch was dat Van Basten hem vervolgens om de arm kreeg. Gullit had toen even schoon genoeg van de nationale ploeg. Hij liet de WK-duels tegen Noorwegen en Polen aan zich voorbijgaan. Vooral omdat die twee partijen de magere oogst van slechts één punt hadden gebracht, werd hij als een soort verloren zoon en reddende engel tegelijk, voor de op papier niet eenvoudige uitwedstrijd tegen Turkije teruggehaald. Met heel het team deed Gullit het in de modder van Istanboel uitstekend. Vier maanden later was de liefde echter andermaal voorbij. Op Wembley had Gullit als rechtsbuiten tegen de zwakste speler van de Engelsen, linksback Keown, nauwelijks enige betekenis. Hij liep er voor spek en bonen bij. Het was dan ook alleszins begrijpelijk, toen Advocaat hem achttien minuten voor tijd - Engeland leidde met 21 - door Peter van Vossen verving. Dit ijskonijn benutte vlak voor tijd de penalty waar alle anderen voor bibberden. Van Vossen was zodoende de held, maar Gullit wekte verbazing door in de catacomben van Wembley omstandig te verklaren dat hij niets, maar dan ook helemaal niets van de wissel had begrepen. Gullit bleek helaas niet in staat die avond zijn eigen prestatie op juiste waarde te schatten. En weer zat de interlandloopbaan van Gullit erop. Maar het WK in Amerika werd bereikt en dus meldde de bij Sampdoria opgebloeide vedette zich dertien maanden later andermaal bij de slectie. Hij zei meteen dat hij niet meer wilde meepraten over de tactiek. Dat liet hij voortaan over aan Ronald Koeman en Jan Wouters. Die woorden hadden via de media het volk nauwelijks bereikt, toen Gullit de handdoek in de ring wierp. Twee maanden later meende hij zijn gelijk te moeten halen door hardvochtig te stellen dat het Nederlands elftal in Amerika niets had gepresteerd.

Al het gedonder met Gullit zit Advocaat heel hoog. Zo hoog dat hij meteen giftig reageerde, toen vrijdag journalist Frits Barend (Nieuwe Revu en RTL) zich mengde in Advocaats kritiek op Gullit. “Ach Frits, ik ken jouw kleur”, zo bitste de bondscoach en hij doelde op de cover-tekst van Nieuwe Revu na het WK: “Het gelijk van Ruud Gullit.”

Dick Advocaat heeft wel de neiging van een overreactie op kritiek. Welbeschouwd is de WK-prestatie in alle dagbladen als redelijk positief beoordeeld. Alleen uit de hoek van Ruud Gullit, Johan Cruijff en het weekblad Voetbal International zijn vurige pijlen op de bondscoach en zijn Nederlands elftal afgevuurd. Kennelijk zijn sommigen er voor het toernooi in Amerika ervan uitgegaan dat Nederland qua talent een puike kans had om wereldkampioen te worden. Waar dat op sloeg, was raadselachtig. Het Nederlands elftal speelt leuk aanvallend voetbal, Oranje heeft ook goede spelers, maar slechts een enkele internationale topper. Dennis Bergkamp, Wim Jonk en Ed de Goey, dat zijn de nieuwe boegbeelden. Maar kon in Amerika nu serieus van een wereldtitel worden uitgegaan met jongens als de gebroeders De Boer, met Overmars, met Roy, met Witschge, met Valckx en met Koeman, Rijkaard en Wouters op hun retour? Goede voetballers waren (en zijn) het, maar absoluut geen spelers die de verwachting van een wereldtitel rechtvaardigden.

Wie dat wel als uitgangspunt hanteerde en ook nog eens gemakshalve voorbijging aan de onmenselijke omstandigheden waarin gevoetbald moest worden, zadelde de bondscoach op met een groot probleem. Een probleem dat alleen maar groter werd, toen bijvoorbeeld Johan Cruijff zelfs Dennis Bergkamp na zijn fantastische spel tegen België door de mangel haalde. Het is en blijft jammer dat Cruijff tijdens het WK niet de bondscoach was. Dat dit niet is doorgegaan, was niet alleen zijn schuld, maar wel mede zijn schuld. Vervolgens was het van Cruijff niet zo chique om het Nederlands elftal van zijn collega Dick Advocaat te verwijten dat de echte wil om te winnen ontbrak. Alsof er ook maar één voetballer is die op een WK niet wil winnen!

Omdat de meningen van Cruijff, Gullit en Voetbal International rond het Nederlands elftal, hoe dan ook, gewicht in de schaal leggen, moeten Advocaat en vooral het communicatie-apparaat van de KNVB ervoor waken dat geen al te grote spanningen tussen het Nederlands elftal en de media ontstaan. In het blad 'De Voetbaltrainer' meende assistent-bondscoach Bert van Lingen onlangs de persmensen als “aasgieren” te moeten kenmerken. Wie er een zo ongenuanceerd oordeel op na houdt, zal zich waarschijnlijk ook niet erg verzetten tegen de nogal domme beslissing van de spelers in Amerika een boycot tegen Voetbal International af te kondigen. Het ging in feite alleen maar om ergernis bij de spelers ten aanzien van VI-adjunct-hoofdredacteur Johan Derksen. In de doorgaans even gepeperde als komische column van deze persoonlijke vriend van Johan Cruijff moest herhaaldelijk de in voetbalkringen niet onbelangrijke Haagse familie Jansen het ontgelden. Karel Jansen maakte de spelersvakbond VVCS groot en beheert thans in het KNVB-bestuur betaald voetbal de portefeuille technische zaken. Karels zoon Rob is de laatste jaren bij vele grote transfers betrokken geweest. Hij is ook de directeur van het commerciële VVCS-aanhangsel Sport Promotion, dat de ter discussie staande Antillen-route voor enkele toppers mogelijk maakte. In zijn maar zelden wollige taalgebruik, noemde Derksen op zeker moment Rob Jansen een “patser”. Toen Rob Jansen hierover klaagde en eiste dat die term zou worden teruggetrokken, antwoordde Derksen: “Okay Rob, je bent geen patser, je bent een enorme patser.”

Voetbal International vermoedt dat de boycot van de spelers korte tijd later door de Jansen-clan is aanbevolen. Alle fricties, ruzies, relletjes en de in Amerika ronduit personvriendelijke opstelling van de KNVB bezorgen Dick Advocaat intussen een klimaat waarin het vaak onaangenaam toeven is. Maar ach, welke bondscoach is ooit niet tot de conclusie gekomen dat het leiden van het Nederlands elftal een hondebaan is?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden