Bomen redden met een app

Ontbossing gaat nog steeds razendsnel: met vijftig voetbalvelden per minuut. Global Forest Watch biedt burgers de mogelijkheid om nauwkeurig te signaleren waar dit plaatsvindt en of dat illegaal is.

Vele duizenden mensen spelen Wordfeud of Angry Birds op hun mobiele telefoon, maar binnenkort kunnen ze hun verloren uurtjes in bus, trein of wachtkamer benutten voor het classificeren van geboomte met een app. Die maakt deel uit van Global Forest Watch; een nieuw instrument om het bosareaal in de wereld in de gaten te houden en alarm te slaan bij illegaal kappen of afbranden (www.globalforestwatch.org).

"Op basis van de satellietbeelden die we momenteel gebruiken, kan het systeem automatisch vaststellen of er ergens bos groeit of niet", zegt Nigel Sizer van het World Resource Institute in Washington, een onafhankelijke denktank op het gebied van natuurlijke hulpbronnen dat het instrument ontwikkeld heeft. "Maar het ziet niet of dat een tropisch regenwoud is of een palmolieplantage. Dat kunnen alleen mensen. Via de app willen we daarom miljoenen bezitters van een smartphone inschakelen om vast te stellen om wat voor soort begroeiing het gaat."

Sizer was deze maand even in Nederland voor de presentatie van Global Forest Watch. "Met zo'n app raken mensen ook veel actiever betrekken bij de strijd tegen ontbossing."

In een recent artikel in het Amerikaanse wetenschappelijke tijdschrift Science laten onderzoekers van de universiteit van Maryland zien dat ontbossing nog steeds een groot probleem is. Op basis van satellietbeelden stelden ze vast dat de wereld sinds 2000 2,3 miljoen vierkante kilometer bos is verloren, ruim zestig keer Nederland. Daartegenover staat dat er in die periode ook 0,8 miljoen vierkante kilometer (twee keer Nederland) is aangeplant. Daarbij gaat het vooral om productiebossen in Scandinavië en Noord-Amerika. "In de tropen is de balans nog steeds negatief", zegt Sizer.

Als een van de weinige landen heeft Brazilië de snelheid van ontbossing sinds 2006 met circa 70 procent verminderd, maar daar staat tegenover dat de snelheid van de ontbossing elders, met name in Indonesië, juist is toegenomen in die periode. Ook elders, in Afrika, Zuid-Oost Azië en andere landen van Zuid-Amerika wordt er steeds meer bos gekapt. De belangrijkste drijvende krachten achter ontbossing zijn houtwinning en landbouw, waarbij laatstgenoemde de belangrijkste is. Naar schatting 55 tot 75 procent wordt ontbost voor de aanleg van akkers, weiden en plantages en daarvan is een derde bestemd voor de teelt van exportgewassen zoals soja en palmolie.

Moratorium
Hoewel overheden in die landen soms anders suggereren, is kappen van bossen niet echt nodig voor economische ontwikkeling. Sizer: "Toen Maleisië een moratorium instelde op het kappen van tropisch regenwoud voor de productie van palmolie, ging die productie juist omhoog doordat de beschikbare grond efficiënter werd benut. Indonesië, waar ik jaren heb gewerkt als bosecoloog, kan de productie van palmolie verdrievoudigen door uitgeboerd land weer in productie te nemen. Het gebeurt niet omdat het onduidelijk is van wie het land is, maar dat lijkt me geen onoverkomelijk probleem."

Meer dan een miljard mensen is afhankelijk van het bos voor hun levensonderhoud. Het kappen of afbranden van bossen veroorzaakt daarnaast een enorm verlies aan natuurlijke rijkdom en daarmee ook van belangrijke ecosysteemdiensten, zoals genetische diversiteit, waterbeheer en opslag van koolstof. Niet alleen het lokale klimaat verandert, maar ook het wereldwijde klimaat. Naar schatting 10 procent van de toegenomen uitstoot van CO2 wordt veroorzaakt door het kappen en afbranden van bossen. "Dat maakt ontbossing tot een probleem voor iedereen", zegt Sizer. "Al was het maar omdat we allemaal producten gebruiken zoals hout, shampoo en margarine, waarvan de grondstoffen afkomstig zijn van land dat oorspronkelijk met tropisch bos was bedekt."

Satellietbeelden gebruiken om ontbossing vast te stellen gebeurt al zo'n twintig jaar, maar was altijd tamelijk omslachtig. Ruwe satellietgegevens moesten intensief worden bewerkt om ze te ontdoen van ruis en wolken en dan met de hand geanalyseerd om te kijken of er in een bepaald gebied veranderingen waren opgetreden.

"Als je geluk had kon je twee, misschien drie gebieden waar chimpansees leven onderzoeken", schrijft Lilean Pintea van het Jane Goodall Institute voor chimpansee-onderzoek in een blog op de site van Global Forest Watch. "Met dit instrument kunnen we veel preciezer en sneller nagaan waar het leefgebied van chimpansees wordt bedreigd. Naast Congo blijkt dat ontbossing ook in Ivoorkust en Kameroen een groot probleem is. Daar kunnen we nu gericht actie ondernemen."

Met Global Forest Watch worden de beelden automatisch verwerkt via een netwerk van computers en aangevuld met gegevens afkomstig van overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Op de kaart kun je dus precies zien waar de grenzen lopen van natuurreservaten en concessiegebieden voor houtkap, mijnbouw of palmolie plantages. Ook de informatie uit verhalen en foto's van lokale gemeenschappen of actiegroepen worden verwerkt.

Waas van rook
Recent is Global Forest Watch gebruikt voor het in kaart brengen van de branden op Sumatra en Borneo, die de hele regio een aantal weken per jaar in een waas van rook zetten. Sizer: "Als gevolg van slechte oogsten blijken de branden zich dit jaar vroeger voor te doen dan anders. Dankzij de combinatie van satellietbeelden en andere gegevens konden we niet alleen nauwkeurig vaststellen waar de branden zich voordeden, maar ook welk bedrijven de betreffende concessie beheren. Dat is interessante informatie voor bijvoorbeeld de regering van Singapore, want daar is onlangs een wet aangenomen waarmee ze bedrijven een forse boete kunnen geven voor luchtvervuiling, ook al is die afkomstig uit het buitenland."

Omdat de gegevens van Global Forest Watch voor iedereen toegankelijk zijn, kunnen ze ook worden gebruikt door lokale bewoners en actiegroepen voor naming and shaming van bedrijven. Die aanpak wordt steeds effectiever, omdat grote voedingsmiddelenbedrijven zoals Unilever en Nestlé volstrekt niet meer geassocieerd wensen te worden met ontbossing. Volgens een woordvoerder van Unilever moet de aanvoer van grondstoffen (waaronder palmolie en soja) vanaf 2020 volledig duurzaam zijn. "Dat betekent dat we precies moeten weten waar en op welke manier die grondstoffen zijn geproduceerd. Global Forest Watch speelt daarbij een cruciale rol omdat het administratieve gegevens koppelt aan wat er feitelijk op de grond gebeurt. Blijkt dat een van de toeleveranciers bijvoorbeeld een deel van een natuurreservaat heeft gekapt om palmbomen te planten, dan heeft hij heel wat uit te leggen."

Al met al denkt Nigel Sizer dat met de introductie van Global Forest Watch een belangrijke stap is gezet in de strijd tegen de ontbossing. Iedere burger kan nagaan waar ontbossing plaatsvindt en wie daarvoor verantwoordelijk is. "Filosofen stelden zich vroeger de vraag of een boom daadwerkelijk was omgevallen als niemand het zag. Dankzij Global Forest Watch kan geen enkele boom meer omvallen zonder gezien te worden."

Gegevens van twee satellieten
Global Forest Watch is een combinatie van verschillende technieken. Aan de basis staan satellietopnamen van twee verschillende systemen. De ene is Landsat, een al langer bestaand systeem voor aardobservatie waarmee elke twee weken een opname wordt gemaakt van het aardoppervlak. Daarop is alles zichtbaar dat groter is dan dertig meter. Daarnaast maakt Global Forest Watch gebruik van Modis. De beelden van die satelliet zijn minder gedetailleerd (oplossend vermogen 250 meter), maar ze komen wel twee keer per dag binnen.

Zowel Landsat als Modis 'zien' alleen zichtbaar en infrarood licht, waardoor het onderscheid tussen verschillende typen begroeiing lastig is. Komende maand echter lanceert de Europese Ruimtevaartorganisatie ESA de eerste van twee Sentinel-satellieten die het aardoppervlak in kaart brengen met behulp van radar. Op basis van die beelden kan wel automatisch onderscheid worden gemaakt tussen oorspronkelijk bos, nieuwe aanplant of plantage. Daarmee wordt de app niet overbodig, denkt Sizer. "Ik hoop dat mensen betrokken blijven en bijvoorbeeld een bepaalde regio blijven bewaken via hun mobiele telefoon."

Desgevraagd zegt Sizer dat de ontwikkeling van Global Forest Watch tot nu toe minder dan 5 miljoen dollar (3,5 miljoen euro) heeft gekost. Ook de Nederlandse regering heeft een bescheiden bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van het systeem. Alle gegevens worden verwerkt en toegankelijk gemaakt via een wereldkaart waarop je steeds verder kunt inzoomen. Het systeem heeft wel wat weg van Google Earth. Niet zo verwonderlijk, want Google is een van de deelnemende partijen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden