Bomans misbruikt

De schrijver Godfried Bomans was wars van elk extremisme en moest in de jaren zestig dus ook niets hebben van modieus gekoketteer met Cuba, de Sovjet-Unie of andere dictatoriaal-linkse regimes. Dat leverde hem hoon op van collega's als Harry Mulisch, een vriend van Cuba, die hem afdeed als een oppervlakkige conservatieve grappenmaker.

Dat hij volgens radicaal links fout was, ondervond Bomans in 1971 ook in café 'De Nieuwe Doelen' in Enkhuizen, waar hij voor een reportageserie over de verkiezingscampagne de Communistische Partij van Nederland (CPN) bezocht. Een van de bezoekers, wijdbeens en achterovergeleund op zijn stoel, ontwaarde Bomans in het publiek en spuwde toen krachtig op de vloer.

Een zelfde minachting jegens andersdenkenden zag Bomans terug in de toespraak van lijsttrekker Marcus Bakker. Hoewel de schrijver het instinctieve retorisch talent en de humor herkende waarom vriend en vijand Bakker destijds roemden, gingen alle grappen ten koste van anderen.

De communist meende dat voortdurend smalen op anderen een eigen betoog oplevert, wat volgens Bomans een misvatting is: ,,Hij schold op alles en iedereen, met een superbe hoon, een bijtend sarcasme en een bittere haat. Toen bedankte hij de kameraden voor hun welwillende aandacht en was het pauze.''

Het kan zijn dat Bomans' aversie van linkse scherpslijperij extreem rechts het idee geeft dat hij in hun straatje past. Vijfendertig jaar na zijn overlijden is Bomans een regelmatig geciteerde gast op de internetsites van rechtse zeloten als het Rotterdamse raadslid Michiel Smit. Het gaat telkens om één uitspraak die zij hem in de mond leggen: 'Fascisme is het gevoel dat ik krijg in een zaal vol linkse mensen', of de variant: 'Fascisme is wat ik voel als ik in een kamer vol met linkse mensen ben.'

Wellicht hebben ze gedacht dat een dode schrijver niets kan terugzeggen. Maar zij rekenden buiten het Bomans Genootschap, die in hun periodiek de vinger hebben gelegd op het misbruik van het werk van hun idool. Na intensieve naspeuringen verzekeren zij: Bomans heeft die uitspraak nooit gedaan.

Het enige citaat dat in de richting komt, troffen we aan in het boekje 'De man met de witte das', waarin Bomans zijn reportages over de stembusstrijd van 1971 bundelde. Hij beschreef daarin hoe de lijsttrekker van de Christelijk Historische Unie (CHU), Udink, zich staande probeerde te houden tegenover een gezelschap angry young men in de zaal: ,,Zij toonden hun onafhankelijkheid van geest voornamelijk door met de handen in de zakken en luid schreeuwend enige vragen te stellen. Het antwoord van Udink werd telkens met hoongelach ontvangen, waarna hem nieuwe vragen werden toegegild.''

De demonstranten beschuldigden Udink van een 'fascistoïde instelling', wat in die dagen een populair verwijt van radicaal links jegens rechtse politici was. Bomans kaatst de bal terug. Na zijn beschrijving hoe de CHU-lijsttrekker met gejoel en gefluit een mogelijk weerwoord onmogelijk wordt gemaakt, constateert hij: ,,Wat zulke mensen over het hoofd zien is de eenvoudige waarheid dat het fascisme een houding is van de geest, een bepaalde mentaliteit, een geur, een atmosfeer van onverdraagzaamheid, een met boe-geroep iedere discussie in de grond stampend machtsvertoon, datals een plotselinge stank van leer en laarzen door zo'n zaal waait. Eng is dat.''

Maar het is nonsens dat Bomans zich met deze waarneming in het andere extreme kamp heeft geplaatst. Hij was wars van elke scherpslijperij. Elders in 'De man met de witte das' ontleed hij doeltreffend het simpele denken van de rechtse leider uit zijn tijd, ridder Van Rappard, de lijsttrekker van Nederlands Appèl. Bomans zelf ervoer de maatschappelijke werkelijkheid als een ui die bij het pellen na elke schil weer een nieuwe laag te zien gaf. Gelukkig, stelde Bomans opgelucht vast, blijkt het ook mogelijk van elk vraagstuk een simpel Amsterdams uitje te maken. Zo wikkelde Van Rappard het vraagstuk van de homofilie als volgt af: ,,Ze mogen wat mij betreft rustig leven, als ik maar niet merk dat ze bestaan.'' En ook de oplossing van de woningnood lag voor de hand. De bouwvakkers moesten gewoon harder werken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden