Boksers die vechten tegen hun eigen demonen

Danceworks
Danceworks Rotterdam/André Gingras. 'The Sweet Art of Bruising'. Tournee t/m 26/4. www.dwrotterdam.com

Kennelijk hangt er iets in de lucht. Danceworks Rotterdam brengt met 'The Sweet Art of Bruising' al de derde dansvoorstelling in korte tijd waarin de edele bokssport centraal staat.

Eerder maakte Edward Clug bij Station Zuid een dansstuk in de boksring en recent kwam Emio Greco met een theatrale 'harde rechtse' in het schitterende 'Rocco' naar Visconti's 'Rocco e i suoi fratelli'.

Deze laatste productie was inhoudelijk en theatraal zó compleet, dat het van tevoren onmogelijk leek die te overtreffen. Dat is Danceworks dan ook niet gelukt, maar 'The Sweet Art' heeft wel een fel bonkend hart en laat veel indruk achter.

Choreograaf André Gingras koos voor een eenvoudige en toegankelijke opzet: een boksring met publiekstribunes aan twee kanten waarin de twee performers in korte scènes, als in boksrondes, rond elkaar cirkelen. De tanige danshaantjes Jason de Witt en Chérif Zaouali hebben er al na één minuut een ongelooflijke puinhoop van gemaakt: overal ingedeukt en afgedankt plastic bordjes, bakjes en petflessen. In dit decor wordt de door hun gebezigde stoere (dans)taal behoorlijk fragiel.

De scènes zijn licht, maar de lach is grimmig. Op kolder volgt ongemakkelijkheid. Zo raakt De Witt buiten zinnen als hij het waterflesje van Zaouali niet krijgt. Als een klein meisje trekt hij uit onmacht nét even te hysterisch de haren uit zijn hoofd. In een andere scène kust Zaouali als parmantige alfa eigen biceps - Rocky Balboa over the top. Als hij vervolgens één keertje lichtjes met een bokshandschoen wordt geraakt, kronkelt hij als een kleinzerige tuttebel door de boksring.

'Ronde' na 'ronde' wordt boksen gaandeweg een metafoor voor alles wat mensen beweegt om de dood op afstand te houden: het najagen van dromen en de woede als het niet lukt. Stoere mannen zijn het, en kleine jongetjes tegelijk.

Als ze vechten, dan is het vooral tegen eigen demonen. De ander, dat ben je zelf. Daarin schuilt een lichte, nergens hinderlijke, boodschap van een choreograaf die van Danceworks een multiculturele groep maakte, een dwarsdoorsnede van de Rotterdamse bevolking.

Hinderlijk is wel dat Gingras de kracht van zijn eigen danstaal onderschat. Met een explosie aan dansinvloeden - modern, contactimprovisatie, streetdance en capoeira - geeft hij zijn performers meer dan voldoende om de tekst secundair te houden.

In voice-overs krijgen we toch van alles over de filosofie achter het boksen uitgelegd. Het geeft de voorstelling het toontje van een doorsnee jeugddansvoorstelling, die in een 'volwassen' voorstelling nogal ongepast is.

Maar daar staan schitterende dansscènes tegenover. Het touwtjespringen, bokstraining bij uitstek, wordt hier een hypnotiserende cadans van ultieme fysieke expressie.

De touwen zwiepen door de lucht als een storm die opkomt en weer gaat liggen. Aangrijpend, poëtisch en zó mooi.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden