Boers, in de beste betekenis van het woord

Belangstelling voor defensieve systemen brengt je soms in onverwachte situaties. Wandelend door een vestinggracht van een Elzasser garnizoensstad kun je plotseling omgeven zijn door een kudde schapen waarvan de herder een schuwe grijsaard blijkt te zijn die al tijden met zijn beesten door de streek trekt.

Boven op een wolkenkrabbende donjon die je zojuist met nijpende hoogtevrees langs een wiebelig trapje hebt beklommen, vertellen oude mensen soms de mooiste verhalen over hun dorp dat ze in een ver verschiet nog net kunnen onderscheiden. Een ontroerend beeld leverde een bezoek aan een Italiaans kasteel waar op de binnenplaats een grootvader zijn kleinzoon leerde voor te dragen uit een geschriftje waarin het jongetje sportverslagen had genoteerd.

Veel menselijke ontmoetingen ontbraken ter plekke toen ik gedurende een paar vrije dagen de Noordfranse Thierache afstroopte. Dat gebied, niet groter dan vijftig bij vijftig kilometer, is doodstil. De dorpen, slordig neergezet aan het einde van een twee meter smalle D-weg, hebben de bevolking niets meer te bieden. Die trekt dan ook massaal weg, naar de hoofdstad van de streek Vervins, naar hoofdstad van het departement Aisne, of het chique Reims dat met zijn prachtige kathedraal, de weidse boulevards en de elegante winkels Parijs in het klein is.

Daar is het aantrekkelijk om te wonen, daar is ook werk. De Thierache biedt niets van dat alles. Het is er arm, de boerderijen staan er eindeloos opgelapt bij, het land is er constant vochtig van de regens die hier in de winter de weiden en akkers striemen. Maar de Thierache heeft iets te bieden voor wie er moeite voor wil doen om het te ontdekken. Het is er, op nog geen vijf uur rijden van de Randstad, typisch Frans. Nederlanders, die dat zochten, kochten er wegverkavelde boerderijtjes, vaak voor luttele bedragen en vestigden zich er in vrijwel iedere negorij die hier te vinden is. Het zijn overwegend kunstenaars, schrijvers, journalisten, een enkele geestelijke, een aannemer die hier het grootste deel van hun tijd doorbrengen. Ze houden, samen met de nog resterende autochtonen, het postkantoor overeind, zorgen voor klandizie in het supermarktje dat niet meer Alimentation heet, maar Huit a Huit en drinken op het einde van de middag gebroederlijk met de Fransen hun pastis in Cafe des Arts.

De Thierache zou, als de Franse VVV er voldoende promotie voor zou maken, een geliefd toeristenoord kunnen worden. De streek is landschappelijk gezien nog onbedorven. Waar de landbouwcultures de omliggende Champagne in een doodsaai land hebben veranderd, daar biedt de Thierache een veel gevarieerder natuur met uitzichten op beboste heuvels en landerijen waar altijd wel een kerktoren boven uit steekt.

Om die kerken is het te doen in deze streek. De dorpen, met poetische namen La Bouteille, l'Arbre Joly, La Longue Rue, Rue Heureuse, Garde de Dieu, Monplaisir, omvatten niet meer dan een handvol huizen langs de weg of rond een driesprong. Winkels zijn hier nauwelijks meer, de gardechampetre die het dorp zou moeten schoonhouden, is sinds lang vertrokken. Maar een kerk is altijd aanwezig. Vaak op een heuvel boven de huizen uitkijkend, dienend als uitkijkpost die een groot deel van het omliggende terrein kon overzien. Ze hebben een bijzonder karakter met hun meters dikke weergangen, hun donjons die de vier hoeken van het gebouw markeren, de vluchtzolders die het traditionele uitzicht op de gewelven onthouden. Hier zou je fraaie staaltjes van gotische architectuur verwachten -je bent immers in Noord-Frankrijk, de bakermat van de gotische kerkvernieuwing waar Reims, Laon, Saint Quentin, Soissons en zelfs Saint Denis niet ver weg zijn maar die zit verborgen achter dikke muren. De langdurige oorlogswoelingen in de 15e een 16e eeuw toen keer op keer in dit grensland eigendomsrechten werden uitgevochten tussen Francois I en zijn eeuwige rivaal Karel V, en hun respectievelijke opvolgers Henri II en Filips II, hebben de bevolking er destijds toe gebracht hun heil in de kerk te zoeken. Ruim zestig van die gebouwen in de Thierache zijn met defensieve middelen versterkt: donjons markeren in menig dorp de ingang van de kerk. Andere kerken werden in het begin van de 17e eeuw nieuw gebouwd en dienden als godshuis en als vesting. In plaatsen als Plomion, Burelles en Prisces staan deze indrukwekkende burchten waar het goed schuilen was, maar waar tegelijkertijd vanachter de machicoulis (in het Nederlands verbasterd tot het merkwaardige woord mezekouw) de vijand het beleg zuur gemaakt kon worden.

'Als je in de Thierache bent, kijk dan eens in de kerk van Jeantes la Ville', zei een vriend die de streek als tijdelijk inwoner goed kent. In die kerk, ooit fraai gerestaureerd door de Nederlandse missionaris Suasso de Lima de Prado die daar met een groep vrijwilligers uit Nederland troffel en zaag hanteerde, heeft Charles Eyck de muren als een moderne Michelangelo met eindeloos geduld beschilderd. Zijn fresco's en glas-in-lood-ramen domineren het interieur, ze bedekken van boven tot vlak voor de vloer de muren. Tientallen figuren uit even zo vele bijbelse verhalen kijken de kerkganger aan, kijken Christus aan die hier in verschillende fasen van zijn leven staat afgebeeld.

Eyck werkte jaren in deze kerk, maar toen was ook zijn levenswerk gereed. Aan een programma van eisen hoefde hij niet te voldoen, hij kreeg als schilder de vrije hand. Samen met Suasso ging hij rondkijken in de streek, sprak er met de boeren, wilde weten wat er zich afspeelde. De mensen van Jeantes, van de Thierache, vinden zichzelf nu terug in de muurschilderingen. Wie ze zien, zijn dezelfde eenvoudige landslieden die net als zij, de gelovigen, zoeken naar de betekenis van de bijbel. Eyck is heel dicht gebleven bij die gewone mensen, hij gebruikt de kerk niet om een statement over zijn bedoelingen in de kunst af te leggen. In een eenvoudige, sober-figuratieve stijl die nogal expressionistisch uitpakt, ogen de voorstellingen alsof ze uit primitieve, romaanse tijden dateren. Boers, in de beste betekenis van het woord.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden