Boer is niet langer de nummer vier

Met bronzen plak rekent sprintster af met teleurstellingen uit verleden. 'Ik ben lange tijd te bescheiden geweest.'

ANTAL CRIELAARD

SOTSJI - Vroeger, als pupil in het shorttrack, kreeg Margot Boer een prijsje als ze op de vierde plaats eindigde. Dat vond ze mooi en het stemde haar tevreden. Lange tijd leek haar loopbaan als volwassen sprintster zich zo te ontwikkelen dat die vierde plaats aan haar kleefde; op veel momenten eindigde ze net buiten het podium en moest ze leven met de teleurstelling dat haar inspanningen niet werden beloond met een medaille. Tot ze gisteren in Sotsji een in meer opzichten historische plak won. Op de 500 meter veroverde ze brons en werd ze de eerste Nederlandse vrouw die op de kortste sprintafstand op het olympisch podium eindigde.

Boer (28) was na afloop uitzinnig; tijdens het afwachten van de laatste ritten had ze zich al bijna verzoend met opnieuw een vierde plaats. De concurrentie beet zich echter stuk op de twee stabiele tijden die de Zuid-Hollandse reed (37,77 en 37,71), waardoor ze eindelijk de beloning kreeg waar ze een carrière lang op had gewacht. Eerder was ze al dichtbij geweest, op de Spelen van Vancouver in 2010 werd ze vierde op de 500 en 1500 meter. En dit jaar nog, op het WK sprint in Nagano verprutste ze de laatste afstand, waardoor ze opnieuw van het podium viel: vierde.

Het was haar coach Marianne Timmer ¿ zelf drievoudig olympisch kampioene ¿ die Boer ervan overtuigde dat ze zich niet langer tevreden moest stellen met een plek buiten de spotlichten. "Zij gelooft zo enorm in mij", zei Boer gistermiddag in de catacomben van de Adler Arena in Sotsji. "Ik denk dat ik lange tijd te bescheiden ben geweest, of dat ik niet durfde te geloven dat ik het wel kon, dat die vierde plaats nu eenmaal bij me hoorde. Een jaar, misschien anderhalf jaar geleden, is een ommekeer gekomen. Met ups en downs, natuurlijk, maar deze 'up' is wel precies op het juiste moment gekomen. In mijn laatste race heb ik alle risico's genomen. Ik dacht: desnoods ga ik onderuit. Nog een keer vierde worden, wilde ik niet laten gebeuren."

Timmer noemde de bronzen medaille van haar pupil, met wie ze in de laatste jaren van haar loopbaan nog samen reed, een heel bijzondere. Op de Spelen van Turijn in 2006 had Timmer graag zelf de eerste Nederlandse vrouw met een medaille op de 500 meter willen worden, maar werd ze op discutabele manier gediskwalificeerd. "Mooi dat Margot het nu wel heeft gedaan", zei ze glimlachend. "Dat geeft deze medaille wel een extra mooi randje. Margot is de laatste jaren enorm gegroeid en verdiende deze medaille enorm. Natuurlijk heeft ze veel pech gehad in haar sportleven, maar met pech moet het wel een keer klaar zijn. Net als dat je geluk kunt afdwingen."

Boer zei na afloop dat ze zich nooit als een pure 500 meter-schaatsster heeft gezien. Met haar lange benen heeft ze jarenlang moeite gehad met haar start. Op de 1000 meter dichtte ze zichzelf altijd meer kansen toe op een mooie eindklassering. "En die komt nog", aldus Boer. En Timmer: "Het zou fantastisch zijn, als ze op die afstand weer toeslaat. Ik denk wel dat ze nu een stuk vrijer kan rijden. Deze is binnen. Nog een medaille zou een geweldig toetje zijn."

Boer moest in Sotsji twee sprintsters voor zich dulden. Dat de Russische Olga Fatkulina tweede werd, zorgde voor veel rumoer in de schaatshal, haar zilveren plak werd door de thuisfans euforisch gevierd. Alle schaatssters weten echter dat ze al jaren leven in de schaduw van Sang-Hwa Lee, de onbetwiste koningin van de korte sprint.

De afgelopen jaren ontwikkelde de Zuid-Koreaanse zich tot een fenomeen van buitengewone klasse; na haar gouden medaille op de Spelen van Vancouver werd ze in belangrijke races zelden nog verslagen. Daarbij stelde ze het wereldrecord het laatste jaar stapsgewijs enorm bij. Begin 2013 nam ze het record over van de Chinese Yu Ying, door in Calgary 36,80 te schaatsen. Afgelopen najaar bracht ze het record in Salt Lake City naar 36,36, een tijd waar zelfs veel mannelijke schaatsers moeite mee hebben. Fatkulina vergeleek de sprintster na haar race met de Jamaicaanse atleet Usain Bolt: "Ze staat wat mij betreft op gelijke hoogte met hem."

Voor Boer was ¿ net als voor alle andere schaatssters ¿ op voorhand zilver het hoogst haalbare. "Al vind ik dat we dichtbij zijn gekomen", zei de Woubrugse. "Het gat is niet langer onoverbrugbaar." Lee reed in Sotsji wel de twee snelste tijden van de dag: 37,42 en 37,28.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden