BOEK E

Aan amateur-zoekers naar de historische Jezus - niet te verwarren met de theologische Christus - biedt, via uitgeverij Callenbach, de Amerikaan E. P. Sanders als gids zijn diensten aan. Hij is een expert in het vereiste graafwerk en doet zonder geleerd jargon verslag van zijn bevindingen.

In Jezus, mythe en werkelijkheid (352 blz., ¿ 49,50) verstrekt Sanders een signalement dat zich deels als volgt laat samenvatten. Jezus: autonoom, charismatisch profeet. Meende een rechtstreekse relatie met God te hebben. Geloofde dat God op het punt stond zijn koninkrijk te vestigen; zag zichzelf als onderkoning daarvan. Stierf mogelijk ontgoocheld. Onder volgelingen geen twijfel aan zijn opstanding. Wel verschil van mening over wie hem daarna nog hadden gezien.

Sanders' strikt geschiedkundige aanpak mishaagt misschien gelovigen die - bijvoorbeeld onder het motto 'Jezus redt!' - de hoofdpersoon van zijn studie vereenzelvigen met God. Dat moeten ze niet doen, vindt H. M. Kuitert. Jezus is niet God zelf. Zijn betekenis ligt hierin dat dankzij hem “de God van de joden, de God van allen wordt en het onderscheid tussen jood en heiden is opgeheven”.

Kuitert werkt dit thema, en ettelijke andere, nog eens beknopt uit in Eenvoud bij H. M. Kuitert (red. G. W.Neven en Renée van Riessen; Ten Have, Baarn; 140 blz., ¿ 24,90). Het is de vrucht van een Kamper studiedag over zijn boek Zeker weten. Academici uit Kampen, Leiden en Tilburg bespreken dit, met wisselende waardering, waarna de auteur zelf - door Neven gekenschetst als 'een van de laatste echte theologen die Nederland rijk is' - hen van repliek dient.

Vele hedendaagse theologen, Kuitert inbegrepen, beschouwen het Oude Testament als de kern van de Bijbel. Dit deed ook Frans Breukelman (1916-1993), van wiens verzameld werk zojuist een nieuw deel is uitgekomen. Het is nummer twee van drie banden die vergevorderde theologische puzzelaars met Grieks en Hebreeuws in hun pakket inwijden in de bedoelingen van de evangelist Matteüs (Bijbelse theologie III/2; red. Ad van Nieuwpoort & Pieter van Walbeek; Kok, Kampen; 288 blz., ¿ 59). Bij de journalist aan de zijlijn rijst soms het vermoeden dat Matteüs zelf er nog wat van zou kunnen opsteken. Breukelmans Bijbelse theologie is begroot op twaalf banden, waarvan er nu vier verschenen zijn.

Buiten de kerk geniet het Oude Testament wel de reputatie van een verzameling barbaarse geschriften over een God die - om Karel van het Reve te citeren - grote aardigheid heeft in het verdelgen van hele volken. Ten behoeve van orthodoxe christenen die met de Hebreeuwse Bijbel ook niet altijd goed raad weten, werpt de Apeldoornse hoogleraar H. G. L. Peels enig licht op de schaduwzijden ervan in Wie is als Gij? (Boekencentrum, Zoetermeer; 169 blz., ¿ 27,50). Een lastige klus, want Peels wil er zich niet van afmaken met het argument dat de Bijbel ook maar mensenwerk is. Peels hoort er 'de Here zelf' in spreken. Soms moet de lezer dan ook genoegen nemen met de kanttekening dat de Here alle verstand, ook dat van theologen, te boven gaat.

Uittrekselboek

Moderner van inslag is de Wegwijzer voor de Bijbel van de hervormde dominee Alex van Lingen, die zelf o. a. Breukelman, Chouraqui en Grollenberg als gids heeft gebruikt. Een informatief uittrekselboek voor een, naar de stijl te oordelen, jeugdig publiek (Kok, 111 blz., ¿ 19,90). Op sceptische studenten in dat publiek mikt Jürgen Spiess met Geloven voor kritische denkers, een vertaling van Jesus (niet: Gott) für Skeptiker. In kort bestek probeert hij, soms in het voetspoor van C. S. Lewis, wat struikelblokken op te ruimen, waaronder de projectietheorie van Feuerbach & Co (Kok Voorhoeve, Kampen; 87 blz., ¿ 14,90).

Vóór Jezus als rolmodel en tegen een courant modern levensideaal- treffend verwoord als 'een eersteklas-hut op de Titanic' - pleit Platzak bij de wensput, een bundel over jongerencultuur, afkomstig uit de studiegemeenschap L'Abri. Het hoofdmenu bestaat uit leerzame opstellen over popmuziek en 'het lichaam in de film', splatter-troep inbegrepen (red. W. G. Rietkerk; Kok Voorhoeve; 96 blz., ¿ 17,50).

Kerk- en theologiegeschiedenis. Gerbern S. Oegema inventariseert in Tussen troost en vermaning aloude antwoorden op vragen waar sommige theologen geen weg meer mee weten, zoals: wanneer moeten we het einde der tijden verwachten? ('altijd binnenkort') en: is er een opstanding na de dood? ('ja'). De stof voor het boek - het laatste deel van een drieluik over messiaanse verwachtingen - ontleende Oegema aan het Nieuwe Testament en tal van vroeg-christelijke apocalyptische geschriften (Ten Have, Baarn; 160 blz., ¿ 34,90).

De hoofdrol in Marit Monteiro's Geestelijke maagden spelen 17e-eeuwse Nederlandse vrouwen van katholieken huize. Ze leidden, zonder kerkrechtelijk keurmerk, een religieus leven en legden zich toe op geloofsonderwijs en zorg voor armen en zieken. Monteiro promoveerde op deze 'kloppen' of 'klopjes', wier aantal in de tweede helft van de 17e eeuw ze op meer dan 5 000 schat (Verloren, Hilversum; 416 blz., ¿ 59). De klopjes maken ook hun entree in F. J. M. Hoppenbrouwers Oefening in volmaaktheid (Sdu, Den Haag; 147 blz.. ¿ 39,50). Het bestrijkt, in vogelvlucht, het hele terrein van de r.-k. spiritualiteit in de 17e-eeuwse Republiek.

Roomsen moesten zich daar gedeisd houden. In enkele landsdelen werden ze vervolgd. Hun pausdom en heiligenverering ontlokten aan sommige gereformeerde dominees berijmde kritiek. 'Ik eer nog Paus nog Cardinael / Gods geest en sprak noit haere tael', schreef ds. Franciscus Ridderus. Hij is een van de zes toenmalige dichtende dominees - onder wie ook Jodocus van Lodenstein en Jacobus Revius - wier werk door Els Stronks is afgestoft om daarop, en op het gebruik en de receptie ervan, te promoveren: Stichten of schitteren - de poëzie van 17e-eeuwse gereformeerde predikanten (Den Hertog, Houten; 347 blz., ¿ 49,50).

Van iets actueler betekenis is, in principe, de dissertatie van Lieve Troch. In Verzet is het geheim van de vreugde gaat ze na, in hoeverre het werk van witte westerse feministen die academische theologie bedrijven, kan bijdragen aan de bevrijding van onderdrukte vrouwen. Haar conclusies spreken het vermoeden niet tegen dat er effectiever middelen denkbaar zijn (Boekencentrum, Zoetermeer; 286 blz., ¿ 45).

Kreupele Margriet

Van de middeleeuwse kluizenares Kreupele Margriet tot ds. Erica Scheenstra te Brielle anno 1996 reikt de bundel Vrome vrouwen (red. Mirjam Cornelis e. a.; Verloren, Hilversum; geïll., 202 blz., ¿ 35). Centraal in deze verzameling artikelen en biografische schetsen staan de 'betekenissen van geloof voor vrouwen in de geschiedenis'. Hillie van de Streeks hoofdstuk over christenvrouwen in de ARP en de CHU bevat een aardig voorbeeld van contextuele theologie. Abraham Kuyper liet de Bijbel nee zeggen tegen het vrouwenkiesrecht, totdat het parlement hem in 1919 de ogen opende door dit kiesrecht in te voeren. Toen mochten vrouwen volgens Kuypers Bijbel ineens wel stemmen. Althans op de ARP.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden