BODAR, BEDAAR

“Bodar haalt voorname getuigen aan om te stellen dat 'slechts ethisch' handelen niet genoeg is. Er moet de inwoning van God inzitten. Wie slag op slag zo makkelijk God in de mond en in de pen neemt, die kon wel eens terecht én voor heilig mysterie én voor gewone mensen onbereikbaar zijn.” Herman Verbeek reageert op 'Teloorgang van het heilige' van Antoine Bodar. “Ik denk dat de os en de ezel erbij staan gewoon om de asem, meer niet.”

Met kerst was het weer raak. De jaarwisseling is er alweer overheen gegaan, maar Driekoningen is een aangewezen dag om nog eenmaal bij het lichtfeest stil te staan. Teloorgang van het heilige, schreef Bodar voor kerstavond. Hij begon met een beschouwing over 'De geboorte van Christus', het prachtige doek van Hieronymus Bosch. Gewoon Jeroen Bosch, zeggen wij meestal, van Aeken heette hij eigenlijk. Hij leefde omstreeks 1450-1516.

Bosch schilderde de meest bizarre scènes en gedrochtelijke figuren, de monsterlijke mens, in de barre wereld. Zo kennen we hem, de apocalypticus, de helleveeg. Doek op doek leeft hij zijn bittere, cynische, angstige, gruwelijke visioenen uit. Zijn penseel is de ziel van het zwarte middeleeuwse Europa van de 14e-15e eeuw.

Tussen de gruweldoeken is er dan ineens dat lieflijke genre-stuk, die icoon van de geboorte. Lieflijk? Ook daar kaal land, kou, ongure typen op de achtergrond. En de ekster vlakbij, op de rand van de stal, loerend op prooi, of er misschien ogen uit te pikken zijn. Nee, het heilige staat niet veel leuks te wachten. Bosch weet dat het geboorteverhaal verteld is na het kruisverhaal. Wie zo heeft geleefd, dat hij in de dood niet is klein te krijgen, die krijgt een schitterend geboorteverhaal. Zo doet dat het menselijk hart dat onthoudt.

Volgens mij is Bosch heel anders dan Bodar. Nuchter, realistisch, meer thuis in het niet-esthetische werkelijke dan in het mooigemaakte mythische. Hij loopt niet heen om het naakte gebrek en wijdt er geen vrome woorden aan. Bosch kleedt zijn figuren rond het naakte kind in kleren van zijn tijd. Het heilige moet in het tijdeigen worden gevonden. Wat vindt Bodar?

Hij vindt eenvoud. Daarin is het mysterie. Wat is dat? “Wat elementair leven en verstandelijke vermogens te boven gaat.” Daar word ik onrustig van, ik raak geïrriteerd. Zou ook niet juist gewoon leven en goed nadenken oog hebben voor het ongrijpbare in al het gegrepene, begrepene, vergrepene? Te vroeg en te makkelijk, denk ik, zoals Bodar even leven en denken buiten de stal zet.

Hij vervolgt: het mysterie openbaart zich aan eenvoudigen, mensen en dieren. Het mysterie van de menswording. Ook aan de dieren, meent de romanticus. Ik denk dat de os en de ezel erbij staan gewoon om de asem, meer niet. Het geschilderde verhaal kan het zo arrangeren, omdat ook dierlijke instinkten kunnen verzachten, dieren kunnen huisdier worden en daar krijgt en neemt de mens warmte, weldaad, voedsel van.

Maar dan komen de geijkte grote sprongen, de sprong naar nu en de sprong naar boven. Bij Bodar gaat dat zo: “Deze tijd van uitbloeiende moderne eeuwen kent noch de verbeelding noch de verwoording van het heilige. Noch in ding noch in handeling wordt de betrekking tot Christus en het geloof gelegd.” Alleen de herder verheugt zich in 'Emmanuel, God met ons, Jezus, de Messias'. En engelen bezingen de komst van 'het Licht, God, in de Persoon van de eerste Lichtstraal, Christus'.

Wie zal ontkennen dat deze tijd gebukt gaat onder het aarde en mensen vernietigende bulken en zwelgen in meer, meer, meer? Wie lijden aan de verblinding in het glimmend dure en luxe pronken en verpatsen, die verschrikkelijke mismaking? Wie schaamt zich over het te veel van de een gestolen op het gebrek van de ander? Jeroen Bosch zou het net zo raak en afzichtelijk weten te schilderen als de Pasolini's, Fellini's en Godard's van vandaag.

Maar helpt het ook maar ene zier om uit die verwording als met een raket vurig en kaarsrecht omhoog te schieten en met een boodschap neer te dalen die mythe vermaakt tot werkelijkheid? Zou niet hier precies een beetje nadenken, een beetje intellectuele discipline van node zijn?

Om het middels deze goed-filosofische methode van het vragen te zeggen: zou het kunnen zijn dat zich hier, aan het einde van de 20e eeuw, de eeuw van Auschwitz, weer wreekt, hoe christenen zich eenvoudig de man van Nazareth toeëigenen, de leraar van woestijn en berg, van nacht en kruis; vriend, verlossend nabije kameraad van verschopten en afzichtelijken? Hoe christenen altijd nog weer gretig en met vanzelfsprekende autoriteit hem tot 'dé Messias' kronen, gruwel voor alle tot het laatst open en verwachtende profetie van Israël?

Heeft niet de geschiedenis van het dominante christendom de joden Jezus afgenomen en er Auschwitz voor in de plaats gegeven?

Zou het kunnen zijn dat na de Romeinse politieke moord op de leraar van Nazareth, op deze gevaarlijk goede verstaander van Tora, hij door christendom binnen een paar eeuwen tot god, tot rijksgod gemaakt is? Bij Bodar mag toch enige historische oriëntatie vermoed worden, hij moet toch weten hoe 'Zoon van God' de levensgevaarlijke contratitel was die door de zijnen aan de vermoorde Nazarener gegeven werd; levensgevaarlijk voor zijn eerste volgelingen omdat het de keizer van Rome was die de absolute en enige aanspraak claimde op deze godstitel, Filius Dei? De leraar van de Bergrede is juist geen god; heeft de kerk, opgestoten door het Romeinse Rijk in verval, dat niet precies omgekeerd in politiek theologische concilies en dogma's, die ordinaire 'staatsgreep'? Om het vriendelijk te zeggen, is christendom daarom niet twintig eeuwen historisch misverstand? Of, om het duidelijker te zeggen, twintig eeuwen geschiedvervalsing?

Mythen, mysterie, verbeelding zijn niet ongevaarlijk. Daar moet je goed bij stilstaan, enig denkwerk is nooit weg. Is niet de tragiek, de zelfvernietiging, de ten einde lopende valse pretentie van het bestaande christendom dit tweevoudig verzinsel: dat het zich de enige god aan zijn kant heeft gedacht en dat die een zoon neerlaat die alle mensheid van alle tijden redden moet, middels kerk? Is niet het dogma de blasfemie, in plaats van de ontkenning ervan?

Wie hét Licht zo centraal claimt en daar een historische figuur aan ophangt, die hangt zichzelf op. Die schakelt zichzelf uit door even het licht uit te schakelen voor viervijfde deel van de mensheid, dat aan zo'n Christus geen boodschap heeft.

De constructie van de hemel, van de bovennatuur stort in, de hemel is leeg; niets dan kou, duister en niet te tellen planeten. Een hoop metafysische theorie blijkt bluf. Is het, kortom, niet allereerst het christendom dat het heilige tot in het hart heeft vertekend, verkleurd, verminkt, vernietigd? Is dat niet wat ook Jeroen Bosch, met schildersoog, doorzag? Hoe groter en hoger en heter de hemelse ballon, hoe erger de knal en het neersmakken op aarde. Christendom lijdt nog altijd aan Icarus.

Bodar haalt voorname getuigen aan om te stellen dat 'slechts ethisch' handelen niet genoeg is. Er moet de inwoning van God inzitten. Wie slag op slag zo makkelijk God in de mond en in de pen neemt, die kon wel eens terecht én voor heilig mysterie én voor gewone mensen onbereikbaar zijn. Het is de vraag of een estheticus als Bodar wel echt sjoege heeft van wat een ethisch mens is. Hij citeert Titus Brandsma, Nederlands mysticus, maar zodoende wel in Dachau omgebracht. Is de manifestatie van het heilige in deze, onze zwarte eeuw niet opnieuw eerst en meest het martyrium?

Zijn voor ons niet Anne Frank, Simone Weil, Bonhoeffer, Niemöller, Gandhi, Luther King, Romero, Saro-Wiwa, Rabin, de veel te velen, de nietgetelden, de nietgekenden: 'heiligen'? Hoezo, teloorgang van het heilige?

Het manifesteert zich in al die sjouwers en zwoegers die proberen het kwaad te weerstaan, te kalmeren, te genezen, te beperken, om te keren, al dat mensenkwaad. Als het moet weerstaan tot de dood. Je moet er wel oog voor hebben.

Mag ik Antoine Bodar aanbevelen eens te gaan lezen in de werken van Abraham Joshua Heschel, een andere grote Joodse denker van deze eeuw? Daar kun je leren over de 'heiliging van de tijd'. Of ga eens in de leer bij een rabbijn, ook in Nederland is er nog een enkele.

Nee, actievoerders, demonstranten, verzetsmensen, Bodar ziet ze niet in de kerk, althans niet aan zijn altaar, niet onder de preekstoel, zijn katheder. Het is de vraag of de kerk en dat leergezag het er niet zelf naar gemaakt hebben. Zou Jezus ook maar één ogenblik tolereren dat hij tot de Christus is gemaakt? Is het pijnlijkste niet hoe hij is gegoten in die gloeiendhete mal van het eigen Grieks-Romeinse godenbeeld?

Bodar eindigt zijn stuk met de zondige mens. Wij zondigen niet meer, neemt hij waar, wij begaan slechts fouten. Komt het niet bij hem op, dat kerken en predikers zich de 'zonden' hebben toegeëigend als het gebied waarover zij beheer voeren? Maakt die pretentie niet ziende blind en horende doof?

Nee, er is geen god waarbij mensen nog terecht kunnen, als zij deze, hun zwarte Europese eeuw overzien; als ze de mensenmoorden van het heden, de sociale afbraak, de ecologische vernietiging niet langer aankunnen. Maar naar een constructie-god zullen zij nooit meer vluchten, hoe heilig, enig en reddend die ook wordt voorgesteld. Zij hongeren naar mensen die de handen uit de mouwen steken en die beschadiging en vernietiging tegengaan en transfigureren, in hulp, mededogen, genezing, wederopbouw, iets van duurzame vrede. Zulken zijn heilig zonder dat ze het hoeven te weten en goddelijk zonder ervan te willen horen. Gelukkig.

Als het in deze wereld van Jeroen Bosch om eenvoud gaat, laat dan allereerst de hoogdravende predikers alsjeblieft een toontje lager zingen. De icoon van Jeroen Bosch, waarop inmiddels stof van vijf eeuwen is neergedaald, laat zijn schitterende, warmende kleuren nog onverminderd doordringen in onze kou. Om te weten dat alle geboorte, alle leven, alle goeddoen, alle vrede heilig is. Het heilige gaat helemaal niet teloor, het gaat eigen wegen, naar mensen in de kou, als het moet met een grote boog om kerk en kerstmis.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden