Blijf het debat aangaan

Interview | Tolerantie is synoniem geworden voor leven en laten leven. Maar discussie over dissidente geluiden blijft nodig, stelt filosoof Theo de Wit.

Het begon met een tv-spotje van stichting Tolerance Unlimited. Te zien is de inmiddels 70-jarige Martin Luther King, die nog steeds droomt van universeel broederschap. In het volgende shot leest een bejaarde Anne Frank voor uit haar recente dagboekaantekeningen. Verder figureren nog Steve Biko, John F. Kennedy en Joes Kloppenburg - het postuum bekend geworden slachtoffer van geweld op straat - allen in blakende gezondheid. Dan wordt het beeld zwart en verschijnt de tekst: 'In een tolerante wereld waren deze mensen niet vermoord.'

Toen de Tilburgse politiek filosoof Theo de Wit dit spotje in 1999 zag, begon hij na te denken over het begrip tolerantie. "Er werd een tolerante wereld voorgesteld als een ideale wereld. Terwijl tolerantie, de deugd te aanvaarden wat je tegelijkertijd afkeurt, doorgaans wordt gezien als iets wat je moeizaam verwerft. Hier werd het afgeschilderd als een soort ideale eindtoestand van de wereld, en in zo'n wereld wordt niemand vermoord omdat hij bepaalde idealen of belangen heeft."

Woensdag spreekt De Wit in Amsterdam over tolerantie.

Waarom stoorde u zich destijds aan het spotje?

"Je kunt je afvragen hoe je je een tolerante wereld moet voorstellen. Zouden daar eigenlijk wel mensen leven als Martin Luther King en Anne Frank? Bij King was tolerantie meer een bijproduct van zijn ideaal; het ging hem uiteindelijk om rechtvaardigheid, en dat is iets anders dan tolerantie. Hetzelfde geldt voor Anne Frank en Steve Biko."

Tolerantie heeft dus een strijdlustig element in zich. Is dat altijd zo geweest?

"In de zestiende eeuw, toen het moderne begrip tolerantie is geboren, was het een kwestie van leven en dood. Het was een tijd van bloedige godsdienstoorlogen. Tolerantie was een antwoord daarop. Er was ineens een verschil mogelijk tussen politieke en religieuze loyaliteit, waardoor je lid kon zijn van de politieke gemeenschap en toch een ander geloof kon hebben. In de tweede helft van de twintigste eeuw werd het een beetje een lui woord. Tolerantie werd synoniem voor wederzijdse onverschilligheid, leven en laten leven."

Veel mensen beschouwen 'leven en laten leven' als een positief devies. Welk gevaar ziet u daarin?

"Dat je iets verafschuwt en het liefst zou verbieden, maar dat uit tolerantie niet doet, wil niet zeggen dat je er ook niet over in discussie mag gaan. Sommige mensen zijn het niet eens met de abortuswetgeving in Nederland. Dan kun je je punt maken in opinieartikelen, op tv en tijdens discussieavonden, maar je gaat niet naar zo'n kliniek toe om iemand een kopje kleiner te maken. Dat is in mijn ogen tolerantie: iets niet verbieden of verhinderen, maar er wel over discussiëren."

Is dat de afgelopen decennia te weinig gebeurd in Nederland?

"Ja, dat zie je bijvoorbeeld in het multiculturalisme. Er bestonden hier veel subculturen naast elkaar en we vonden dat we dat zo moesten houden. Sommige pleiters voor multiculturalisme gingen nog verder door diversiteit altijd toe te juichen en minderheden boven alles te willen beschermen. Maar dan zeg je dus ook: liever geen kritiek, liever geen debat."

Er wordt toch onophoudelijk gediscussieerd in het publieke domein?

"Wij kunnen ons heel druk maken om kleine zaken. Bijvoorbeeld om de laatste resten van de niet-liberale religiositeit, zoals inentingspraktijken in de biblebelt, vrouwen bij de SGP en weigerambtenaren. Maar ondertussen is er iets diepgaanders aan de hand. Het klassieke idee van tolerantie - dat de botsing van meningen een samenleving verder brengt - wordt ondermijnd omdat mensen meer en meer als potentiële risicofactoren worden gezien. Tegenwoordig wordt openbare discussie ontmoedigd door een nadruk op veiligheid en controle, in combinatie met een therapeutisch soort praten. Men heeft ook liever niet dat er op een hatelijke manier kritiek wordt gegeven, want dat kan mensen in hun identiteit aantasten. Dat hebben we in Nederland veel gezien de afgelopen jaren, bijvoorbeeld richting moslims. Wat nodig is, is de befaamde choc des opinions, waarbij uiteindelijk de democratische meerderheid beslist, als een soort godsoordeel."

Wordt dat tegengeluid aangemoedigd door de huidige politiek?

"Niet echt. Minister Asscher noemt als doel van het integratiedebat het verinnerlijken van waarden. Hij wil het liefst dat iedereen enthousiast is over homo's, de Gay Pride, blote borsten op het strand en in het algemeen zogeheten westerse waarden. Alsof over die waarden geen discussie mogelijk en nodig is. Nieuwkomers wordt gezegd dat ze dat allemaal moeten aanvaarden. Ik ben het daarmee eens als aanvaarden betekent: als in Nederland bepaalde dingen bij wet zijn toegestaan, dan accepteer en gehoorzaam je als Nederlands burger die wet. Maar je gaat een stap te ver als je wilt dat mensen homovriendelijk worden. Tolerantie is dat je het verschil aanvaart tussen wat de meerderheid besluit en wat je zelf denkt, en dat ook mag zeggen."

Je zou kunnen zeggen dat minister Asscher ook een hoger doel nastreeft, bijvoorbeeld een vreedzame samenleving.

"De overheid moet oppassen dat zij niet in de positie terechtkomt dat zij niet alleen gedrag reguleert, maar ook meningen eist en bestraft. Een samenleving waarin tolerantie een kans krijgt, is een samenleving waarin je ook kritisch mag zijn ten opzichte van de meerderheid. Zo kan iedereen die anders denkt altijd de hoop houden op verandering. Maar de meerderheid wordt steeds dwingender."

Kan die vreemde, andere mening ons als samenleving vooruithelpen?

"Zeker. Ik ben ook absoluut niet tegen een 'wij', maar ik denk wel dat die 'wij' langzaamaan wordt gevormd door niet alleen oude, maar ook door nieuwe Nederlanders. Het gaat mij als politiek filosoof om de vraag hoe mensen kunnen samenleven. Ik heb geen utopie over waar het met de samenleving heen moet, maar ik denk dat een bepaalde vreemdheid er altijd bij hoort. Uitgedaagd worden door mensen met volstrekt andere opvattingen dan jij maakt het leven spannend en de moeite waard. Daarom moet elk geluid gehoord worden, ook al is het nog zo dissident."

Woensdag 5 februari: Debat 'Wat is wijsheid? Over de vreemde ander'. Met Theo de Wit, Tina Rahimy (politiek filosoof) en columnist Martin Šimek. De Nieuwe Liefde, Da Costakade 102. Amsterdam, aanvang 20u, toegang euro10.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden