Bizarre geesten, gruwelijke gedachten

Tom Holland schetst een nietsontziend groepsportret van Caesardynastie

Niet lang nadat Caligula aan de macht kwam, werd hij doodziek. Een aantal mensen nam alvast een voorschot op zijn overlijden. Dan moest de achttienjarige Gemellus, kleinzoon van Tiberius, op de troon komen. Ze misrekenden zich. Caligula werd weer beter en nam wraak op Gemellus en zijn trawanten. Dreigen was genoeg om duidelijk te maken dat ze het beste de hand aan zichzelf konden slaan.

Met pluimstrijkers rekende hij even genadeloos af. Atanius Secundus, een ridder, had aan het ziekbed van Caligula gezworen dat hij, als de goden de keizer beter zouden maken, zou gaan vechten als gladiator. Daar hield Caligula hem aan. De edelman was geen partij voor de goedgetrainde vechtmachines in de arena. Caligula vervolmaakte de 'grap' door het lijk aan een vleeshaak langs de tribunes te laten slepen.

'Dynastie. Opkomst en ondergang van het huis van Julius Caesar' van de Britse succesauteur Tom Holland staat bol van de gruwelijkheden, machts- en familie-intriges. Het is het vervolg op zijn in 2006 in het Nederlands vertaalde 'Rubicon. Het einde van de Romeinse republiek'. Holland worstelt met het onderwerp van zijn nieuwe boek. Verhalen over gif en verdorvenheid geven historici vanwege hun melodramatische karakter al snel een ongemakkelijk gevoel, constateert hij in zijn inleiding. Zo'n overdaad aan sensatie maakt een ongeloofwaardige indruk. Wat ook niet helpt: de hoofdpersonen uit 'Dynastie' hebben een tweede leven gekregen in de populaire cultuur. Alle perversiteiten en wreedheden worden vaak dan nog even uitvergroot. Zo is rond Caligula een heel subgenre van pornofilms ontstaan.

Maar wie de geschiedenis van het huis van Julius Caesar wil optekenen, ontkomt niet aan de voortdurende strijd tussen de Juliaanse en de Claudiaanse tak en alle excessen. Holland, geen classicus maar historicus, weet gelukkig maat te houden. Hij dient de feiten geserreerd op. Daarbij heeft de Brit overduidelijk profijt van zijn ervaring als fictieschrijver. Deze non-fictie leest als een roman.

Holland laat het academisch debat voor wat het is. Hij heeft verschillende bronnen ongetwijfeld tegen elkaar afgewogen, maar laat zijn bespiegelingen daarbij niet terugkomen in zijn boek. Hij wil de lezer bij de kladden grijpen en doet dat door bijna in de hoofden van de opeenvolgende heersers te kruipen. Het spel van (vaak bizarre) zetten en tegenzetten maakt op die manier nog meer indruk.

En passant weet Holland toch ook aardig wat te vertellen over het dagelijks leven van de Romeinen van destijds en de zorgen en heuglijkheden rondom hun grote rijk uit de eeuw dat Augustus en zijn opvolgers regeerden. Zij waren de eerste keizers. De geschiedenis van hun dynastie groeide uit tot hét dominante verhaal over Romeinse heersers. Denken we aan het Imperium Romanum dan denken we in eerste instantie aan hen en hun tijd.

Augustus kwam als enige levend tevoorschijn uit de machtsstrijd die volgde op de moord op Julius Caesar. Hij regeerde ruim vier decennia rond het begin van onze jaartelling. Het was een relatief rustige, vredige tijd. Die pax Augusta maakte dat de keizer kon bouwen aan een luxer Rome. Tegelijkertijd wierp hij zich op als voorvechter van het plebs.

Opvolger Tiberius had het gevoel in de schaduw van zijn voorganger, die zelfs een goddelijke status had gekregen, te regeren. Hij miste flair, kwam afstandelijk en hooghartig over. Op den duur kreeg hij genoeg van Rome en trok zich terug aan de Golf van Napels en op Capri.

Claudius stak wat gewoontjes af bij de keizer voor en na hem, respectievelijk Caligula en Nero. De eerste ging zover dat hij zelfs de kinderen van de adel voor zijn eigen en andermans genoegens seksueel misbruikte. Nero maakte van regeren een theatervorm van de meest lugubere soort. Hijzelf speelde de hoofdrol als sadist van de ergste soort. Maar zelfs bij de decoratie schrok hij nergens voor terug: christenen dienden als menselijke fakkels. Dat stond leuk.

Na Nero's dood was de dynastie uitgestorven, verzopen in haar eigen bloed: want de keizers en hun naasten kwamen gewelddadig aan hun eind en anders hing rondom hun overlijden wel de geur van complot en vergiftiging. In al die jaren had het huis van Julius Caesar de Romeinse beschaving vooruit geholpen, maar, zo laat Holland zien, de prijs daarvoor was een tiranniek bewind met heel veel slachtoffers.

Tom Holland: Dynastie. Opkomst en ondergang van het huis van Julius Caesar (Dynasty: The Rise and Fall of the House of Caesar) Vert. Boukje Verheij en Arian Verheij. Athenaeum-Polak & Van Gennep 470 blz. euro 29,99

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden