Bijnamen in de sport brengen het beste en slechtste in mensen boven

Patrick Kluivert knuffelt na het winnende doelpunt tegen de Argentijnen met Dennis Bergkamp a.k.a 'Dennis the Menace', 'The Iceman', 'The Non-Flying Dutchman' en 'God'. Beeld anp
Patrick Kluivert knuffelt na het winnende doelpunt tegen de Argentijnen met Dennis Bergkamp a.k.a 'Dennis the Menace', 'The Iceman', 'The Non-Flying Dutchman' en 'God'.Beeld anp

Edwin 'het IJskonijn' van der Sar, Joop 'de Wieltjeszuiger' Zoetemelk, Rodolfo 'de Apotheker' Massi: de sportwereld staat bol van zowel dwepende als spottende bijnamen. Journalisten, wetenschappers en sporters beschrijven in 'De Adelaar van Benidorm' de mooiste, gemeenste en meest fascinerende bijnamen.

"Laat ik maar meteen met de deur in huis vallen: ik heb een hekel aan bijnamen. Een gloeiende pesthekel zelfs." Volkskrant-sportjournalist Mark Misérus gaat er met gestrekt been in. Bijnamen mogen centraal staan in de bundel, maar Misérus heeft een broertje dood aan die zogenaamd spitsvondige creaties. "Wie zo idioot was om de eerste bijnaam aller tijden te verzinnen, en zo de deur wagenwijd openzette voor alle imbeciele bijnamen die nog zouden volgen, verdient het om alsnog uit alle geschiedenisboeken te worden geschrapt. Met (bij)naam en toenaam."

Lofredes
Gelukkig bieden bijnamen wel stof voor mooie verhalen, zo blijkt uit de bundel. Je moet er wel een beetje naar zoeken, want veel auteurs schieten al snel door in hagiografische lofredes. Het boek wordt bijvoorbeeld afgetrapt met een lofzang op het winnende doelpunt van Dennis Bergkamp tegen Argentinië bij het WK van 1998. Hoewel niemand zal ontkennen dat zijn aanname, balbeheersing en schot feilloos, fenomenaal en onvergetelijk waren, zijn zulke van onverbloemde adoratie overstromende lofredes - "Hij maakte zelfs zijn VWO af" - niet de spannendste om te lezen.

Fan van voetbalbijnamen? Meindert Talma bezong de mooiste in 'Koning van de Kluts'. Het artikel gaat daaronder verder.

Eddie 'The Eagle'
Mooier zijn de verhalen achter de klunzen en schlemielen uit de sport. Tom Vandevelde herinnert de lezer bijvoorbeeld aan Eddie 'The Eagle' Edwards, de Britse schansspringer wiens roem juist tot grote hoogten steeg door zijn volslagen gebrek aan talent. "Zijn geleende materiaal is te groot, waardoor hij zes paar sokken moet dragen. Bovendien is Edwards zo verziend dat hij onmogelijk zonder bril kan springen. Dat hij geen goede skibril heeft zorgt ervoor dat zijn brilglazen voortdurend aanslaan, waardoor hij amper iets ziet bij de afzet van zijn sprongen."

Toch wist Edwards zich te plaatsen voor de Olympische Spelen van 1988, waar hij glorieus laatste werd op zowel de grote als de kleine schans. Hij kreeg een speciaal plekje in het slotwoord van organisator Frank King: "At these Games, some competitors have won gold, some have broken records, and some of you have even soared like an eagle". Eddie 'The Eagle' was geboren.

Ongekroonde helden
De bijnaam als lauwerkrans voor de kluns. Zo'n transformatie gunt Peter Vandermeersch politici ook wel. De NRC-hoofdredacteur neemt het in zijn bijdrage op voor de ongekroonde helden van de democratie. "In de bijnamen van de sporters ligt een heroïek die je niet vindt in die van de politici." Denk maar aan 'Kereltje' Pechtold, Maxime 'De Jezuïet' Verhagen, 'Edje Kadetje' Nijpels of Hans Hoogervorst, die 'het keffertje van de VVD' werd genoemd.

"Bijnamen van poltici maken klein", concludeert Vandermeersch. Laten we de zaken eens omdraaien, stelt hij voor. "De Belgische regering noemen we de Rode Duivels. Op Begroting zetten we The Golden Boy (naar de kickbokser Badr Hari). Het spreekt voor zich dat op Defensie De Generaal komt (naar Rinus Michels)." Hij verzekert: "De politiek zou er wel bij varen. En we zouden gelukkiger zijn."

Sport is oorlog
Waar komt die behoefte aan bijnamen eigenlijk vandaan? "Moderne sporten zijn als oorlogje-spelen", legt de Cubaanse professor Roberto González Echevarría uit. Ze vormen volgens hem een uitlaatklep voor de diepgewortelde menselijke drang om vijanden te lijf te gaan en degenen te bejubelen die heldhaftig de eigen kleuren verdedigen.

"Die geëxalteerde bewondering brengt een speciaal soort taal voort om de helden te benoemen, om hen nieuwe namen toe te roepen en toe te zingen, als waren het epische epitheta uit de heldendichten van Homeros. Op die manier worden bijnamen geboren."

De professor focust op bijnamen van honkballers in Cuba, dat volgens hem grossiert in spottende bijnamen die zijn gebaseerd op fysieke eigenaardigheden. Die zijn volgens González Echevarría een manier om die helden "terug tot hun gewone proporties te herleiden, hen tot de menselijke schaal terug te brengen, hen te doen lijken op de rest van ons."

"Bijnamen in de sport", zo besluit hij, "brengen nu eenmaal zowel het beste als het slechtste in ons naar boven."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden