Bijna verdwenen soort veert op

NOORDBROEK - Voor een buitenstaander staat het wat slordig: de maaier is een pluk luzerne in een gemaaide Groningse akker vergeten. Voor de kenner het teken dat er een grauwe kiekendief broedt. En dat Ben Koks en zijn collega's langs zijn geweest. De pleitbezorgers van een braaklegregeling met natuurwaarde.

Elf meter in doorsnee hebben de maaiers laten staan. Een roofvogel, kleiner dan een kraai, slank als een potlood met vleugels, komt voor de zoveelste keer in korte tijd met een muis aan. Hij duikt in de pluk luzerne, levert zijn prooi af en vliegt weer weg. “Een goed mannetje”, zegt vogelonderzoeker Ben Koks, kiekendiefexpert. “Dat moet wel, want hij heeft vijf jongen.”

Grauwe kiekendieven zijn uiterst zeldzaam in ons land, stonden op het punt te verdwijnen. In 1989 waren nog drie broedpaartjes over. Daarna trad een verbetering op, vooral in Groningen, waar onder dwang van 'Brussel' landbouwgebied uit productie werd genomen, de braaklegging. Die had een onverwacht positief effect op de natuur.

Dat bestond vooral uit een betere muizenstand door verruiging. De grauwe kiekendieven profiteerden. De stand schoot alleen al in Groningen omhoog tot bijna dertig paar. Vooral in Oost-Groningen doen deze rovers, die in Afrika overwinteren, het goed. Evenals andere akkervogels, zoals kwartelkoning, gele kwikstaart en veldleeuwerik.

Het bleek onmogelijk de kieken te beschermen binnen de Ecologische hoofdstructuur, in elke provincie aangewezen natuurgebieden, die borg moeten staan voor bescherming en verspreiding van (zeldzame) diersoorten.

Koks: “De grauwe kieken zitten meestal buiten die natuurgebieden. Het zijn meer cultuurvolgers, die afhankelijk zijn van de inspanning van milieubewuste akkerbouwers. Ze vallen als het ware in een wit gat op de provinciekaart. Bovendien behoort de vijfjarige braaklegging tot het verleden, er worden alleen nog éénjarige contracten afgesloten. Dat is te kort om echt natuurbeleid op te bouwen. De Witte gebieden-nota van de provincie Groningen probeert dit te ondervangen, met voorstellen om buiten de Ecologische hoofdstructuur ook op langere termijn beschermingsplannen te realiseren.”

Koks heeft er met kompaan Erik Visser een omvangrijke taak aan. De eerste is onderzoeker bij SOVON Nederland, dat veel vogelonderzoek coördineert. Hij ringt de kiekendieven en onderzoekt de factoren die verantwoordelijk zijn voor succes of falen van de broedsels.

Visser begon pas zes jaar geleden. “Ik werk acht maanden bij een aardappelmeelfabriek, maar in het broedseizoen besteed ik 55 uur per week aan de kieken. Ik zoek de nesten, markeer ze en voorkom dat ze worden uitgemaaid. We krijgen veel steun van de maaiers, die in mei en juni de luzerne van het veld halen. Als we een nest vinden gaan de maaiers er keurig omheen.”

Visser wordt sinds dit jaar door de provincie betaald en is de eerste professionele 'kiekoloog' van ons land, waarvan er in Duitsland, Frankrijk en Spanje ook nog wat rondlopen.

'De provincie' is in het geval van de Witte gebieden-nota gedeputeerde Jaap van Dijk (CDA). Hij is sinds 1987 verantwoordelijk voor milieu, later ook natuur, landschap en landbouw. Van huis uit een plattelandsjongen heeft hij altijd goed contact met de boeren nagestreefd.

“Tijdens de begrenzing van de natuurgebieden in de Ecologische hoofdstructuur zijn we allerlei zaaltjes in de provincie langsgegaan. Met de boeren praten over natuurgebieden. En de mogelijkheid dat hun land daar het slachtoffer van zou kunnen worden. Dan kom je ook figuren als Ben Koks tegen. Mijn eerste confrontatie met hem was dat hij tegen me zei dat er niks deugde van wat de provincie deed.”

'Jullie vergeten dat er ook boeren zijn die aan natuurbeheer doen. Je kunt het niet overlaten aan natuurbeschermingsorganisaties en ambtenaren.' “Soms denk ik dat we elkaar vijf jaar eerder hadden moeten tegenkomen. Maar dat is niet gebeurd en we hebben er voor gekozen om eerst de hoofdstructuur in te vullen, en daarna iets te doen met de 'witte' gebieden.”

“Waar we met de Ecologische hoofdstructuur wel eens wat te voortvarend zijn geweest, hebben we het nu rustiger gedaan. Geluisterd naar de boeren. Afspraken gemaakt om stukken land eens wat te laten verruigen. De natuur profiteert. Dat hoort en ziet zo'n boer ook. We sloten met name in het zuidelijk Westerkwartier overeenkomsten, met wederzijdse rechten en plichten.”

“De coörporaties mogen voor de aanpassingen jaarlijks twee á drie ton onder hun boeren verdelen. De provincie vergoedt een nest niet, zoals elders steeds vaker wél gebeurt. In Duitsland krijgt een boer 1200 DM als hij een nest van een grauwe kiek huisvest. Maar de Groningse boeren vinden het mooi en genieten er van als zo'n zeldzame vogel op hun land broedt.”

Van Dijk hoopt dat de voorstellen voor tien jaar kunnen gelden. “Boeren willen weten: hoe gaat het als jij geen gedeputeerde meer bent. Dat heeft natuurlijk ook alles te maken met Agenda 2000: de Europese landbouwpolitiek, de prijsontwikkeling, de afbouw van subsidies en de gevolgen daarvan.”

Essentieel voor de natuurwaarde van het akkerbouwgebied is dat 'zwarte braak' (niets doen met een veld, kaal laten en alleen omploegen) niet helpt. Koks: “Daar heb je niets aan. Je moet een akker inzaaien met gewas dat nuttig is en door Brussel wordt getolereerd. We kunnen nu aan de slag met een mengsel van granen, met boekweit. Luzerne is ook zo'n gewas, een groenbemester: het bindt stikstof uit de lucht, kan in drie jaar 6 à 9 keer worden geoogst en wordt tot veevoerkorrels verwerkt. Het goede van de Witte gebieden-nota is dat we er meteen mee kunnen beginnen. Alles profiteert ervan. Ook kerkuilen en 's winters ganzen.”

Het gaat Ben Koks niet alleen om de grauwe kiekendief, maar om het winnen van de slag om de witte gebieden. “Natuurbeheer in akkerbouwgebieden is nieuw en heeft kans van slagen. En dat we eens boeren, maar ook met de natuurbescherming in de clinch liggen, dat hoort erbij. Soms denk ik wel eens: Van mij mag de grauwe kiekendief in Groningen uitsterven, als het totale plan maar slaagt. Maar ja, dat kan ik als grauwe-kieken-uithangbord niet echt verkopen, geloof ik.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden