Bijna oerossen, de zwartbruine Heckrunderen,

die je ziet bij de Oostvaardersplassen en de Grevelingendam. Resultaat van pogingen om via primitieve runderrassen de wilde stamvorm van het huisrund terug te fokken. Betwijfeld kan worden of dat ooit lukt, want eenmaal uitgestorven is voor altijd verloren. Uit het oerrund zijn alle huisrunderrassen voortgekomen.

In de duizenden jaren dat het huisrund bestaat, is het genetische materiaal zo veranderd dat de wilde stamouders er niet uit terug te fokken zijn. Misschien maar goed ook, want uit middeleeuwse bronnen blijkt dat de oeros erg agressief moet zijn geweest.

Omdat het laatste Europese oerrund pas in 1627 in gevangenschap stierf, bestaan er natuurgetrouwe afbeeldingen van, zodat de gebroeders Lutz en Heinz Heck voor hun terugfok een streefbeeld hadden. De stieren waren een kwart groter en zwaarder dan de koeien, zwartbruin met een lichte aalstreep over de rug, lichter op de buik en de binnenkant van de poten, met een witte ring om kin en snuit en lichtbruin kroeshaar op het brede voorhoofd, de koeien egaal bruin en in wintervacht donkerder. De lange horens staken eerst zijwaarts uit en bogen vervolgens omhoog en naar voren, met iets naar binnen gebogen punt. De Heckrunderen, die voor extensieve begrazing in natuurgebieden worden ingezet, geven ons een idee hoe de oerossen eruitgezien moeten hebben, maar ze gedragen zich niet wilder dan de Schotse langhoornrunderen, die ook voor dat doel worden gebruikt.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden