'Bijna geen land in Europa zo xenofoob als Nederland'

Mariana Campeanu, Roemeense minister van arbeid, begrijpt de weerstand tegen haar landgenoten niet. Beeld anp

Roemenen zijn de dupe van xenofobie en racisme in Nederland. De Roemeense minister van arbeid Mariana Câmpeanu ondervindt vrijwel nergens anders in de EU ("misschien alleen in het Verenigd Koninkrijk") zoveel weerstand tegen de komst van Roemenen en Bulgaren, als op 1 januari de Europese binnengrenzen voor werknemers volledig opengaan.

"Legt u mij eens uit hoe een land dat bekend staat als gidsland, zo veel last kan hebben van angst voor vreemdelingen." Câmpeanu was gisteren op de 'Roemenen- en Bulgarentop' in Den Haag. Zij sprak daar met minister Asscher, wethouders en werkgevers over arbeidsmigratie.

Dat Asscher in een open brief zijn angst voor de 'dijkdoorbraak' van immigranten uit Oost- Europa ventileerde, is Câmpeanu niet ontgaan. "Overdreven", zegt ze. "Nederland is het minst populaire land voor Roemenen om heen te gaan." Hoewel het Sociaal en Cultureel Planbureau zegt dat in Nederland vooral laagopgeleide Roemenen werken, zijn hier volgens Câmpeanu juist relatief veel hoogopgeleide Roemenen. "Zij zijn over het algemeen goed geïntegreerd en spreken de taal. Zij leveren een enorme bijdrage aan de Nederlandse economie. Het zijn de mensen van wie wij hopen dat ze op een dag terugkeren naar Roemenië."

Ook Câmpeanu's Bulgaarse collega Yankova was op de top aanwezig. Zij en Câmpeanu schetsen eenzelfde beeld, namelijk dat alle jonge mensen die kansen roken in het buitenland al vertrokken zijn. Yankova: "In de afgelopen twintig jaar zijn 3 miljoen mensen geëmigreerd, het potentieel is uitgeput."

Dat eerder voorspelde 'tsunami's' aan Oost-Europese arbeidsmigranten op 1 januari zouden kunnen uitblijven was gisteren vaker te horen. Toen Polen zich vrij in Nederland konden vestigen in 2007, nam hun aantal weliswaar sterker toe dan de jaren ervoor, maar niet explosief.

Maar dat het aantal migranten zal toenemen staat vast, zegt SCP-directeur Kim Putters. En dan vooral het aantal laagopgeleiden. "Hoogopgeleide Bulgaren en Roemenen mijden ons land, die gaan meer naar Zuid-Europa."

De gemeenten Den Haag en Rotterdam spraken al de vrees uit dat ook een niet-explosieve groei van het aantal migranten op straatniveau ontwrichtend kan werken. Asscher zei gisteren daarom dat hij geen discussie over aantallen wil, maar "wil leren van het verleden."

De minister wil nog voor 1 januari maatregelen treffen. Er komt een onderzoek naar de mate van verdringing op de arbeidsmarkt. Ook krijgen mensen die willen migreren al in hun herkomstland informatie over Nederland. Asscher gaat geld vrijmaken om meer migranten zich te laten inschrijven in hun nieuwe woonplaats. Ook komt er geld om terugkeer van dakloze migranten te stimuleren. En er komt een proef met 'participatiecontracten', waarin arbeidsmigranten de Nederlandse grondrechten en waarden onderschrijven.

Lees in Trouw het interview met Mariana Câmpeanu: 'Jullie gidsland is racistisch geworden'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden