Bijbeltaxatie meestal desillusie

AMSTERDAM - Gespannen kijken ze hem aan, hopend dat ze bezitter zijn van een kostbare bijbel. Voorzichtig is het boek uit de tas tevoorschijn gehaald. Afgelopen zaterdag vond in het Bijbels Museum in Amsterdam de jaarlijkse taxatie van oude bijbels plaats.

Taxateur Ton Bolland, specialist op het gebied van oude bijbels, moet de meesten teleurstellen. Ruim honderd mensen zijn naar het museum getogen, slepend met dozen, tassen en koffers. Bijbels in alle soorten en maten, gezangbundels en stichtelijke tractaten worden op tafel gelegd.

Het merendeel blijkt niet zo bijzonder, maar Bolland is teveel heer om dat onomwonden te zeggen. De hoopvolle blikken die op hem gericht zijn nopen hem zijn conclusies zorgvuldig te formuleren. De meesten krijgen te horen dat het om een paar honderd gulden gaat. Slechts weinigen zijn uitverkoren om van hem de raad mee te krijgen een aparte verzekering af te sluiten. Sterker nog: slechts één heer kreeg deze dag dat advies. Maar die had dan ook een zeldzaam fraai uitgevoerde driedelige bijbel meegebracht.

Bolland is er nog van onder de indruk. Enthousiast beschrijft hij de uit 1704 daterende bijbel met origineel gekleurde illustraties. Ook goud was eraan te pas gekomen; het ging duidelijk om een bezit van een adellijke familie. Het geheel was in geiteleren banden gebonden. Voor Bolland een aangename verrassing temidden van alle bijbels die hij kreeg voorgeschoteld. Veel mensen komen met een Statenbijbel waarvan ze menen dat het een bijzonder exemplaar is. Het merendeel is echter 19de-eeuws.

De eerste druk van de Statenbijbel dateert uit 1637 en werd door de weduwe Van Wouw in Den Haag uitgegeven. Het taalgebruik in die eerste editie riep nogal wat weerstand op. Men sprak wel van de 'wandpissersbijbel', zo verklapte Bolland, naar aanleiding van een formulering in Leviticus 6, waarin sprake is van 'allen die tegen de wand pisten'. In de tweede, flink gekuiste, druk van 1657 was dit gewijzigd in 'allen die van het mannelijk geslacht zijn'.

's Middags komt een echtpaar langs met de eerste druk. Het boekwerk komt uit een grote doos tevoorschijn en is in een prachtige leren band met koperwerk gebonden. De man vertelt de bijbel nog niet zo lang geleden via een advertentie voor ¿ 2500 op de kop te hebben getikt. Bolland schat de waarde op ¿ 7500. Opvallend is dat de bladen nog zo mooi zijn; veel bijbels laten immers verkleuringen en vlekken zien.

Soms komt dat doordat ze altijd op dezelfde bladzijden openliggen, zoals bijvoorbeeld kanselbijbels. Deze groep verraadt zijn herkomst tegelijk ook door de afgesleten hoeken onderaan: het gevolg van schurende togamouwen. Voor Bolland reden te vermoeden dat het om gestolen bijbels gaat. Hoewel hij daar regelmatig mee wordt geconfronteerd, komen dit maal geen dieven hem raadplegen.

Restaureren

Eén meneer legt een nogal merkwaardige bijbel op tafel. Het gaat om een 18de-eeuws exemplaar, dat in een te grote 17de-eeuwse leren band is gebonden. De bovenkant steekt er zeker ruim tien centimeter bovenuit. Voor de man een grote verrassing: de bijbel is al eeuwenlang in de familie, maar dit feit is volledig nieuw voor hem. Bolland schat de waarde op ¿ 4000.

Terwijl die bijbel weer in de boodschappentas wordt gefrommeld, komen twee dames met een Statenvertaling die totaal uit elkaar valt. De band is 18de-eeuws en bestaat uit twee met leer beklede eiken platten. De leren rug ligt als een vies vodje tussen de bladzijden en ook het koperbeslag is hoognodig aan restauratie toe. Bijbelrestaurateur H. de Hullu uit 's Gravenzande, die naast Boland zit, biedt zijn hulp aan. Aarzelend gaan de dames op zijn aanbod in; ze zijn bang voor de kosten. Die blijken echter reuze mee te vallen, zodat ze hun bijbel met een gerust hart achterlaten.

Het restaureren van bijbels is overigens een netelige zaak, vertellen Bolland en De Hullu. Ook vandaag moesten ze weer enkele bezoekers duidelijk maken dat dezen waren opgelicht. Zo was een bijbel met een waarde van ¿ 1500 voor maar liefst ¿ 8000 gerestaureerd. Dat komt vaker voor, evenals onbekwaam uitgevoerde restauraties. Het is de onwetendheid van de bezitters waar handig misbruik van wordt gemaakt.

Zulke praktijken onderstrepen het nut van taxatiedagen, al betekenen ze voor velen een desillusie. Want wie zich miljonair waant bij binnenkomst in het museum stapt ook het liefst als zodanig naar buiten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden