Bij verrassend veel mensen zit God nog tussen de oren, merkt predikant Piet de Jong

Een kerkdienst met bijdragen van een musicalster, een operazanger en een popband - het was een groots jubileum dat de Protestantse Kerk in Nederland gisteren vierde in Nijkerk. Als wetenschapper, zei de katholieke cultuurtheoloog Frank Bosman van de Universiteit van Tilburg vorige week in deze krant, vond hij de opzet van de dienst (met elementen uit de populaire, seculiere cultuur) bijzonder interessant. "Maar ik kan je vertellen: in de rooms-katholieke kerk zou het ondenkbaar zijn."

Bosman: "Wie over de drempel van de kerk stapt, gaat een ander taalveld binnen, neemt een andere houding aan. De kerk wil een contrast bieden tegen het leven van alledag. Daarbij passen moeilijk liedjes die je al hoort op Radio 538 of Q-music. De liturgie is bedoeld als een rechtstreekse verwijzing naar het transcendente, zonder geforceerde interpretaties."

Daar denkt Jelmer Koornstra toch iets anders over. De emeritus predikant uit Deventer schrijft in het remonstrantse maandblad AdRem over de relatie tussen popmuziek en geloof. "Ik laat in mijn vieringen geregeld een poplied horen, soms als gebed of als onderstreping daarvan, maar meestal als buitenbijbelse lezing, dus om het thema van de betreffende viering te actualiseren. Ik hoop dat meer collega's dat doen, al was het alleen maar om aansluiting te krijgen bij de wereld van vandaag."

Waarom zouden dominees dat moeten doen? Koornstra: "Ten eerste herkennen een heleboel mensen in popmuziek hun moderne, hun postmoderne levensgevoel. Dat gaat niet uit van wetenschappelijke verklaringen en godsdienstige duidingen van de wereld en de geschiedenis, maar van eigen ervaringen. Het houdt niet van grote verhalen en weidse theorieën, maar zoekt het juist in het alledaagse, in de persoonlijke tragiek en het kleine geluk."

Daarnaast, zegt Koornstra, kan ook populaire seculiere muziek een religieuze functie hebben. "Een heleboel popmuziek brengt iets teweeg van zelfoverstijging. Je wordt erdoor in een paradijselijke toestand gebracht. Ze geeft een alles te boven gaand geluksgevoel, ze zet de boel even op zijn plaats in je leven, ze verzoent je met de donkere kanten van je bestaan. We raken hier aan het begrip religie. Daarbij moeten we niet allereerst denken aan zoiets als de leer van de kerk of de verhalen uit de Bijbel, maar aan het betrokken zijn op een hogere macht, een andere kant, een wijder perspectief, een verborgen zin, een mystiek verband, kortom: aan het openstaan voor dingen die groter zijn dan wijzelf."

Misschien hebben Frank Bosman en Jelmer Koornstra gistermiddag allebei de jubileumdienst van de Protestantse Kerk op televisie gevolgd en kunnen ze er eens over van gedachten wisselen.

In de dienst van gisteren werd gelezen uit het bijbelboek Prediker. "Best een vondst bij dit jubileum", schrijft Piet de Jong, interim-predikant in Wijk bij Duurstede, in Christelijk Weekblad. Die tekst ('Een koord dat uit drie strengen is gevlochten, is niet snel stuk te trekken') is een klassieker voor huwelijksvieringen. En het is toch een soort huwelijk, de verbintenis die Nederlandse hervormden, gereformeerden en lutheranen met elkaar sloten op 12 december 2003. Al was het lang kantjeboord of het jawoord daadwerkelijk zou worden gegeven. De Jong: "De eindstreep werd maar net gehaald. Opgelucht toog men dezelfde avond nog in Utrecht naar de Domkerk waar in bijzijn van koningin Beatrix de fusieovereenkomst werd getekend en scriba dr. Bas Plaisier preekte over de woorden 'aanvaard elkaar' uit Romeinen 14. Het had allemaal iets van een bezwering, herinner ik me."

Bij de feestvreugde van nu plaatst De Jong ook kanttekeningen. "Op papier omvat de PKN nog 2,1 miljoen leden. In de komende tien jaar gaat daar nog minstens een half miljoen af, maar eigenlijk zijn die nu al weg. Nu heeft ook niemand verwacht dat de kerk zou groeien. Als instituut hebben we de tijd tegen. Mensen hebben weinig of niets meer met het instituut kerk."

De Jong lijkt te kunnen instemmen met zijn remonstrantse collega Jelmer Koornstra als hij schrijft: "Ondanks het overheersende en veelal platte seculiere levensgevoel in onze samenleving zit bij verrassend veel mensen God nog steeds tussen de oren, merk ik als predikant." Maar De Jong ziet ook: "Het instituut kerk lijkt te horen bij de organisaties van een voorbije eeuw."

Ook De Waarheidsvriend, het huisorgaan van de rechterflank van de Protestantse Kerk, wenst niet alleen maar te jubelen op de verjaardag van de kerk. "De voortgaande secularisatie", schrijft hoofdredacteur Piet Vergunst, "is door de kerkvereniging niet tot staan gebracht". Verder merkt Vergunst op dat de keuze voor Nijkerk als feestlocatie ook ietwat beladen is: het was een van de gemeenten die in tweeën scheurde omdat voor- en tegenstanders van de kerkfusie niet met elkaar door één deur konden. Ten slotte moet het Vergunst van het hart dat "in de kerk velen Jezus niet als de Zoon van God belijden, de Zaligmaker van zondaren, de Heere van de wereld."

Is Vergunst dan alleen maar somber gestemd? Dat ook weer niet. Bij het jubileum ziet hij ook "zegeningen, die we als kerk ontvangen en die we voor Gods aangezicht in ootmoed en dankbaarheid mogen benoemen." Wie de taal van de protestantse orthodoxie verstaat, weet: dit is een hartelijke felicitatie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden