Bij tegenvallers is Cor van der Geest nergens te bekennen

Technisch directeuren, in welke tak van sport dan ook, hebben de neiging zich alleen te laten zien bij goed nieuws. Bij tegenvallende prestaties verbergen zij zich het liefst achter de coulissen. Cor van der Geest, technisch directeur van de judobond, vertolkte die rol tijdens de WK van vorige week in Rotterdam met verve. Na de snelle uitschakeling van Ruben Houkes en Dex en Guillaume Elmont, allemaal jukoka’s van zijn Haarlemse sportschool Kenamju, was er geen spoor van hem te bekennen.

De toch niet bepaald publiciteitsschuwe Van der Geest dook pas op na het eerste succes op de mondiale titelstrijd in Ahoy, de zilveren medaille van Elisabeth Willeboordse. Hij was, met zijn bekende bravoure, plotseling heel nadrukkelijk aanwezig in de mixed zone, waar de sporters hun verhaal vertellen aan de media. Een dag later van hetzelfde laken een pak, na het goud van Marhinde Verkerk.

Bij de derde medaille voor de Nederlandse ploeg, het zilver van Henk Grol op de slotdag van de WK, hield Van der Geest zich opeens weer afzijdig. Grol is onbetwist Nederlands beste judoka in de klasse tot honderd kilo, tot voor twee jaar terug het domein van Elco van der Geest. Om de concurrentie met Grol te ontlopen heeft de zoon van Cor zich laten naturaliseren tot Belgisch staatsburger. Waar Grol in Ahoy, ondanks een mank been, de finale haalde, daar strandde de beste Belg in de categorie tot honderd kilo al na twee partijen.

Een finale in Ahoy tussen Grol en Van der Geest werd door veel judoliefhebbers als een droomscenario bestempeld. Zover kwam het dus niet, wellicht tot opluchting van Cor van der Geest. Een titelgevecht tussen een lid van zijn selectie en zijn zoon zou hem in een onmogelijke spagaat hebben gemanoeuvreerd. Als technisch directeur van de judobond had hij voor Grol moeten juichen, als vader was zijn voorkeur uiteraard uitgegaan naar zoon Elco.

De jongere broer van de dit jaar gestopte Dennis van der Geest maakte in Rotterdam een ongelukkig debuut als judo-Belg. Hij zocht niet naar excuses, maar Elco verwees wel naar alle heisa rond zijn naturalisatie. De politieke perikelen hadden hem geen goed gedaan en het hielp natuurlijk ook niet dat hij pas op dinsdagmiddag, twee uur voor de WK-loting, hoorde dat hij mocht meedoen. Drie dagen later ontving hij een brief van sportkoepel NOC-NSF met de mededeling dat hij niet meer in aanmerking kwam voor financiële steun.

Geen ideale voorbereiding voor Van der Geest, die wel blij verrast was met de steun van de fans in Ahoy. Nederlanders kunnen goed met Belgen omgaan, concludeerde Van der Geest cynisch. Als Nederlander kon hij niet altijd op steun rekenen in de nationale judowereld. Zo is het nu eenmaal voor iemand met de achternaam Van der Geest, wist Elco. Je haat ze of je houdt van ze.

Twee Vlaamse journalisten moesten in de mixed zone wennen aan de directheid van hun landgenoot. Het werd hen wel snel duidelijk dat Van der Geest niet uit liefde voor het land had gekozen. „Er staat België op mijn rug, zelf zie ik dat niet.” Cor van der Geest was er niet bij. Niet alleen als technisch directeur, maar ook als vader kiest hij na teleurstellingen voor een plek op de achtergrond.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden