Bij pianist Aldo Ciccolini spelen de jaren geen rol

Bij Aldo Ciccolini, met bijna 84 jaar een van de oudste praktiserende concertpianisten, spelen de jaren geen enkele rol. Als hij zwak ogend en met onzekere tred het podium beklimt, lijkt het ondenkbaar dat deze fragiele grijsaard nog in staat is een zwaar recital tot een goed einde te brengen. Maar zijn recitals horen steevast tot de hoogtepunten van het seizoen, ook afgelopen zondag.

Zodra de eerste tonen klinken, is er geen oude man meer waar te nemen. Gedachten aan stoffelijke zaken, zoals virtuositeit, uithoudingsvermogen en trefzekerheid, krijgen geen enkele kans bij de luisteraar post te vatten. Als Ciccolini speelt is er uitsluitend de muziek zelf. Zonder hoorbare fysieke belemmeringen wist de tot Fransman genaturaliseerde Italiaan te communiceren met zijn publiek. En dat met een ongebruikelijk, maar interessant programma.

De pianosonates van Muzio Clementi, hoofdzakelijk bekend vanwege zijn didactische pianomuziek, worden zelden uitgevoerd op traditionele pianorecitals. De Sonate in g bleek een monumentaal en fantasievol stuk dat zich stilistisch beweegt tussen de polyfonie van Scarlatti en de imposante weerbarstigheid van de latere Beethoven. Ciccolini benaderde het stuk sterk symfonisch. Zijn gulle gebruik van het rechterpedaal leek nadelig voor de helderheid. Het is echter een feit dat de Engelse fortepiano’s van omstreeks 1800, die de in Londen gevestigde componist, annex pianofabrikant bespeelde, veel nagalm hadden.

Mozart speelde in dezelfde periode op de Weense fortepiano, die juist wel uitermate helder klonk, zonder resonanties. Ciccolini was zich hier hoorbaar van bewust in zijn kristalheldere en fijnzinnig, sterk verhalende vertolking van Mozarts Sonate in Bes, KV 333. Zijn benadering was soms net iets te romantisch voor de Weense klassieke stijl, maar dankzij Ciccolini’s overtuigingkracht deed dat er helemaal niet toe.

Na de pauze was Ciccolini te horen in het vroeg-twintigste-eeuwse repertoire waarmee hij al decennialang internationale faam geniet. Delicaat, verrukkelijk dansant en bijna onaards fraai vertolkte hij de ’Valses nobles et sentimentales’ van Maurice Ravel. Zonder onderbreking ging hij door met ’Cuatro pezas españolas’ en ’Fantasia bética’ van Manuel de Falla.

Deze muziek zit vol Andalusische dansvormen en flamencoklanken. Wellicht spelen sommige Spaanse of Zuid-Amerikaanse pianisten deze stukken krachtiger, feller en rauwer. Feit is dat De Falla ook een verfijnde, op de Frans-impressionistische klankwereld kant heeft en die liet Ciccolini met ongekende pracht horen.

Aldo Ciccolini op 7/6 in Meesterpianisten, Concertgebouw Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden