Bij het graf van mijn ouders

Vrijdag is het Allerzielen, de dag dat in de katholieke traditie de overledenen worden herdacht. Begraafplaatsen hebben we daar niet voor nodig. Sluit die door jan en alleman verlaten knekelhoven!

Sluit begraafplaatsen. Het zijn onbetamelijke oorden des verderfs. Groeven van gemeentelijke geldzucht ook. En het ergste van alles: ze wakkeren valse sentimenten aan, gevoed door religieuze motieven. Wachtend op de zogenaamd jongste dag, beter en reëler: op het moment dat we geruimd worden, vroeg of laat. Niemand ontkomt daaraan, afgezien van een paar historische helden. Laten we in plaats daarvan ruimtes inrichten waar we op een waardige manier onze doden kunnen laten gaan. In een hemelse rookwolk. Met de stroom mee. Vergezeld van een zucht van verlichting.

Dit weekend stond ik weer eens bij het graf van mijn ouders. Ik was vooral voor mijn moeder gegaan, want het is nu precies twaalf jaar dat ze dood is. Zoals ze in het leven verbonden waren, zo zijn ze dat ook in de grond van hun doodse voortbestaan. Mijn ouders liggen samen meer dan dertig jaar onder de groene zoden, of liever: onder een zware zwarte, glimmende granieten steen. Daarop de tekst: 'Loof de Here, mijn ziel'. Dat is nog bescheiden vergeleken met andere stenen met daarop loftuitingen over de overledenen. Als je al die grafschriften overziet, kun je je afvragen waar de slechteriken liggen begraven.

Mijn vader stierf in 1992 op de leeftijd van 83 jaar met als diagnose longkanker, die hij niet wilde laten behandelen. Hij heeft er afgezien van de laatste week weinig hinder van ondervonden. Mijn moeder werd met veel pijn en moeite vijf jaar ouder, ze had haar tweede partner Parkinson steeds meer moeten toelaten in haar zittende en krimpende bestaan.

Ik bedenk of ik in al die jaren meer dan tien keer de algemene begraafplaats te S. bezocht heb om bij hen stil te staan. Zonder na te denken schud ik mijn hoofd. Nee, een graf trekt niet, zeker niet als het vandaag de dag ook digitaal te bezoeken is (www.online-begraafplaatsen.nl) en je er zelfs via hetzelfde kanaal (www.gedenkboeket.nl) een bloemetje kan laten bezorgen, met een foto retour als bewijsmateriaal.

Die handelingen laat ik eerder fatsoenshalve dan uit gemakzucht achterwege. Overigens: wie is er ooit op het onzalige idee gekomen om van graven in mijn geboortestreek foto's te maken en de gegevens die daarbij horen te rubriceren en te publiceren? Is dat geen openbare grafschennis?

Rutger Kopland, die deze zomer overleed, schreef in zijn gedicht 'Tijd': "Het is vreemd maar ook vreemd mooi te bedenken/dat ooit niemand meer zal weten/dat we hebben geleefd". Waarom zou je dan überhaupt bij je doden stil willen staan op zo'n door jan en alleman verlaten knekelhof? Omdat de familie een flink bedrag heeft betaald voor de twee of drie vierkante meter aardbodem?

Als ze er niet zouden liggen, wat zou je dan aanmoeten met je toenemende vrije tijd, maar even zo zeer ook slinkend aantal resterende levensdagen? Het maakt je moeder of vader of wie ook niets uit dat je daar bent.

Je kunt er je verdriet uiten, een gesprek weer oppakken waar je een vorige keer gebleven was, of onbeantwoorde vragen opnieuw stellen. Het is meer voor je eigen gemoedsrust of om je geweten te sussen dat je er weer eens geweest bent.

Of misschien toch het meest voor de stilte die je nergens anders vindt - afgezien van het ruisen van de wind, een fluitende merel of een krakende tak. Die stilte wordt steeds meer bepaald door de ligging van de nieuwere begraafplaatsen, meestal buiten de bebouwde kom.

Anders dan vroeger, toen begraafplaatsen in, om of naast de kerk lagen, stoppen we de doden tegenwoordig het liefst zo ver mogelijk weg, op een terrein met een haag eromheen en een 'uitnodigende' tekst boven de ingang: 'Bedenk, we sterven'.

Als je er wél vaker naartoe ging, zou je dan ook meer aan je dierbaren denken? Vaker dan wanneer er bijvoorbeeld een urn in je raamkozijn zou staan? Die je elke dag ter hand kan nemen of waar je even aan kunt zitten om contact met de overledene te hebben. Wat weerhoudt je er eigenlijk van om vaker langs het graf te gaan?

De afstand kan het bezwaar niet zijn. Is het te veel moeite? Of wil je niet met de dood - je eigen levenseinde vooral - geconfronteerd worden, ook al gaat er geen dag voorbij dat die korter of langer onaangekondigd om het hoekje van je hersenpan komt kijken? Hoe je het ook wendt of keert, de dood is voorlopig altijd die van anderen. Of zoals Herman Brusselmans schreef: "Het kerkhof ligt vol met mensen die ooit gedacht hebben: gelukkig lig ik hier niet".

Ik geloof niet dat ik afwijkend gedrag vertoon door zo weinig naar een begraafplaats te gaan waar geliefden, maar vooral ook heel veel onbekenden liggen. Wanneer ik waar ook maar ergens zo'n dodenakker passeer, is er meestal geen levende ziel te bekennen. Kerkhoven, begraafplaatsen, het zijn geen populaire oorden. Behalve misschien op locaties waar oorlogshelden in lange rijen liggen uitgestrekt, jonge jongens die hun leven gaven voor onze vrijheid. Maar ook daar kun je je vraagtekens bij zetten, want zo onschuldig waren ze als slachtoffers van het geallieerde systeem nou ook weer niet. Het was beter geweest als ze hun leven niet hadden opgeofferd.

Zou ik zelf ergens in gewijde grond willen liggen? Wil ik dat anderen om de zoveel tijd aan mijn graf komen staan? Zeker niet is dat mijn vurige wens als je bedenkt dat je naast de vreemdste medemens kan komen te liggen, en als het lot het wil, zelfs naast je grootste vijand. Of minder erg: naast een vriendin van vroeger, alsof we elkaar alsnog gevonden hebben in de dood. Zou ik me nu al druk moeten maken als mijn vrouw en kinderen niet elke week huilend bij mijn tombe neerzijgen, haast snevend van verdriet?

Kom op zeg, zo bijzonder ben ik ook weer niet. Ik raak er steeds meer van overtuigd: begraafplaatsen zijn niet meer van deze tijd. De grond is kostbaar. Het gedoe eromheen eerder profaan dan sacraal. Het onderhoud een gemeenschappelijke belasting. Je moet haast een ziekelijke inborst hebben om wél aangetrokken te worden door zo'n verzameling zerken bij elkaar.

En dan te bedenken dat je eigenlijk al een poot bent uitgedraaid als je nog maar net je hielen hebt gelicht. Hetzij doordat een begrafenisverzekering niet toereikend is ondanks de premies die je jaar in jaar uit hebt afgedragen. Hetzij door de begrafenisondernemers, ook al zijn er bij die nu stunten met budgetpakketten vanwege de economische malaise: een uitvaart is er al vanaf 1150 euro. Hetzij door de geldelijke verplichtingen naderhand, waarmee je je nageslacht opzadelt. De fiscus laat ik nog maar even buiten beschouwing.

De Belgische mediapersoonlijkheid Wiet van Broeckhoven stelde aforistisch, maar terecht: "Wegens de stijgende kosten van het levensonderhoud zijn de tarieven op de begraafplaats verhoogd." Een graf moet immers zo lang mogelijk intact blijven, want de nabestaanden willen je natuurlijk het liefst voor eeuwig bij je houden, gedreven als ze worden door emotionele afhankelijkheid en kwetsbaar onvermogen.

Na dertig jaar is er misschien een kans dat ze je zelfs nog langer willen laten liggen, maar er komt een dag dat je geruimd wordt, want het nageslacht dat dan rondloopt, denkt helemaal nooit meer aan jouw aanwezigheid hier op aarde, aan jouw belang voor de familie of je betekenis voor de mensheid, en zeker niet als er geld op tafel moet komen om ruiming te voorkomen.

Iets anders schiet me te binnen: als je weet dat je min of meer noodgedwongen kiest voor crematie, kun je dan toch nog over je graf heen regeren? Wellicht zelfs uit milieuoverwegingen, ook al lijkt dat vloeken in de open lucht. Wat ik me ook nog afvraag: wanneer je door middel van euthanasie je lot in eigen hand denkt te kunnen nemen, waarom mag je dan niet zelf bepalen wat er met je stoffelijk overschot gebeurt?

Want liever niet in zo'n klinischcrematorium, als lopendebandwerk afgevoerd met mechanische muziek uit schrille boxen, not over my dead body...

Zo'n onnatuurlijke omgeving doet afbreuk aan elk gevoel van menselijk mededogen.

Maar er staan wetten in de weg en praktische bezwaren. In eigen grond is al een heikel punt. Je moet minstens een hectare hebben om dat te mogen doen, laat staan dat een lijkverbranding op eigen initiatief is toegestaan.

Het moet natuurlijk geen ecologisch rommeltje worden of een onhygiënische toestand. Niettemin, waarom niet meteen het heft in eigen handen genomen? Geen emotionele drukdoenerij of religieuze tegenwerpingen, financiële rompslomp achteraf, nauwelijks bureaucratische bedilzucht, geen onduurzame belasting van onze kostbare Umwelt. Laten we het zakelijk houden, en zuiver.

In de week na mijn thanatische uitstapje naar S. liep ik langs de rivier, ik struinde over strandjes en stapte door drassige uiterwaarden. Ik zag de pijp van de oude steenfabriek, al lange tijd buiten gebruik en klaar voor herbestemming. Zo te zien een verwilderde locatie, maar wel een ongekunstelde omgeving.

Ik weet wat ik wil: een brandoffer nabij het strand van de oude steenfabriek in Vuren (!) langs de Waal. Wat een arcadische plek! De schoorsteen kan na jaren weer roken. Na afloop gaat m'n as met de stroom mee in de richting van de zee. En vervolgens een afdronk op het leven in het nabijgelegen fort.

Zo kunnen er meer locaties komen waar je meer in, door en met de natuur één wordt met het Alles of Niets. Aan de rand van een bos, in het open veld, in de duinen of aan zee. Blijft één vraag over: wie regelt dat even binnen nu en pak 'm beet twintig jaar?

Begraven en cremeren in Nederland
Het exacte aantal begraafplaatsen in Nederland is vreemd genoeg onbekend. Volgens de een zijn er ruim tweeduizend 'actieve' begraafplaatsen. Daarnaast ruim duizend meest kleinere 'passieve' begraafplaatsen, waar nauwelijks of niet meer begraven wordt. Dodenakkers.nl noemt het getal 4300, waarvan er circa driehonderd gesloten zijn en honderd grotendeels geruimd. In Noord-Brabant bevinden zich de meeste, 647, en in Flevoland de minste, 21. De begraafplaatsen laten zich als volgt verdelen: gemeentelijk 1800, rooms-katholiek 900, Nederlands Hervormd 440, Joods 200, Gereformeerd 5.

Funerair deskundige Leon Bok stelt: "Ongeveer vijf procent van alle begraafplaatsen in Nederland is in particuliere handen, 224 in totaal. Dat wil zeggen dat niet een geloofsgenootschap, kerkelijke of burgerlijke gemeente het eigendom heeft. Sommige zijn in handen van families en liggen vaak ook op eigen erf. Een aantal wordt beheerd door bedrijven of stichtingen. Een van de bekendste is Driehuis-Westerveld, dat in handen is van De Facultatieve."

Het loopt per gemeente nogal uiteen hoeveel begraafplaatsen per inwoner er beschikbaar zijn. De gemeente Súdwest Fryslân heeft er 79; dat is één per 1041 inwoners. In de gemeente Lelystad moeten de 74.629 inwoners het met slechts één begraafplaats doen. Het gemiddelde ligt overigens voor heel Nederland op 3.863 inwoners per begraafplaats.

Er zijn zeventig crematoria, die vaak bij een begraafplaats zijn gevestigd. In 1968 werd in de Wet op de lijkbezorging crematie gelijkgesteld aan begraven. De Landelijke Vereniging van Crematoria werd in 1988 opgericht. Er waren toen 32 crematoria die samen ruim 51.000 crematies verzorgden. Zo'n 40 procent van alle overledenen werd in die tijd gecremeerd. Het aantal crematoria is sinds 1988 ruim verdubbeld. In 2003 werden in Nederland voor het eerst meer overledenen gecremeerd dan begraven (circa 72.000). In 2011 koos 58,4 procent van de 135.516 overledenen voor crematie.

Natuurbegraafplaats
Bij een natuurbegraafplaats staat het natuurlijk landschap centraal. Dit betekent dat er zo min mogelijk onderhoud en aanpassingen aan de natuurlijke omgeving worden gedaan. Er zijn geen strakke vakken, de graven liggen verspreid, op de plek die iemand uitkiest. Wel gelden er voorwaarden voor de grafbedekking. Ook die moet zo natuurlijk mogelijk zijn. Dus geen plastic bloemen, knuffels en andere versieringen. Een zwerfkei is het meest voorkomende gedenkteken.

De behoefte aan natuurbegraafplaatsen is groeiend. Maar op dit moment zijn er maar twee in Nederland, beide in particulier bezit. In een aantal gemeenten zijn wel initiatieven gestart om een natuurbegraafplaats te openen. Ook worden steeds vaker meer natuurlijke gedeelten ingericht op bestaande begraafplaatsen. Staatsbosbeheer is bezig met een onderzoek naar de mogelijkheden op hun grondgebied. Incidenteel wordt daar op verzoek wel as verstrooid, maar begraven is niet mogelijk. De bestaande natuurgebieden zouden daar ook niet voor in aanmerking komen, omdat de natuur daardoor verstoord zou worden. In nieuwe natuurgebieden zou het misschien wel kunnen. Ook een aantal landschapsstichtingen is momenteel actief betrokken bij het realiseren van natuurbegraafplaatsen.

Bron: www.doodeenvoudig.nl, www.lvc-online.nl en www.dodenakkers.nl

Jacques Kraaijeveld

heeft een tekstbureau voor bedrijfsleven, media en de publieke sector en is daarnaast schrijver van verhalen en poëzie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden